nieuws

Rampdag voor Jumbo door valpartijen: Roglic zakt naar 20ste plaats, Gesink stapt af

Net als in 2009, 2012 en 2017 zit de Tour voor Robert Gesink er na een crash op. Ook zijn kopman Primoz Roglic viel. Die verloor kostbare tijd, maar zal dinsdag starten.

Robert Gesink zit gedesillusioneerd op een muurtje langs de kant van de weg. Hij liep een gebroken sleutelbeen op en voelde onmiddellijk dat weer opstappen geen zin had.  Beeld AFP
Robert Gesink zit gedesillusioneerd op een muurtje langs de kant van de weg. Hij liep een gebroken sleutelbeen op en voelde onmiddellijk dat weer opstappen geen zin had.Beeld AFP

Ritwinnaar Tim Merlier was al 1 minuut en 21 seconden binnen in Pontivy toen Primoz Roglic in een aan flarden gesleurd tenue de finish over rolde, omringd door eveneens gehavende ploeggenoten van Jumbo-Visma. Het was een rampdag voor Jumbo-Visma.

Voor Roglic ging het mis op 10 kilometer voor de aankomst, toen Italiaans kampioen Sonny Colbrelli in het voortrazende peloton plots naar links uitweek en de Sloveen de stenige berm in kegelde, met in zijn kielzog een aantal van diens ploeggenoten, onder wie Steven Kruijswijk.

Gezamenlijk probeerden de mannen van Jumbo-Visma daarna om Roglic weer naar de kop van de koers te loodsen, maar daarin slaagden ze niet in de chaotische finale, die door nog twee valpartijen werd ontsierd. Van de vierde plaats in het algemeen klassement zakte de Jumbo-Visma-kopman naar de twintigste.

Na afloop klaagde de 31-jarige Sloveen over pijn aan zijn staartbeen, controle in het ziekenhuis wees uit dat er van ernstige verwondingen geen sprake was. ‘Niets is gebroken’, liet Roglic via social media weten. ‘Maar ik lig wel helemaal open.’

Kruijswijk moest eveneens naar het hospitaal om zijn middelvinger te laten hechten.

Dat er valpartijen dreigden in de laatste kilometers was geen verrassing. Dat is altijd zo in de nerveuze eerste dagen van de Tour, zeker als met een massasprint in het vooruitzicht de 180 renners dicht op elkaar en met hoge snelheid op de finishplaats afstormen. Maandag maakten de smalle bochtige wegen de finale nog gevaarlijker.

Daarom had een aantal ploegen gevraagd of de tijden voor het algemeen klassement 5 of zelfs 8 kilometer voor de aankomst zouden kunnen worden opgenomen. Normaal gesproken gebeurt dat bij vlakke etappes op 3 kilometer van de finish. Wie daarna nog onderuit gaat of gehinderd wordt door een valpartij, krijgt dezelfde eindtijd als de winnaar. Op die manier zitten klassementsrenners en sprinters elkaar in de slotkilometers niet in de weg.

De wedstrijdjury ging niet mee in het verzoek van de ploegen. Het maakte de zware valpartij van onder anderen Arnaud Démare, in een bocht op 3,5 kilometer van de meet, en van Caleb Ewan en Peter Sagan in het zicht van de streep extra pijnlijk.

Voor Jumbo-Visma, in de eerste etappe ook al het belangrijkste slachtoffer van een valpartij veroorzaakt door een toeschouwer, had het niets uitgemaakt. Niet voor Roglic en ook niet voor Robert Gesink, die vroeg in de koers door onoplettendheid van oud-tourwinnaar Geraint Thomas onderuit ging. De Brit schoot bij een verkeersdrempel met de handen van het stuur en smakte op het asfalt. Gesink, die in zijn wiel zat, kon er niet meer omheen.

De 35-jarige routinier liep een gebroken sleutelbeen op. Hij voelde onmiddellijk dat weer opstappen geen zin had. Met zijn rechterarm werkeloos in zijn schoot zette hij zich gedesillusioneerd op een muurtje langs de kant van de weg. Net als in 2009, 2012 en 2017 zat zijn Tour er na een crash op.

Zijn kopman Roglic zal dinsdag wel weer starten en heeft de hoop op geel in Parijs nog niet opgegeven. ‘Dit was niet de beste dag voor ons, maar we gaan verder. Zo lang we in koers zijn, kunnen we vechten.’

Meer over