Ruckstuhl maakt rentree

Karin Ruckstuhl maakt na anderhalf jaar haar rentree, maar begint uit voorzorg voorlopig niet aan haar specialisme.

Ze waagde zich bij haar rentree aan slechts één onderdeel, een karige score voor een gedreven zevenkampster.

Maar Karin Ruckstuhl lachte vrolijk na een sprint van 150 meter tijdens de Ter Specke Bokaal in Lisse. De kop was eraf. Anderhalf jaar nadat ze geblesseerd uitviel bij de WK atletiek in het Japanse Osaka had ze weer eens een wedstrijd voor publiek volbracht: in 18,36 seconden, drietiende seconde langzamer dan haar persoonlijke record (18,03).

‘Ik moet nog iets beter dóórlopen’, zei de Nederlands recordhoudster op de zevenkamp, die in 2006 bij de EK atletiek en de WK indoor zilver veroverde, en in 2007 brons pakte bij de EK indoor. ‘Het laatste stuk moet nog beter. Ik moet nog wennen aan de topsportbelasting.’

Een rentree als zevenkampster laat nog even op zich wachten. Ruckstuhl zal zich pas volgend jaar weer wagen aan de allrounddiscipline. Uit voorzorg. En omdat er dit jaar voor haar weinig te winnen valt.

Nog voordat ze vorig jaar had kunnen terugkeren van haar enkelblessure werd ze geveld door de volgende kwaal: een hernia. Ze moest aan haar rug worden geopereerd en moest noodgedwongen afzeggen voor deelname aan de Olympische Spelen van Peking, het doel waar ze vier jaar lang naartoe had geleefd. Ze werd gezien als een medaillekandidaat. ‘Dat was even omschakelen’, zei ze broodnuchter in Lisse. De teleurstelling over dat moment is verwerkt.

De revalidatie kostte de 28-jarige atlete veel tijd. Aanvankelijk mocht ze zelfs niet hardlopen. Pas tijdens de Spelen mocht ze voorzichtig beginnen met dribbelen. Sinds januari voelt ze zich weer een atlete die serieus in training is.

Ruckstuhl had haar zinnen gezet op de meerkamp, maar op advies van haar arts Peter Vergouwen en haar trainer Ronald Vetter is ze daarop teruggekomen. Normaal gesproken begint haar voorbereiding op het nieuwe seizoen al in september. Ze heeft dus een trainingsachterstand. ‘Waarschijnlijk kan ik de WK-limiet wel halen, maar ik heb niet het niveau om mijn persoonlijk record te verbeteren, of om een medaille te winnen’, aldus haar analyse. ‘Er valt dus weinig te winnen.’

Te verliezen is er daarentegen veel als ze zich dit seizoen zou wagen aan de zevenkamp. Ze zou mogelijk opnieuw last van haar rug kunnen krijgen als ze twee dagen achter elkaar ‘knaldingen’ gaat doen. Vooral kogelstoten, speerwerpen en hoogspringen zijn belastend voor de rug. ‘Ik ben erachter gekomen dat het voor mij niet veel voordelen heeft om me dit jaar op de meerkamp te richten, behalve dat het leuk zou zijn. In de atletiek moet je fit zijn. Het is geen balsport, waar je op inzicht nog ver kunt komen.’

Met haar arts en trainer is Ruckstuhl tot de slotsom gekomen dat ze dit jaar zinvoller kan besteden, juist met het oog op haar toekomst als zevenkampster. Ze laat tot september de werponderdelen links liggen en gaat zich toeleggen op het verbeteren van haar snelheid. De zevenkamp bestaat vooral uit explosieve onderdelen. ‘Snelheid is de basis van bijna alle onderdelen op de zevenkamp. Zelfs de 800 meter gaat beter als je sneller bent.’

Ruckstuhl zal zich deze zomer vooral bij kleinere Nederlandse wedstrijden laten zien op de sprint en het hordelopen. Maar ze heeft het WK in Berlijn, in augustus, niet geheel uit haar hoofd gezet. Ze hoopt daar te kunnen meedoen als verspringster. De kwalificatielimiet (6.60) is vier centimeter minder ver dan haar persoonlijke record (6.64). Voor de WK in Osaka wist ze zich twee jaar geleden ook als verspringster te plaatsen, al deed ze uiteindelijk niet mee.

‘Het is voor mij belangrijk een wedstrijddoel te hebben. Als je al zo lang alleen maar aan het trainen bent, is het motiverend om weer een prestatie te willen neerzetten. Verspringen op het WK is voor mij een uitdaging, al zal ik er niet alles voor aan de kant zetten mocht ik weer fysieke klachten krijgen.’

Ruckstuhl gaat ervan uit dat haar lichaam heel blijft, al beseft ze dat er weinig zekerheden zijn. Ze heeft niet eerder moeten terugkomen van een gemene blessure als een hernia. Ze kan dus moeilijk inschatten of het zwaar zal zijn om terug te keren aan de wereldtop.

De honger naar topatletiek voelt ze wel. Ze is uit vrije wil teruggekeerd naar het sobere topsportleven, ook al heeft ze meer dan ooit kunnen ruiken aan andere zaken van het leven.

Ze heeft meer tijd kunnen besteden aan haar promotieonderzoek (over schuivende aardlagen), ze heeft voor hulporganisatie Right to Play de Alpe d'Huez beklommen en ze is voor dezelfde organisatie in Ghana geweest. Daar heeft ze onder meer atletiektrainingen gegeven. ‘Ze hadden daar geen kogels en speren, dus gebruikten ze kokosnoten en takken met een spies. Ze waren geweldig enthousiast. Op de sprintnummers werd ik eruit gelopen.’

Ruckstuhl geeft voorlopig weer voorrang aan de atletiek. Ze heeft haar vizier gericht op de Olympische Spelen van Londen, in 2012. Dat moeten haar tweede Olympische Spelen worden. ‘Ik heb gemerkt dat er ook andere leuke dingen in het leven zijn. Maar mijn motivatie is in ieder geval niet minder geworden door er een jaar uit te zijn. Ik heb misschien wel meer dan ooit de keuze gemaakt om voor de sport te gaan. Ik voel me gefocust.’

Meer over