Ruin Calvaro springt sterren van de hemel

Hoe witter het vel, hoe populairder het paard. Zeker bij de duizenden jonge meisjes in het Scandinavium, de arena in Göteborg waar sinds 1979 paarden komen opdraven voor de finale van de strijd om de wereldbeker....

Van onze verslaggever

Martien Schurink

GÖTEBORG

Calvaro springt dan ook de sterren van de hemel. Donderdagavond eindigde hij, op niet al te grote afstand van Hugo Simons ET en Peter Geerinks Royal Bravour, als tiende in de openingsrubriek. Gisteravond, in de tweede rubriek, een klassiek concours over twaalf hindernissen, droeg de ruin zijn berijder, de Zwitser Willi Melliger, naar een plaats in de barrage. En uiteindelijk naar de zesde plaats in de eindrangschikking, weer achter Simon.

Milton was een aansteller die, hoewel al op jonge leeftijd ontmand, neigde naar nichterig gedrag. Hij wiegde met zijn heupen en gaf na een geslaagd optreden kopjes naar zijn fans. Calvaro, sinds drie jaar in het bezit van Melliger, is een heel ander type. Een 'kouwe knol' van elf lentes, die ingetogen zijn werk doet.

Wat dan zo bijzonder aan de ruin is? Op de eerste plaats zijn door en door witte huidskleur. En dan zijn kolossale postuur. Een meter en vijfentachtig centimeter is zijn schofthoogte, een dikke achthonderd kilo zijn gewicht. Twintig centimeter groter en minstens tweehonderd kilo zwaarder dan ET, het wondervosje van titelverdediger Hugo Simon. Niet voor niets wordt Calvaro in het hippische circuit ook wel de witte olifant genoemd.

Maar dan wel een olifant die springen kan. Die spot met de wet van de zwaartekracht. Die eleganter dan menig soortgenoot over oxers zweeft. En die, zoals ook gisteren in de barrage bleek, ook nog eens snel ter been is. Calvaro had amper vier seconden meer nodig dan ET en was maar een fractie minder snel dan Carthago, de schimmel van Jos Lansink.

Of Melliger in staat is Calvaro naar de wereldbeker te tillen, valt nog te bezien. Simon steekt in de vorm van zijn leven en lijkt met zijn ET onaantastbaar. En dan heb je ook John Whitaker nog, de nummer twee van het tussenklassement, die altijd weer tot verrassingen in staat is. Bovendien waagt niemand in de Zweedse paardenstad het om Peter Geerink uit de vlakken. De debutant uit de Achterhoek ligt met een derde plaats in het tussenklassement nog kansrijk in de race. Nelliger zal er zondag, de dag van de finale, met Calvaro nog hard aan moeten trekken.

De kleine Zwitser leerde de grote schimmel in de zomer van 1994 op een wel heel bijzondere manier kennen. Hij had een videoband gekregen van een Duitse zakenrelatie, met opnamen van een wel heel bijzonder paard, een Holsteiner, Calvaro geheten. Op een vrije zondagmiddag draaide Melliger de band af en hij kon zijn ogen niet geloven. Die enorme gestalte, dat niet minder enorme springvermogen, die lichtvoetigheid. Melliger was meteen verkocht. 'Het was liefde op het eerste gezicht.'

Al snel kwamen de eerste successen, zilver tijdens de Olympische Spelen van Atlanta, zilver in de wereldbekerfinale van 1996 in Geneve, en al snel kwamen de eerste kooplustigen. Koning Hussein van Jordanië, wiens dochter Haya een getalenteerd amazone heet te zijn, was een van hen. Hij deed een bod van zes miljoen franken, maar de eigenaren, de Zwitserse broers Theiler en Melliger, wilden er niet van horen. Melliger: 'Calvaro is een uniek dier. Alleen daarom al is hij niet te koop, nu niet en nooit niet.'

Dat is dan sneu misschien voor, om maar een willekeurig supporter van Calvaro te noemen, een man als Henk van de Pol. De Eindhovenaar maakte gisteravond op de rug van Juriquilla zoveel brokken dat hij zijn viervoeter niet mag zadelen voor de finale van zondag. Piet Raymakers (met Emerald) en Wout Jan van der Schans mogen dat nog net wel. Maar hun achterstand is zo groot dat ET, Royal Bravour en ook de witte olifant van Melliger zich geen zorgen hoeven te maken.

Meer over