Sercodak Dalfsen raakt vijf speelsters kwijt

Het is de meevaller van het jaar. Landskampioen zaalhandbal Sercodak Dalfsen raakt deze zomer slechts vijf speelsters kwijt. 'Vorig jaar waren dat er acht', zegt de zelf ook vertrekkende aanvoerder Esther Schop. Met acht nieuwelingen was Dalfsen voor het vijfde jaar op rij de sterkste ploeg van Nederland.

Debbie Bont tijdens het WK handbal in 2013. Bont is een van de speelsters die Dalfsen verlaat.Beeld AFP

'Elk jaar bouwen ze hier een nieuw team. Het is geweldig werk dat onze coach Peter Portengen verricht. Ik had voor dit seizoen ook wel zo mijn gedachten, maar we hebben zelden zo'n hecht team gehad', zegt uitblinkster Myrthe Schoenaker als in de volgepakte Elzenhagenhal de kampioensschaal van hand tot hand is gegaan.

Ook zij, meisje uit Olst, gaat het Vechtdal verlaten. Schoenaker vertrekt als gelouterde schutter naar Berlijn, naar Füchse, waar ze in de Bundesliga van haar schotkracht gebruik willen maken. Ze geldt nog als reserve bij de nationale ploeg, maar met bondscoach Henk Groener zondagmiddag als toeschouwer weet Schoenaker zich zeker van een snelle promotie.

De linkeropbouwspeelster heeft vier jaar bij Dalfsen doorgebracht. Het eerste jaar scheurde ze de kruisband. Daarna greep ze de rol, waar ze naar uitkeek. 'Het is nu tijd op te stappen en verder te gaan. Duitsland is een stap hogerop. Eerst Berlijn, dat ik net als Dalfsen als een mooie opstap beschouw.'

Transfers

Het vijftal dat opleidingsinstituut Dalfsen deze zomer verlaat is van hoge kwaliteit. Er zijn vier internationals bij: Esther Schop, Kelly Dulfer, Myrthe Schoenaker en Debbie Bont. De vijfde, de 20-jarige Inger Smits, is zo'n weergaloos talent dat zij via de ervaring bij haar nieuwe club, Oldenburg in het noordwesten van de Bondsrepubliek, de promotie naar de hoofdmacht van het Nederlands Handbal Verbond nauwelijks kan ontgaan. Smits speelde slechts twee jaar bij Dalfsen. Ze beschouwde de verhuizing uit Limburg naar Overijssel als een tussenstap.

De transfer van cirkelloopster Schop is de opvallendste. Zij liet goede kansen lopen in het verleden. Het gevoel was steeds 'niet goed'. Nu wel. De Noord-Hollandse handbalster gaat naar Nantes in Frankrijk. 'Ik heb in vier jaar tijd twaalf prijzen gewonnen. Elk jaar kampioen, het lijkt saai, maar het was elke keer anders. Nieuwe speelsters zijn hier altijd welkom. Je traint veel, je wint veel. Er zijn extraatjes met Europees handbal. Dalfsen is uniek.'

Dalfsen kent geen eigen jeugdopleiding, maar de staf van de club heeft een scherpe neus voor talent. Buitenlandse scouts kijken naar het vele Nederlandse handbaltalent dat voortkomt uit de Handbalacademie op Papendal (16 tot 19 jaar) en uit de strakke organisatie te Dalfsen, met manager René Cloo en coach Peter Portengen aan de knoppen.

Tussenstation

Cloo, sinds 2007 de grote drijvende kracht van de dorpsclub, somt elf namen op van speelsters die via zijn Dalfsen de grens over zijn gegaan. Isabelle Jongenelen, Angela Malestein, Wendy Smits, Martine Smeets, Lynn Knippenborg, Annick Lipman, Inger Smits, Kelly Dulfer, Esther Schop, Myrthe Schoenaker en Debbie Bont. Cloo: 'Ik zeg een aardig rijtje. Het zou zo maar een Nederlands (B-) team kunnen vormen.'

In de voetballerij zou Dalfsen binnenlopen op de transfersommen. In het handbal zijn de financiële paragrafen van een volkomen andere orde. Het is meestal overschrijvingsgeld van enkele duizenden euro's. Het mooie is dat speelsters de handen vrij hebben om hun eigen transfer voor te bereiden.

Ook Debbie Bont, terug in Nederland na twee jaar Leipzig vertrekt weer. 'Maar ik weet nog niet waarheen. Je traint hier acht keer per week. Dalfsen heeft een programma vergelijkbaar met de Duitse top.'

Coach Peter Portengen bevestigt dat hij deze middag zijn 24ste prijs als trainer heeft gepakt en geeft de redenen waarom alle handbalsters graag naar zijn club komen. 'We trainen het meest en we zijn het ideale tussenstation voor de echt grote stap, die naar het buitenland.'

Meer over