'Rassprinter' Jesse Puts zwemt op kracht

Zwemmer Jesse Puts is wereldkampioen op de 50 meter vrije slag. Kan hij dat ook worden op het koningsnummer, de 100 meter? 'Ik wil altijd zo snel mogelijk gaan.'

Jesse Puts na zijn winnende race op de 50 meter vrije slag. Beeld EPA
Jesse Puts na zijn winnende race op de 50 meter vrije slag.Beeld EPA

Of hij zijn eiwitshake buiten wil opdrinken, vraagt een kantinemedewerker in het Haagse Hofbad zwemmer Jesse Puts. Haar baas ziet liever niet dat aan zijn tafels meegebrachte consumpties worden genuttigd. Nee, de status van nationale bekendheid heeft de eerste Nederlandse wereldkampioen op de 50 meter vrije slag nog niet.

Dat is ook niet iets wat hij ambieert. Puts staat op, drinkt voor de deur zijn shake op en stapt weer naar binnen. Wars van gebaande paden werkt hij toe naar zijn droomdoelen.

Vier maanden geleden verraste de 22-jarige Utrechter de zwemwereld door in zijn eerste grote finale op de WK kortebaan in het Canadese Windsor naar goud te zwemmen. Een week later zwom hij in het prestigieuzere olympische 50-meterbad in Amsterdam met 21,82 een Nederlands record op de 50 vrij. Dankzij die toptijd plaatste hij zich eerder dan gepland voor de WK langebaan in Boedapest in juli.

Op de Swim Cup in Den Haag kon Puts daarom afgelopen weekeinde 'wat oefenen'. Hij had net een periode met veel duurtraining achter de rug. Puts: 'Ik ben moe. De explosiviteit is momenteel drie keer niks.' Hij won zaterdag de 50 meter vrij in een tijd die zo'n zes tienden van een seconde langzamer was dan zijn Nederlands record.

Puts is nuchter over zijn veranderde aanzien als wereldkampioen. Hij traint nog op dezelfde manier, in dezelfde omgeving. Niet onder de vleugels van de zwembond in een van de twee zwemhoofdsteden - Amsterdam en Eindhoven - maar bij zwemclub Aquarijn in Nieuwegein. Natuurlijk zijn er dingen veranderd. Er zijn meer journalisten die hem willen spreken.

Die stellen hem geregeld de 100 meter-vraag. 'Ook voordat ik wereldkampioen werd, hoor', zegt hij lachend. Want de 100 meter vrij is het koningsnummer in het zwemmen. Op die afstand werd Pieter van den Hoogenband na goud op twee opeenvolgende Spelen een zwemlegende. Het is een nummer waarin een 50 meterzwemmer als Puts kan uitblinken.

Vraag het maar aan Ranomi Kromowidjojo. Zij werd op de Spelen van Londen in 2012 op beide nummers olympisch kampioen. In Den Haag plaatste Kromowidjojo (26) zich op zowel de 50 als 100 meter vrij voor de WK in Boedapest. Volgens haar is de ene afstand fysiek niet veel zwaarder dan de ander. 'Als ik het goed doe, verzuur ik op beide niet', zegt ze.

Ranomi Kromowidjojo wint de women's 50m Freestyle Final, Canada, december 2016. Beeld epa
Ranomi Kromowidjojo wint de women's 50m Freestyle Final, Canada, december 2016.Beeld epa

Rassprinter

De verschillen zitten volgens haar meer in het verloop van de races; een afstand moet in 'het systeem' geslepen worden. Kromowidjojo: 'Bij een 50 meter moet alles kloppen, het is explosiever. Een 100 meter is tactischer en je hebt er wat meer inhoud voor nodig.' Ze kiest voor de nummers omdat ze beide 'heel leuk' vindt.

Dat is een verschil met Puts, die ze een 'rassprinter' noemt. 'Jesse zwemt op kracht', zegt Kromowidjojo. Als hij blijft focussen op de 50 meter en nog wat aan zijn techniek slijpt, ziet ze hem de top halen. In Den Haag zwom Puts ook de 100 meter vrij. Niet omdat hij zich die afstand wil eigen maken, benadrukt hij, maar 'om de laatste tien meter van de 50 beter te kunnen volhouden'.

Puts heeft weinig met het prestige van het koningsnummer. 'Voor mij is de 100 meter gewoon minder spectaculair. De 50 meter is sneller en ik wil altijd zo snel mogelijk gaan', zegt hij. Zijn droomdoel heeft hij helder voor ogen: als eerste 50-meterzwemmer onder de twintig seconden duiken op de kortebaan. Dat betekent dat hij in het 25-meterbad 1,06 seconde moet winnen op zijn beste tijd van 21,05. Op de langebaan is 1,83 seconde nodig. Dat is mooier dan olympisch goud, vindt hij. Het wereldrecord op de kortebaan is 20,26.

Jesse Puts tijdens de 50 meter vrije slag Beeld anp
Jesse Puts tijdens de 50 meter vrije slagBeeld anp

Puts weet wat hij wil. Bondscoach Marcel Wouda wil zijn zwemmer niet eigenzinnig noemen. 'Hij is een jongen met een plan', zegt Wouda. Hij is tevreden over zijn ontwikkeling. De coach roemt Puts toewijding, start en onderwaterfase. Wouda laat hem vrij in de keuzes voor zijn nummer en trainingsplek: 'Jesse voelt zich prettig in Nieuwegein. We ondersteunen hem zo veel mogelijk.'

Puts is ambitieus, maar ook realistisch. Want die wereldtitel was leuk, tot de absolute top behoort hij nog niet. Puts: 'Ik laat me niet gek maken door die ene medaille. Op de langebaan bezit ik nu de tiende tijd. Op de kortebaan de vierde. Ik moet nog heel wat winnen voordat ik het een Florent Manaudou kan lastig maken.'

Als hij dat niveau haalt, komt de 100 meter misschien in beeld. 'Dan kan ik het me veroorloven', zegt hij. 'Nu zijn die laatste 25 meter nog killing voor mij. Als ik die wil trainen, moet ik dingen anders gaan doen. Anders wordt het op beide afstanden een net-niet-verhaal.'

Kromowidjojo

Ook Ranomi Kromowidjojo en Femke Heemskerk plaatsten zich zondag bij de Swim Cup in Den Haag voor de WK zwemmen in Boedapest in juli. Op de 100 meter vrije slag voldeden ze aan de limiet van 54,15. Kromowidjojo was de snelste in de series in 53,87. Heemskerk kwam tot een tijd van 54,12. Kromowidjojo plaatste zich ook op de 50 meter vrije slag, Heemskerk op de 200 meter vrije slag.

Meer over