Sterren? Sterren heeft Rosenborg niet

In een wereld van moeilijkdoenerij en achterdocht die de voetballerij soms is, ademt Rosenborg Ball Klubben weldadige rust en openheid....

Gewichtigdoenerij? Pffff. Technisch directeur Rune Bratseth praat ronduit over de naar West- en Zuid-Europese maatstaven bescheiden salarissen (een kwart miljoen gulden) die Rosenborg betaalt en over de openheid waarmee hij conflicten uitvecht.

Even later opent trainer Nils Arne Eggen, bezig aan zijn achttiende seizoen (verdeeld over vier periodes) bij de club, zijn perspraatje met de opstelling voor het duel met Feyenoord. Waarom zou hij die voor zich houden?

Openheid en eerlijkheid, vertelt Bratseth, zijn de krachtbronnen van de club. Bij Werder Bremen, waar hij zijn beste jaren als voetballer sleet, ontmoette hij vaak egoïsme. De reserve zat te hopen dat de vaste kracht een fatale fout beging. Handelen achter de ruggen van collega's om was geen uitzondering, fouten toegeven zeldzaam. 'Hier wensen spelers elkaar oprecht succes, bankzitters of niet, en dat verlangen we ook van ze.'

Over openheid gesproken: het houten clubhuis van Rosenborg, op honderd meter van het stadion, is een zoete inval. Koffie staat in kannen op tafel, met een tapje voor zelfbediening. De muren hangen barstensvol kampioensfoto's, onderscheidingen en andere herinneringen. In een aanpalend tuinhuisje, gebouwd vanwege ruimtegebrek, werken twee administrateurs. Het onderkomen oogt vriendelijk en, bezien in het licht van het miljoenenspel dat de Champions League is, zo amateuristisch en ouderwets.

Rosenborg bouwt binnenkort een nieuw stadion, zonder atletiekbaan deze keer, maar niemand haalt het in zijn hoofd het clubhuis, met een pittoresk balkon op de eerste verdieping, af te breken en een modern kantoorpand te laten verrijzen. 'In dat clubhuis ligt onze ziel', zegt Bratseth. 'We zouden gek zijn als we die ziel zouden verjagen.'

Over de eerder aangehaalde conflictbeheersing zegt de voormalig international, die menig duel uitvocht met het Nederlands elftal: 'Bijna elke dag heb ik ruzie met de trainer. Dan kom ik bijvoorbeeld met een nieuw shirt aanzetten en dan vindt hij dat niet mooi. We maken dan ruzie, argumenteren, nemen een beslissing en zijn weer goede vrienden. Waarom zou je geheimzinnig doen over conflicten? Ze zijn er toch en je verliest niets door open te zijn.'

Rosenborg is een van de opvallendste clubs uit de jonge geschiedenis van de Champions League en dat is niet alleen omdat de ploeg voor de vijfde keer op rij meedoet. De resultaten voor de club uit het kleine voetballand Noorwegen zijn indrukwekkend: één keer is ten koste van AC Milan de kwartfinale gehaald. De laatste thuisnederlaag dateert van drie jaar geleden tegen FC Porto. Sindsdien is in stadion Lerkendal gelijkgespeeld tegen Juventus (twee keer 1-1) en gewonnen van onder meer Göteborg, Olympiakos, Galatasaray, Porto, Atletic Bilbao en Real Madrid, in het seizoen dat de 'Koninklijke' de Champions League won.

In de nationale competitie behaalde Rosenborg de laatste zeven kampioenschappen en het achtste staat voor komende weekeinde gepland.

Bovendien scoort de ploeg ongeveer drie keer per wedstrijd. Afgelopen weekeinde leverde het duel in Oslo tegen Skeid een zege van 7-1 op.

Tegen Brann Bergen is in de jaren 1996 en 1997 zelfs met 9-0 en 10-0 gewonnen. In een van die jaren schakelde Brann nochtans PSV uit in de Europa Cup. Hoe dat kan? Bratseth: 'Als het eenmaal gaat lopen, dan lóópt het ook. Rosenborg is de locomotief die andere clubs in Noorwegen, zoals Molde en Lillestrm, meetrekt.'

Het lijkt ook allemaal niet uit te maken dat telkens de beste spelers verdwijnen, meestal naar Groot-Brittannië. Rosenborg verkocht de laatste jaren onder anderen de topschutters Brattbakk (Celtic), Iversen (Tottenham) en Rushfeldt (Santander). Alleen Liverpool haalde vier voetballers bij Rosenborg weg: Leonhardsen, Heggem, Kvarme en Bjrnebye.

Bratseth lacht als hij vertelt dat de noordelijkst gelegen topclub van Europa altijd goedkoop kocht en duur verkocht. Heggem bijvoorbeeld verdween vorig jaar voor ruim tien miljoen gulden naar Liverpool. Hij had 30 duizend gulden gekost. Zo ongeveer gaat het steeds.

'Onze kracht is dat nieuwe spelers zich snel aanpassen. Het individu is ondergeschikt aan het collectief, daar let onze trainer ook sterk op. Sterren? Nee, sterren hebben we niet.'

Als opvolger van Rushfeldt haalde Rosenborg onlangs de pas 20-jarige John Carew, met zijn 1,95 meter net als een aantal ploeggenoten groot van stuk. Hij kostte ruim vijf miljoen gulden, een verpulvering van het clubrecord. 'Dat is een waanzinnig bedrag voor ons.'

Meer over