Nieuws

Ronde van Spanje begint volgend jaar alsnog in Utrecht

La Vuelta komt alsnog naar Nederland. De Spaanse wielerronde begint in 2022 met een ploegentijdrit in Utrecht. Daarna doet de koers ook Noord-Brabant aan.

Oud-winnaars Joop Zoetemelk en Jan Janssen op het podium tijdens de bekendmaking van de Nederlandse routes van de Vuelta in 2020. Beeld ANP
Oud-winnaars Joop Zoetemelk en Jan Janssen op het podium tijdens de bekendmaking van de Nederlandse routes van de Vuelta in 2020.Beeld ANP

Aanvankelijk zou de Ronde van Spanje vorig jaar al in Utrecht beginnen, maar dat ging vanwege de coronapandemie niet door.

Woensdag maakte de organisator van de Vuelta bekend de start volgend jaar alsnog aan Utrecht toe te kennen. Daarmee wordt Utrecht de eerste stad ter wereld die als startplaats van alle drie de grote wielerrondes diende. In 2010 begon de Giro d’Italia er, vijf jaar later de Tour de France.

De Vuelta zal volgend jaar augustus beginnen met een ploegentijdrit door Utrecht. Daarna volgt een etappe van Den Bosch naar Utrecht en een etappe door West-Brabant, met start en finish in Breda. De exacte data zijn nog niet bekend.

‘Het is een lang gekoesterde wens om in het fietsland Nederland te starten’, zegt koersdirecteur Javier Guillén. ‘Nederland staat bekend om haar organisatiekracht en ik weet zeker dat we, ook gezien de huidige situatie, erin kunnen slagen om het evenement op een goede en vooral veilige manier kunnen organiseren.’

Bijpassen

Oorspronkelijk was 14,3 miljoen euro begroot om de Vuelta naar Nederland te halen. Vanwege het uitstel komt daar nu nog 1,5 miljoen euro bij. De helft daarvan komt van publieke partijen: de gemeente Utrecht en de provincie Utrecht passen elk 250 duizend euro bij. De gemeenten Breda en ’s Hertogenbosch en de provincie Noord-Brabant leggen samen 250 duizend euro bij.

De verwachte inkomsten van een dergelijk evenement zijn lastig in te schatten, zegt directeur Martijn van Hulsteijn van La Vuelta Holanda. ‘Een wielerevenement is gratis toegankelijk’, zegt hij. ‘Er zijn geen inkomsten uit kaartverkoop, zoals bijvoorbeeld bij het EK voetbal.’

Wel heeft de organisatie berekend dat ondernemers in de organiserende steden op wedstrijddagen tussen de 12 tot 14 miljoen euro aan ‘additionele opbrengsten’ kunnen bijschrijven: opbrengsten die ze zonder de Vuelta niet hadden gehad.

Daar komen de opbrengsten nog bij van mensen die later nog eens terugkeren naar een van de steden, zegt Van Hulsteijn. ‘En van mensen die etappes op tv kijken en daar zien dat Utrecht, Den Bosch en Breda fantastische steden zijn. Na de Tourstart in 2015 heeft Utrecht nog jarenlang veel meer toeristen getrokken.’