Ook de Ajacied onder judoka's presteert niet

Zelfs de groeibriljant van het Nederlandse judo fonkelde geen moment in Parijs. De uitschakeling van tweevoudig Europees kampioen Mark Huizinga in de allereerste ronde illustreerde de belabberde prestaties tijdens de WK....

Van onze verslaggever

Willem Vissers

PARIJS

Huizinga was dé Nederlandse kanshebber, misschien wel op goud. Hij is bovendien de Ajacied onder de judoka's; Huizinga op dreef is een lust voor het oog. Altijd op de aanval, technisch begaafd, jagend op het volle punt. Wim Ruska en Anton Geesink, de twee Nederlandse wereldkampioenen bij de mannen uit het verleden, prezen hem uitvoerig deze week. Ruska: 'Hij is zoals ik zelf probeerde te judoën. Links, rechts, beenworpen, voetvegen. Hij pakt en grijpt uit alle standen.'

Van dat alles was niets te zien, vrijdag in Bercy. De Cubaan Yosvane Despaigne, die twee voorgaande partijen tegen de Vlaardinger met ippon verloor, bleef gewoon staan in zijn 'overlevingstocht'. En de Caribiër bleek oersterk. 'Hij hield me op afstand', zei Huizinga. Eén keer greep hij Huizinga bij de benen en scoorde een beslissende yuko.

In zijn analyse, nadat verlies van Despaigne in de kwartfinale een herkansing voor Huizinga belemmerde, was de 24-jarige favoriet vrij koel. Hij vroeg zich alleen af hoe de Cubaan zijn kracht kon handhaven gedurende vijf minuten.

Ergens halverwege dacht Huizinga even op adem te komen na een reeks kansloze aanvallen, om in de slotfase alsnog toe te slaan met een beslissende worp. Een misvatting. 'Ik moet zelf kracht zijn kwijtgeraakt.' Hij bedacht zich ook dat hij voor het eerst echt tot de kanshebbers had behoord. 'Voor het eerst ook was ik vol zelfvertrouwen.' Maar hij kwam nooit lekker los.

Parijs was eigenlijk zijn kans op succes. In de toekomst is het mogelijk moeilijker voor Huizinga om in de absolute top te presteren, omdat zijn gewichtsklasse verandert van -86 naar -90 kilo. Grote kerels van 91, 92 kilo zullen een paar kilogram aftrainen, waar Huizinga al moeite heeft boven de 86 uit te komen.

Trainer Chris de Korte, die de scheidsrechters tevergeefs probeerde te bewegen de Cubaan te straffen voor passiviteit, speurde na afloop naar positieve aanknopingspunten. 'In de hele aanloop naar de Olympische Spelen is dit niet onvoordelig', waagde hij op te merken. 'Het is een algemeen verschijnsel dat een bepaalde vorm van verzadiging optreedt bij iemand die zoveel wint.' De nummer drie van Atlanta zal volgens zijn leermeester nog scherper worden, zal zich weer opnieuw opladen, hij zal zich weer willen waarmaken.

'Daarvan ben ik overtuigd', aldus De Korte. 'Het is telkens weer een genot om met Mark te werken. Nooit heb ik zo'n combinatie van talent en gedrevenheid meegemaakt, terwijl Seriese toch een pupil van me was.'

Ook benadrukte De Korte nog maar eens het belang van hervormingen in de nationale judotop. Duidelijk is dat er een hoop onvrede bestaat over het topsportbeleid, of eigenlijk het ontbreken van lijn. Gezaghebbende clubtrainers als De Korte, Van der Geest en Visser bestoken het bestuur met beschuldigingen van onvermogen. Soms klinkt de kritiek tussen de regels door, dan weer openlijk. Verbaal scoort Nederland onverminderd hoog.

Volgens De Korte is het bondsbestuur 'te intellectueel', handelt het zonder gevoel om de juiste man op de juiste positie aan te kunnen stellen. Cryptisch: 'Een gezonde onderlinge competitie is goed, maar je moet niet alle trekpaarden uitschakelen.' Het is simpel te concluderen dat hij mede duidt op de aanstelling van badmintonspecialist Guus van der Vlugt als topsportcoördinator. Ook De Korte, een trekpaard binnen het Nederlandse judo, had naar de baan gesolliciteerd.

Van de andere drie Nederlanders die op de mat verschenen waren de debuten van Edwin Steringa en de pas 17-jarige Edith Bosch behoorlijk. Bosch greep uiteindelijk de zevende plaats, een evenaring van Karin Kienhuis' prestatie donderdag. Zevende, het beste dat Nederland in twee dagen te bieden had. Het is wel eens anders geweest.

Meer over