Columnpeter winnen

Spaken die het begeven vanwege oververhitte schijfremmen, in Keldermans wereld gebeuren die dingen nu eenmaal

null Beeld
Peter Winnen

‘Het is gewoon kut’, zo analyseerde Wilco Kelderman zijn zondag in de Giro. Als zulke woorden uit zijn mond komen, klinken ze nog zachtaardig. Wilco kan niet vloeken. In de intonatie omzwachtelde hij zijn tekst met de typisch Kelderiaanse onschuld: iets meer dan tien minuten aan de broek op de monsterlijke Blockhaus, het was maar een beetje kut, eigenlijk.

Toen hing hij een warrig verhaal op over de aard van de pech die hem nu weer was overkomen. Er knapte een spaak in zijn wiel, hij moest een paar keer van de fiets tijdens de afdaling naar de voet van Blockhaus, wat ik een magische naam vind voor een col die gewoon een ploert is. ‘Die schijfremmen werden heel heet en mijn spaken klapten gewoon door de druk’. Hij voegde er aan toe dat het een hele steile, supersnelle afdaling was.

Vloeken kan Wilco niet, verhalen vertellen des te beter. Spaken die het begeven onder de opgebouwde hitte van schijfremmen, het lijkt me uitgesloten. Maar in de wereld van Wilco gebeuren die dingen nu eenmaal.

Even, heel even, een paar seconden maar, bracht de televisieregie de achtervolging van Wilco in beeld. Voor hem een leeg koninkrijk; niemand van zijn ploeg wachtte hem op. Bij Bora-hansgrohe hebben ze zoveel (schaduw)kopmannen dat wachten geen optie was. Wie in koers-technisch opzicht op hem had moeten wachten, zat ver achter hem.

Poëtisch om te zien, die paar seconden borstcrawl door een symbolisch niets.

Kelderman is een onverklaarbaar fenomeen. Talent zat, maar op een of andere manier komt hij altijd in de schaduw terecht. Op deze plaats riep ik hem ooit uit tot de kampioen van de revalidatie. Voor sommige coureurs volstaat een palmares om ze in de wielergeschiedenis te plaatsen, Wilco voert met afstand de breukenranglijst aan. Revalideren is zijn vak, beter gezegd, pech is zijn vak.

Op Google zocht ik, voor een algemeen overzicht, naar Wilco’s pechcurve. Het deed me deugd te constateren dat hij ook wel eens viel ‘zonder erg’.

Ik had Kelderman gespeeld bij de bookmakers (voor het eindklassement van de Giro). Ik had me niet uit het veld laten slaan door het feit dat hij een paar weken eerder ter aarde was gestort (Luik-Bastenaken-Luik) en met een hersenschudding in de berm bleef liggen. Wanneer ik bij de bookmakers speel, ben ik meedogenloos in de verwachting.

De eerste Girodagen stemden me hoopvol. Wilco zelf was ook ingenomen met zijn progressie. Die paar dagen in Hongarije etaleerde hij zich als kopman onder de kopmannen van Bora-hansgrohe.

Boven op Blockhaus was het niet allemaal ‘kut’ voor Wilco. Ploegmaat Hindley die grauw zag als as won de etappe. Hindley kan de Giro winnen. Kan. Wilco moet bijbeunen.

‘Nu begint het pas’, sprak hij boven op de col. Het was er kil, mensen droegen gewatteerde jassen. Het klonk alsof hij zichzelf niet snel genoeg kon vergeten.

Meer over