Racebaas Frits van Amersfoort hoopt iets te zien wat een ander niet ziet

De zonen van grote coureurs heeft hij tegenwoordig onder zijn hoede, net als jongens met veel geld en weinig talent. Racebaas Frits van Amersfoort, aan de basis van Max Verstappens succes, schudt vaak het hoofd.

Lennart Bloemhof
Racebaas Frits van Amersfoort zaterdag middag op het circuit van Zandvoort. Wéér geen podiumplaats voor zijn team. Beeld Marcel Wogram
Racebaas Frits van Amersfoort zaterdag middag op het circuit van Zandvoort. Wéér geen podiumplaats voor zijn team.Beeld Marcel Wogram

'What a fucking disaster.' Met een mengeling van ergernis en gelatenheid ploft racebaas Frits van Amersfoort zaterdagmiddag neer op een stoel. Het lukt zijn coureurs dit seizoen maar niet om uit te blinken in de Formule 3, de op twee na hoogste klasse in de autosport. Afgelopen weekeinde, op het circuit van Zandvoort, stond opnieuw geen van zijn drie coureurs op het podium.

Kwaliteit

Na 22 van de 30 races staat de teller op één schamel podiumplaatsje. Het zit Van Amersfoort niet lekker. In zijn raceklasse is er namelijk geen betere reclame dan succes. Hij wandelt in de teamgarage rond zijn auto's. Eerst met de handen in zijn zakken. Dan weer met de armen over elkaar. 'Ik hoop iets te zien wat iemand anders niet ziet', zegt hij.

Als iemand in de Nederlandse autosport die kwaliteit heeft, is het wel Van Amersfoort. In 1975 richtte de nu 62-jarige geboren Larenaar zijn raceteam op. Sindsdien stoomt hij coureurs klaar voor de top. In zijn wereld is de jetsetallure van koningsklasse Formule 1 ver weg. Afgelopen weekeinde was de Formule 3 een bijprogramma van toerwagenklasse DTM.

Zaterdag stroomden na die race de tribunes leeg. Daarna begon de F3-kwalificatie. En toch is dat de raceklasse waar de sterren van morgen doorgaans aan hun autosportloopbaan beginnen. Via Van Amersfoorts team schopten Nederlandse rijders als Jos Verstappen en Christijan Albers het tot de F1. Zijn grootste succesverhaal schreef hij drie jaar geleden, met een simpele handdruk in zijn toenmalige teamonderkomen in Huizen.

'Overgetalenteerd'

Zo strikte hij de destijds 16-jarige Max Verstappen, die bij hem aan zijn eerste seizoen in de autosport begon. Vier maanden later - Verstappen had net zes keer op rij gewonnen - streden Formule 1-teams Mercedes en Red Bull om de handtekening van zijn protegé. Een strijd waar hijzelf overigens amper iets van meekreeg.

Van Amersfoort wist pas wie er had gewonnen toen hij opdracht kreeg Verstappens auto in de kleuren van de energiedrank te spuiten. Slechts zeven maanden racete de volgens Van Amersfoort 'overgetalenteerde' Verstappen voor zijn team. 'Beter kan het niet', zegt hij; hij weet als geen ander dat zijn team een tussenstation is voor coureurs.

Verstappen (19) zelf was zondag eregast in Zandvoort, een week voor de hervatting van het F1-seizoen met de Grote Prijs van België. Zonder Formule 3 had hij nooit zo snel naar de Formule 1 kunnen doorstromen, zegt hij. Verstappen: 'Ik heb er veel geleerd. Op technisch vlak komt een F3-auto het dichtst bij een F1-auto. Je kunt veel aanpassen en je racet veel. In mijn tijd waren het 33 races en veel racen is belangrijk als je jong en onervaren bent.'

Miljoeneninvestering

Hij is Frits van Amersfoort dankbaar. Verstappen: 'We wisten voor het seizoen niet hoe competitief we zouden zijn, maar met tien zeges was het een geweldige tijd in een leuk team.'

Verstappens spectaculaire doorbraak straalde af op Van Amersfoorts raceteam. Mick Schumacher, zoon van recordwereldkampioen Michael Schumacher, koos er in 2015 voor bij Van Amersfoort te debuteren in de autosport. Dit seizoen zitten de bekende zonen Pedro Piquet (19, zoon van drievoudig wereldkampioen Nelson Piquet) en Harrison Newey (19, telg van gerenommeerd F1-auto-ontwerper Adrian Newey) in zijn auto's.

Dankzij een miljoeneninvestering kon het team vorig jaar verhuizen naar een splinternieuw complex in Zeewolde. Van Amersfoort: 'Na zo'n goed seizoen met Max geloven mensen dat je kunt toveren.' Maar dat kan hij niet, benadrukt hij. In een klasse als de Formule 3, waar de auto beter is dan de motor, komt het aan op de coureur zelf.

Geregeld schudt hij het hoofd als er weer een tiener met bemoeierige geldschieters, begeleidingsteam en torenhoge verwachtingen bij hem op bezoek is geweest. Er wordt tegenwoordig weleens te gemakzuchtig over autosport gedacht, vindt hij. Volgens hem omdat de drempel om te gaan racen in de afgelopen 25 jaar lager is geworden.

'Autosport is nu veiliger en er is meer geld in omloop', verklaart Van Amersfoort. Coureurs worden daarnaast steeds jonger. 'Een zorgelijke ontwikkeling. Ze zijn mentaal niet volgroeid. Ik heb veel te maken met jongens die met de spreekwoordelijke gouden lepel in de mond zijn geboren. Die hebben niet meegekregen dat je ergens hard voor moet werken. Autosport is dan een keiharde confrontatie met de werkelijkheid.'

Simpel

Zo af en toe moet hij daardoor op zijn tong bijten. Die coureurs zijn immers tegelijk zijn broodwinning. Zij kopen zich in bij Van Amersfoort en een seizoen racen in de Formule 3 kost al gauw zo'n 700 duizend euro.

Uiteindelijk is zijn werk simpel: soms schiet hij raak met een coureur, soms mis. En hij blijft vuren, op zoek naar een nieuwe Max Verstappen. Tegenwoordig benadert hij potentiële rijders zelfs via Facebook, als om te bewijzen dat hij na veertig jaar in de autosport nog steeds met zijn tijd meegaat. Hij zal wel moeten, zegt hij lachend, 'want een leven lang in de racerij betekent vooral dat ik geen fortuin heb verdiend'.

Meer over