Nieuws

Ook vóór de slotfase speelt Nederland tegen Montenegro op zijn zwakst

De statistieken van Montenegro-Nederland zijn duidelijk. Dit was de slechtste interland van Oranje onder leiding van Louis van Gaal.

Sam Planting
Teleurstelling bij Memphis Depay (voorgrond) en Davy Klaassen. Beeld Pro Shots / Marcel van Dorst
Teleurstelling bij Memphis Depay (voorgrond) en Davy Klaassen.Beeld Pro Shots / Marcel van Dorst

Natuurlijk, het kwalificatieduel met Montenegro zal vooral herinnerd worden vanwege de slotfase. Een gelijkspel in een wedstrijd waarin Oranje vrijwel continu de bal heeft en acht minuten voor tijd nog een 0-2 voorsprong koestert, voelt als onverteerbare pech.

Maar de cijfers vertellen toch een iets ander verhaal. In Podgorica loopt het aanvalsspel van het Nederlands elftal volledig vast, ook in de 82 minuten waarin er qua scoreverloop geen vuiltje aan de lucht lijkt.

Geschuif

Montenegro heeft duidelijke lessen getrokken uit het eerste duel met Nederland, toen de ploeg van Van Gaal in Eindhoven vier keer scoorde en tot een imposant totaal van 28 doelpogingen kwam. Om een herhaling van zetten te voorkomen, timmert Montenegro in defensief opzicht ditmaal de boel grondig dicht. In eigen huis haalt het ten opzichte van het vorige duel met Oranje een spits eraf, en komt er een verdediger bij. De 4-4-2 in Eindhoven wordt een 5-4-1 in Podgorica.

Maar niet alleen op papier is de opstelling van de Montenegrijnen conservatief. De uitvoering is zowaar nóg defensiever ingesteld. Zodra Oranje de bal heeft, posteert de voorste Montenegrijn, spits Djurdjevic, zich in de zone van Frenkie de Jong. De andere negen veldspelers zakken diep in op eigen helft.

Het collectieve inzakken van Montenegro levert Oranje in twee zones van het veld een numeriek nadeel op. Centrumverdedigers Virgil van Dijk en Stefan de Vrij hebben geen directe tegenstander om voorbij te spelen met een voorwaartse pass in de opbouw. Dit terwijl het middenveld en de voorhoede van Nederland juist tegenover een overmacht van Montenegrijnse verdedigers staan. Er is overal een extra mannetje over om het vrijlopen van Davy Klaassen, Georginio Wijnaldum en de drie aanvallers te verhinderen.

Vernietigende statistiek

Het gevolg: Van Dijk en De Vrij schuiven de bal eindeloos vaak naar elkaar toe, zonder dat daarmee extra ruimte voor ploeggenoten wordt gecreëerd. Na afloop heeft Bart Frouws van Opta Sports dan ook een vernietigende statistiek. In de 231 interlands van Oranje die het statistiekenbureau analyseerde, heeft Opta nog nooit zoveel passes tussen twee spelers geturfd. De Vrij en Van Dijk schuiven de bal 92 keer over en weer.

In Podgorica krijgt Oranje de bal maar niet van de laatste linie naar de middelste linie. Waar De Vrij en Van Dijk gezamenlijk tot 256 balcontacten komen, blijven middenvelders Klaassen en Wijnaldum steken op respectievelijk 24 en 37 balcontacten.

Tegen Montenegro ontbreekt het aan een einddoel van het vele balbezit. Oranje heeft liefst 74 procent van de tijd de bal, maar komt slechts tot 9 doelpogingen - niet eens een derde van het totaal aantal schoten (28) in het eerste treffen met Montenegro. De penalty van Memphis Depay in de 25ste minuut is het eerste schot van Oranje in de wedstrijd.

Ook het voorkomen van de Montenegrijnse counters gaat niet lekker. Waar Oranje, met gemiddeld 25 schoten voor en maar 6 schoten tegen, in de eerste vijf kwalificatieduels met Van Gaal een schotenbalans van +19 per duel laat noteren, is de eindscore in Podgorica pijnlijk: 9 voor, 11 tegen, oftewel -2.

Meer over