Nieuws

Nooit meer mogen de wielrenners dalen op de stang en sturen met de arm

De capriolen van de wielerprofs worden aan banden gelegd. Vanaf donderdag is het verboden voor een beetje tijdwinst op de stang te gaan zitten of de onderarmen op het stuur te leggen. De maatregelen zijn punt van discussie. ‘Dit willen we zelf kunnen beslissen.’

Marcel Kittel uit Duitsland daalt af tijdens de zestiende etappe van de Tour de France in 2017. Beeld Getty Images
Marcel Kittel uit Duitsland daalt af tijdens de zestiende etappe van de Tour de France in 2017.Beeld Getty Images

Ze ogen een tikje paternalistisch, de gestileerde afbeeldingen van renners in verschillende houdingen in de nieuwste veiligheidsgids van de internationale wielerunie UCI. De bips op de stang of achter het zadel, zwevend boven het achterwiel? De onderarmen op het stuur, de handen bungelend in het luchtledige? In rode letters: not allowed.

Misschien dat Mathieu van der Poel en Julian Alaphilippe zich er woensdag in Dwars door Vlaanderen nog aan wagen als ze op avontuur gaan, maar vanaf 1 april mag dit niet meer: afdalen ineengevouwen tussen stuur en zadel op de bovenbuis (in jargon: de supertuck) en gebogen in tijdrithouding sleuren aan kop of tijdens een eenzame ontsnapping.

Voorbeeldfunctie

Te gevaarlijk, vindt de UCI. Met de handen aan het stuur en zittend op het zadel, hou je de fiets het beste onder controle. Nog een argument voor de aanstaande verboden: renners hebben een voorbeeldfunctie. Als ontluikend talent of wielertoeristen bovengenoemde posities gaan kopiëren, dreigen valpartijen. Op overtreding staat diskwalificatie.

De maatregelen deden de afgelopen weken veel stof opwaaien. Mogen de profs, met die duizenden kilometers per jaar aan ervaring, niet zelf bepalen hoe ze op de fiets zitten? De dominante teneur in de reacties: laat de UCI vooral naar zichzelf kijken in plaats van de renners dwars te zitten. De grootste ongelukken zijn te wijten aan onveilige omstandigheden op en rond het parcours. Zie daar maar op toe.

Een greep uit de tweets. De Belg Louis Vervaeke: ‘Hoeveel renners zijn er zo hard gevallen dat ze verlamd of in een coma zijn geraakt nadat ze op de bovenbuis waren gaan zitten? En hoeveel renners is dat overkomen als gevolg van slechte wegen, motorfietsen of niet goedgekeurde dranghekken. Kun je die tellen?’

Kritiek op UCI

Zijn landgenoot Iljo Keisse: ‘We zullen zelf wel beslissen hoe we fietsen en dalen. Dat ze bij de UCI eerst maar eens zorgen dat alles wat binnen hun verantwoordelijkheid ligt in orde is.’ De Sloveen Matej Mohoric, de eerste die zich bergaf op de bovenbuis liet zakken, vroeg zich retorisch af of het wielrennen maar niet helemaal moest worden verboden, net als alle andere gevaarlijke sporten.

Voorstanders waren er ook. Daniel Martin, kopman van Israël Start-Up Nation, prees de proactieve opstelling van de UCI. ‘Te vaak worden worden regels pas ingevoerd als reactie op serieuze blessures, of zelfs nog erger.’ De federatie zelf wees erop dat de maatregelen tot stand zijn gekomen in overleg met alle betrokken partijen.

De nu gewraakte houdingen op de fiets leveren vooral minder luchtweerstand op. In de windtunnel van de TU Eindhoven is het gemeten. Hoogleraar Bert Blocken, gespecialiseerd in luchtstromingen, besloot het te onderzoeken nadat meervoudig Tour de France-winnaar Chris Froome zich in 2016 in de afdaling van de Col de Peyresourde zich diep over zijn stuur boog en nog bijtrapte. Volgens de berekeningen in Eindhoven gaat een renner er 9 procent sneller door. De meeste winst zit in de supertuck: 17 procent.

Ook de tijdrithouding, maar dan zonder het opzetstuurtje uit de individuele en ploegentijdritten, is bedoeld om ranker door de lucht te klieven. Hier wordt de winst becijferd op zo’n 10 procent. In een interview met Humo herinnerde het jonge talent Remco Evenepoel - nog revaliderend van een val in een ravijn in de Ronde van Lombardije - aan zijn winnende solo van 50 kilometer in de Ronde van Polen van vorig jaar. De helft legde hij af met zijn polsen op het stuur. Het is niet alleen aerodynamischer. ‘Het is ontspannener voor de schouders en je armen.’ De risico’s - een steentje kan het stuur al doen omslaan - zijn volgens hem beperkt. ‘Op de stukken met slecht wegdek hield ik mijn stuur stevig vast. Renners letten heus wel op.’

Alternatief

Intussen is er een suggestie voor een oplossing. Jan-Willem van Schip, actief op zowel de weg als de baan, trok al de aandacht door te koersen met een smal stuur. Nog voor de aankondiging van het verbod, was in samenwerking met zijn ploeg BEAT Cycling en fietsonderdelenproducent Speeco een alternatief ontworpen, de Aero Breakaway Handlebars (ABB), in het vocabulaire van Van Schip ‘Altijd Blijven Boren’.

Het is een stuur in U-vorm, met de hendels voor remmen en versnellingen aan de uiteinden. De renner kan, indien gewenst, de armen over beide poten draperen. Volgens Van Schip is de constructie smaller, comfortabeler en stabieler en kan hij dankzij een langere reach lager zitten. ‘Je kunt de tijdrithouding goed volhouden. Het scheelt denk ik 10 tot 15 watt aan vermogen. Dit is bepaald geen bijzaak.’ Zijn teammanager, Geert Broekhuizen, noemt het ontwerp ‘perfect toelaatbaar’ in de huidige regelgeving. De UCI heeft besloten het stuur te gaan testen. In afwachting van het resultaat rijdt Van Schip er nog niet mee.

De renner noemt de nieuwe verboden onduidelijk. ‘Een prof kan gewoon met de onderarmen op het stuur liggen en tegelijkertijd de shifters vasthouden. Mag dat dan wel?’ Ook hij verwijst naar terreinen waar nog veel meer aan veiligheid te winnen is. ‘Weet je wat echt gevaarlijk is? De tramrails in de Driedaagse van De Panne. Die ligt er al járen.’

Meer over