InterviewGijs Ronnes

Ronnes wil van het conservatisme in het judo af: ‘We moeten iets anders doen’

Met twee Europese titels, twee zilveren medailles en een bronzen plak kenden de Nederlandse judoka’s uiterst succesvolle Europese kampioenschappen in het Bulgaarse Sofia. Het moet volgens Gijs Ronnes, de nieuwe directeur topsport van de judobond, de opmaat zijn naar meer medailles op belangrijke momenten, zoals de Olympische Spelen van Parijs 2024 en Los Angeles in 2028.

Guus Peters
Jur Spijkers werd kampioen in de klasse boven de 100 kilo. Beeld ANP
Jur Spijkers werd kampioen in de klasse boven de 100 kilo.Beeld ANP

Volgens Ronnes, voormalig beachvolleybalbondscoach, is een andere aanpak nodig voor nieuw Nederlands judosucces. Veel Nederlandse judoka’s mogen dan in hun gewichtsklasse al jarenlang in de top-10 van de wereldranglijst staan, maar bij de laatste twee Olympische Spelen - veruit het belangrijkste toernooi in het judo - was de medailleoogst schraal: één bronzen plak voor Anicka van Emden in Rio (2016) en dezelfde kleur medaille voor Sanne van Dijke, afgelopen zomer in Tokio. Ronnes meent dat er een wereld te winnen is in een sport die toch vooral als behoudend bekendstaat.

Weet waar je aan begint, werd hem gewaarschuwd toen hij in januari bij de judobond begon en te kennen gaf de boel flink te willen opschudden. Als bondscoach van de beachvolleyballers werd onder zijn leiding het programma van de mannen wereldwijd toonaangevend, met een wereldtitel en bronzen medaille op de Spelen als tastbaar bewijs. Bij de judobond wil hij hetzelfde bereiken, al merkte hij in de eerste maanden dat die sport anders in elkaar steekt.

Natuurlijke reflex

In de conservatieve wereld van judo is vechten de natuurlijke reflex. Zowel op de mat als daarbuiten. Fysiek of verbaal. Het is aanvallen of verdedigen. Brute kracht boven het mentale aspect, terwijl Ronnes meer wil inzetten op het laatste thema. ‘De een staat daar meer voor open dan de ander.’

Uit de olympische evaluaties van Rio en Tokio kwam opvallend genoeg dezelfde conclusie bovendrijven: vooral op mentaal vlak lieten de judoka’s het afweten. Ze stonden er niet op het moment dat het moest. Bezweken onder de druk of niet goed voorbereid? Ronnes durft het niet te zeggen, hij was er niet bij. ‘Maar als je twee Olympische Spelen op rij dezelfde conclusie trekt, vraag ik me af wat in die vijf jaar daartussen is gedaan.’

Jur Spijkers heeft de Duitser Johannes Frey in de finale houdgreep. Beeld AFP
Jur Spijkers heeft de Duitser Johannes Frey in de finale houdgreep.Beeld AFP

De tegenvallende prestaties hebben ervoor gezorgd dat NOCNSF de jaarlijkse subsidie met een paar procent heeft teruggeschroefd. In 2021 ontving de judobond van de nationale sportkoepel bijna 1,7 miljoen euro, het overgrote deel van het topsportjaarbudget. Geld dat hard nodig is om een kwalitatief hoogwaardig topsportprogramma te kunnen draaien.

‘Voor mijn gevoel ligt de nadruk te veel op het moeten presteren, omdat de geldkraan anders dichtgaat. Dat zorgt voor een soort verkramping’, aldus Ronnes, die in zijn eerste drie maanden als directeur topsport naar eigen zeggen vooral gesprekken voerde en observeerde. ‘In plaats daarvan moeten we iets anders doen.’

Lef tonen

In de woorden van de directeur topsport betekent dat lef tonen. Op je bek durven gaan om vervolgens weer op te staan. Nieuwe dingen doen die nog nooit zijn gedaan. ‘De judosport is vrij behoudend. Maar als we doen wat we blijven doen, winnen we de komende Spelen weer maar één bronzen olympische medaille en gaat de geldkraan ook langzaam dicht.’

Met zijn nieuwe aanpak wil Ronnes inzetten op de wetenschap en kennis van experts, met een multidisciplinaire coach als ‘spin in het web’. In de ogen van de directeur topsport dient de coach kennis te hebben op meerdere vlakken, zoals tactiek, techniek, fysiek en mentaal. Mocht die kennis niet ver genoeg reiken, dan moet hij experts kunnen inschakelen.

Gijs Ronnes  Beeld Judo Bond Nederland
Gijs RonnesBeeld Judo Bond Nederland

Ronnes geeft een voorbeeld: ‘Als een judoka niet presteert onder druk, gaat hij één keer per week naar een psycholoog om erover te praten. De coach verdwijnt dan helemaal uit beeld, terwijl de psycholoog de coach juist van input moet voorzien, zodat die presteren onder druk dagelijks in de training kan laten terugkomen. Met één gesprek per week red je het niet.’

Programma tegen het licht houden

Zo wil Ronnes het hele programma tegen het licht houden, al beseft de directeur topsport dat hij als buitenstaander voorzichtig te werk moet gaan. ‘Ik kom hier in een cultuur die ik moet en wil respecteren, maar die cultuur mag de ontwikkeling van de judoka’s niet in de weg staan. Ik wil ben geen expert, maar wil wel weten waarom we bepaalde dingen doen. Ik verwacht van de coaches dat zij antwoorden hebben op de vragen die ik stel.’

Voor de Olympische Spelen van Parijs heeft de judobond drie medailles als doel gesteld. Tot die tijd moet Ronnes iedereen met de neus dezelfde kant op zien te krijgen. ‘Ik ben gewend om samen tot iets moois te komen, maar wie weet ben ik over een paar jaar wel gedesillusioneerd.’

Twee keer goud

De Nederlandse judoka’s Michael Korrel en Jur Spijkers hebben hun eerste EK-finale bezegeld met een gouden medaille. De 28-jarige Korrel won in de categorie tot 100 kilogram in de verlenging van een slopende finale van de Pool Piotr Kuczera. Spijkers rekende in de finale bij zwaargewichten (boven de 100 kilogram) af met de Duitser Johannes Frey.

De 25-jarige Tilburger werd in 2020 al eens zevende op de EK, maar moest de afgelopen jaren in zijn gewichtsklasse Roy Meyer en Henk Grol voor zich dulden. Grol zette afgelopen zomer een punt achter zijn carrière. Meyer pakte brons in Sofia, door de Hongaar Richard Sipocz te verslaan.

Korrel veroverde al eens brons op de EK (2016) en WK (2019). Op de Olympische Spelen van Tokio, afgelopen zomer, verloor hij zijn eerste partij.

Bij de vrouwen wist Sanne van Dijke haar Europese titel niet te prolongeren. In de finale tot 70 kilogram moest ze haar meerdere erkennen in de Française Marie-Ève Gahié en genoegen nemen met zilver. Ook Guusje Steenhuis ging in de categorie tot 78 kilogram naar huis met de zilveren medaille. De 29-jarige judoka reikte al vier keer eerder tot de finale van het EK, maar het lukte haar nog niet de titel te veroveren.

Meer over