Analyse

Real Madrid en de wederopstanding van de dertigers

Vier jaar geleden won Real Madrid voor het laatst de Champions League. Dinsdagavond gaat de Koninklijke in de halve finale tegen Manchester City op jacht naar nieuw succes onder aanvoering van drie eerder afgeschreven oudgedienden. ‘Boven alles zijn Kroos, Modric en Benzema slimme stilisten.’

Bart Vlietstra
Karim Benzema (l) en Luka Modric bij Real Madrid in hun tweede jeugd. Beeld REUTERS
Karim Benzema (l) en Luka Modric bij Real Madrid in hun tweede jeugd.Beeld REUTERS

‘Sí, se puede!’ klinkt het in stadion Bernabéu, sinds dit voorjaar. ‘Ja we kunnen het!’

De verbouwing van het iconische, hoogtevreesopwekkende stadion van Real Madrid is nog niet helemaal voltooid. Maar de sfeer is er opperbest, want Real Madrid is weer Real Madrid, soeverein op weg naar de landstitel die komend weekeinde al binnengehaald kan worden en opgerukt naar de halve finale van de Champions League ten koste van twee topfavorieten, Paris Saint-Germain en Chelsea. Dinsdagavond wacht topfavoriet nummer 3, Manchester City, een week later is de return in Bernabéu waar zich dit seizoen al menig mirakel voltrok.

Net als het stadion bevat ook de ploeg nieuwe elementen, doch de hoofdrollen zijn voor de door velen al afgeschreven oudgedienden Luka Modric (36), Karim Benzema (34) en Toni Kroos (32). Met Carvajal (30), Casemiro (30), Bale (32), Isco (30) en aanvoerder Marcelo (33) zijn zij het restant van een ploeg die tussen 2013 en 2018 vier Champions Leagues won.

Koninklijke tijdvak

In dat Koninklijke tijdvak opereerden zij veelal in de schaduw van Cristiano Ronaldo. Toen de Portugees vertrok in de zomer van 2018, gevolgd door de ondubbelzinnige uitschakeling in de achtste finales van de Champions League door Ajax leek het over met deze generatie Galácticos.

Meer dan een (door scheidsrechterlijke dwalingen) omstreden landstitel kwam er sindsdien niet bij in de uitpuilende trofeeënruimte onderin het monumentale stadion. Afgelopen zomer trokken twee andere blikvangers, Varane en Ramos, verder, terwijl Bale, Isco en Marcelo hooguit invaller zijn.

Gerommel en geruzie was er genoeg door de jaren heen. Modric wilde naar Inter, maar moest blijven. Benzema had mot met toute Frankrijk en hekelde openlijk het inzicht van de jonge Real-aanvaller Vinicius. Kroos klaagde over de loonsverlaging die Real tijdens de coronapandemie doorvoerde.

Dure renovatie

Weinig tot niets werd verwacht van Real dit seizoen. Coach Zidane, verantwoordelijk voor drie Champions Leaguetitels op rij, haakte af in de zomer, voorzitter Pérez haalde Ancelotti terug, hoewel de 62-jarige Italiaan in de tussentijd nauwelijks succesvol was geweest. Verder hield Pérez voor de derde zomer op rij de hand goeddeels op de knip, de coronapandemie en de renovatie van Bernabéu waren duur genoeg. Na het hopeloos floppen van Hazard en Jovic (die bij elkaar zo’n 180 miljoen hadden gekost) gelooft hij bovendien niet meer in het uitgeven van grote transfersommen, liever spaart hij voor de salarissen van transfervrije topspelers, zoals Alaba en komende zomer Rüdiger en waarschijnlijk Mbappé.

Dat Real vlot wegliep in de competitie komt mede door de (financiële) problemen bij eeuwige rivaal Barcelona en de terugval van kampioen Atlético. Maar voor de koning van Europa (13 Cups) telt vooral de Champions League, vanwege de historie en het geld.

Real begon slecht, met een vernederende thuisnederlaag tegen het Moldavische Sheriff Tiraspol in de poulefase. En in de achtste finale werd een ultradefensief Real in Parijs weggeblazen door Paris Saint-Germain.

De magie van Bernabéu

Maar na het laatste thuisduel voor de return tegen PSG klonk na een ijzersterk optreden tegen Real Sociedad voor het eerst: Si se puede. En ja, Real kon het, zelfs na opnieuw een uur lang overhoop te zijn gevoetbald door PSG en dan met name door de begeerde wervelwind Mbappé. In het laatste half uur was er plots wat Ancelotti omschreef als ‘de magie van Bernabéu’. In de oude, getekende lijven kwam een oerkracht los. Benzema scoorde driemaal, de tweede keer op aangeven van de onvermoeibare Modric.

De wedstrijden tegen Chelsea waren zo mogelijk nog bizarder. Benzema die de titelhouder al in Londen leek te vermorzelen: 1-3. Chelsea dat in Bernabéu op 0-3 kwam. Kroos die gewisseld werd en woedend was. Modric in wiens gezicht een steeds indrukwekkender lijnenspel zichtbaar was, maar die er alsnog een fantastische assist met buitenkant voet uitperste op de ingevallen Rodrygo - uitgerekend Rodrygo, die de vijftien jaar oudere Modric altijd liefkozend ‘papa’ noemt. Benzema die met een hand in het verband speelde, vaak met een grimas naar zijn buik greep, op het laatst alleen nog kon strompelen, maar in de verlenging toch de winnende maakte.

Rafael van der Vaart, oud-ploeggenoot van Modric, Marcelo en Benzema verbaast zich over de wederopstanding van de dertigers. ‘Benzema was vroeger echt te zwaar, Marcelo een flierefluiter en Modric liep altijd heel erg veel. Maar ze hebben gezinnen gekregen, rust in hun hoofd en zien er retestrak uit. Ze willen geen afscheid nemen, beseffen dat voetballen het allermooiste is. Zeker als je wint.’

Onoverwinnelijk

Verder krijg je in dat witte shirt in dat grote stadion toch altijd iets onoverwinnelijks over je, weet Van der Vaart die twee jaar bij Real speelde. ‘Maar boven alles zijn Kroos, Modric en Benzema slimme stilisten. Mooi dat die voetballende klasse in de huidige voetbalwereld vol hardlopers en krachtpatsers toch weer komt bovendrijven.’

Ancelotti benadrukte in de Spaanse pers een ander talent, de gave om te lijden. ‘Hoe meer we lijden, hoe vrolijker ik word.’

Meer over