Over de keuze van een favoriet en wat daarbij komt kijken Sociëteit de Tour

Toen even na vijven gistermiddag Iban Mayo onderuitging op weg naar Saint-Quentin, begon ik de zaken donker in te zien....

Bert Wagendorp

Je kunt niet zonder favoriet, in de Tour. Zonder favoriet zit je als een klinisch laborant naar de koers te kijken, en daar is weinig aan. Sport is emotie, emotie is betrokkenheid, betrokkenheid is de keuze van een favoriet, de keuze van een favoriet is sport.

Dus ik kon me heel goed voorstellen dat veel wielerliefhebbers vorige week in verwarring waren, toen Ullrich en Basso opeens niet mochten meedoen. Ik was zelf ook van slag. Weg favoriet.

Je hebt een favoriet en je hoopt dat hij wint. Eventueel mag je favoriet ook na twee weken door het ijs zakken, zodat je een gekweld gezicht kunt trekken en kunt zwelgen in zalige momenten van rouw en zelfbeklag.

In de eerste helft van de jaren negentig stond het bij voorbaat vast dat Miguel Indurain de Tour zou winnen. Ik koos elk jaar een favoriet van wie ik wist dat hij ten onder zou gaan. Ik wees de gladiator aan wiens beurt het was zich te laten slachten. Na Indurain kwam Armstrong. Ook die vermoordde elk jaar mijn favoriet.

Mooie, emotionele jaren. Empathie voor mijn dapper vechtende favoriet, de kwelling van zijn teloorgang en natuurlijk ook, na de rouwverwerking, het weghonen van die loser.

(Waardeloze renner! Stond om z’n moeder te janken aan de voet van de Peyresourde en een beetje slikken voor de zege ho maar. Dat is dan je favoriet. Kan het vergeten, volgend jaar. Ik eis een béétje respect van de favoriet, en hij moet me niet gaan piepelen met gezeur over de hitte en dat de bergen zo hoog zijn van ’t jaar.)

Je kunt natuurlijk ook de renner van wie vaststaat dat hij gaat winnen tot je favoriet benoemen. Maar dat is nog erger dan géén favoriet kiezen en grenst aan heulen met de vijand.

Een favoriet moet kunnen winnen én verliezen. Daarom was Jan Ullrich ook zo’n fijne favoriet. Bij Jan wist je dat hij je elk moment weer diep teleur kon stellen door een hongerklop te krijgen of in een ravijn te rijden, maar er was ook altijd weer een kleine kans dat hij zou winnen. Jan gaf je het gevoel van leven op de rand.

Maar goed, ik moest een nieuwe favoriet kiezen. Het is hard voor de oude favoriet en er zit een element van verraad in, maar om nou de hele Tour te volgen met Jan Ullrich als favoriet terwijl die helemaal niet meedeed, vond ik ook weer overdreven.

Valt de nieuwe favoriet Valverde direct uit en sta ik weer met lege handen. En de tijd dringt; een favoriet kiezen na de eerste zware bergetappe is ook NSB-gedrag.

Dus ga ik dit jaar nog één keer voor Bobby Julich, die me als mijn persoonlijke favoriet in het verleden al veel verdriet bezorgde. Bovendien is Julich al oud en is zijn ploeg onthoofd. Maar volgens een Amerikaanse vriend fietst Bobby momenteel beter dan ooit en verdient hij het om nog één keer mijn favoriet te zijn.

Oké dan. Mayo reserve-favoriet.

Bert Wagendorp

Meer over