WinterspelenSkiën

Nederlandse skiester Jelinkova na zware blessure: ‘Als ik ergens vertrouwen in heb, dan lukt het’

Adriana Jelinkova – Nederlandse vader, Tsjechische moeder – plaatste zich in januari voor de Winterspelen. Een dag later scheurt ze een kruisband. De Nederlandse specialist op de reuzeslalom skiet weer. Het komt goed, voelt ze, Beijing is pas over drie maanden.

Erik van Lakerveld
De Nederlandse Adriana Jelinkova (26) tijdens een training op de Kitzsteinhorn in Oostenrijk. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
De Nederlandse Adriana Jelinkova (26) tijdens een training op de Kitzsteinhorn in Oostenrijk.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Tevreden kijkt coach Pavel Cebulj naar de sneeuwtraining van zijn veelbelovende Nederlandse pupil. Na maanden revalideren en opbouwen na een heftige knieblessure skiet Adriana Jelinkova weer. Ze heeft al een ticket voor Beijing op zak. ‘Zo iemand heb ik in jaren niet meegemaakt. In Nederland weten ze niet wat ze met haar in huis hebben’, zegt Cebulj, sinds anderhalf jaar haar coach.

Het is een zonovergoten dag op de flanken van de Oostenrijkse Kitzsteinhorn. Voor de verslaggever en de fotograaf is het wiebelen en wankelen op de ijzige helling waar de Sloveense Cebulj de slalompalen heeft geplant. Voor de 26-jarige Jelinkova, die dit weekend haar rentree maakt op de parallelreuzenslalom in Lech, is het een makkie om tussen de palen door te sturen. Ze hebben deze piste uitgekozen als opwarmertje. Normaal traint ze op veel steiler terrein.

De slijtplekken op haar helm zijn van de flexibele paaltjes die ze bij het passeren regelmatig raakt met haar hoofd. Het gaat om de kortste route rond de poortjes, een tikje tegen lijf of helm hoort erbij. De crux van een goede slalom is efficiëntie, legt ze een paar dagen voor haar training in haar Oostenrijkse woonplaats Saalfelden uit. Zo weinig mogelijk meters tegen een zo hoog mogelijke snelheid, dat resulteert in de beste tijd.

Adriana Jelinkova is de eerste Nederlandse skiester die zich heeft geplaatst voor de Winterspelen sinds Margriet Prajoux-Bouma, zeventig jaar geleden. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Adriana Jelinkova is de eerste Nederlandse skiester die zich heeft geplaatst voor de Winterspelen sinds Margriet Prajoux-Bouma, zeventig jaar geleden.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Hoe zij dat precies doet, is lastig uit te leggen. ‘Ik ben een gevoelsmens. Ik ski ook op gevoel.’ Afgelopen januari plaatste Jelinkova zich bij de wereldbeker reuzenslalom in Kranjska Gora in Slovenië met de 11de plaats voor de Winterspelen. Een zeldzame prestatie. De laatste Nederlandse skiër op de Spelen was de in Duitsland geboren en in Frankrijk wonende Margriet Prajoux-Bouma. Zij nam zeventig jaar geleden deel in Oslo.

Zware blessure

Lang kon Jelinkova (1.65 meter) niet genieten van haar olympische startbewijs. Daags na plaatsing voor Beijing kwam ze ten val bij de derde bocht van de reuzenslalom. Terwijl ze naar beneden gleed probeerde ze zich van haar rug op haar buik te draaien, maar op de ijzige piste bleef haar ski steken. Haar linkerknie kon dat niet aan.

Eerst had ze niet eens door dat hoe erg het mis was. Ze wilde, eenmaal opgekrabbeld, zelf naar beneden skiën. Maar ze werd door de medische verzorging op de brancard gedwongen. Haar kruisband bleek gescheurd. Ze zou de rest van de winter niet meer in actie komen.

De val zelf was heftig, maar de dagen erna waren nog zwaarder. ‘Traumatisch’, zegt ze zelf. Ze lag eenzaam en alleen in een ziekenhuis. Vanwege de strenge coronamaatregelen mocht niemand haar bezoeken, zelfs haar moeder, haar steun en toeverlaat niet.

En telefonisch? ‘Ik had zoveel pijn, ik kon amper iemand bellen. Ze zeiden dat ze pijnstillers hadden gegeven, maar niets werkte. Ik vroeg of ze geen diclofenac of ibuprofen hadden. Dat hadden ze dan niet. Ik weet niet wat ze wel gebruikten, maar het hielp niet. Ik moest er maar mee dealen.’

Natuurtalent

Jelinkova is een natuurtalent, maar daarmee alleen red je het niet. In de skicultuur was ze een buitenbeentje. Ze draagt de naam van haar moeder, die uit Tsjechië komt. Zij werd in hetzelfde land geboren, in Brno. Dat was toeval. Moeder Zuzana woonde ten tijde van haar geboorte al jaren in Nederland en was in Tsjechië op familiebezoek toen ze beviel. Jelinkova groeide op in Oegstgeest met een Nederlandse vader, Jack Hoogkamer.

Hij was het ook die haar stimuleerde om als 6-jarig meisje wedstrijden te gaan skiën. Haar moeder, die zelf in haar jeugd ook had geskied, was daar aanvankelijk niet zo enthousiast over. Ze wist hoeveel tijd, moeite en energie de sport kost. Maar binnen korte tijd was ze Jelinkova’s grootste fan. ‘Ze zag dat ik het leuk vond, dat ik er goed in was.’

Adriana Jelinkova werd geboren in Brno, groeide op in Oegstgeest  en voelt zich het meest thuis in de bergen.  Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Adriana Jelinkova werd geboren in Brno, groeide op in Oegstgeest en voelt zich het meest thuis in de bergen.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Ze trainde op de indoor skipiste in Spaarnwoude en ging, als school het toe liet, zo vaak mogelijk naar Oostenrijk en Tsjechië om de echte bergen op te zoeken. Bij Nederlandse wedstrijden werd ze door haar achternaam met enige reserve bekeken. ‘Ze beschouwden met als Tsjechische, niet als Nederlandse, omdat ik zo snel was.’

Thuis in de bergen

Als 11-jarige besloot ze naar Oostenrijk te verkassen. Een besluit dat ze ook zo zakelijk aan haar moeder meedeelde. Ze wilde in de voetsporen treden van een skivedette uit dat Alpenland. ‘Ik verhuis naar Oostenrijk, want ik wil Hermann Maier worden. Ik begrijp het wel als je niet mee wil, dan ga ik wel in een internaat. Ik red me wel’, had ze gezegd. Niet veel later vertrok ze inderdaad, met haar moeder.

In de bergen voelde ze zich thuis, veel meer dan in het stedelijke en akelig platte Nederland. Maar gastvrij ontvangen werd ze niet. In Oostenrijk vonden ze het maar niks dat zo’n Nederlandse, een meisje van buiten, hun favoriete wintersport zo goed beheerste. ‘Er ontstond een soort haat. Bij belangrijke wedstrijden vonden ze het vreselijk als ik won.’

Financiële zorgen

Een Tsjechische in Nederland, een Nederlandse in Oostenrijk, het gevoel nergens bij te horen drukte op Jelinkova. Maar skiën wilde ze. Als 16-jarige won ze brons op de supercombinatie bij de Jeugd Olympische Spelen. Maar het leven als Nederlands skiër in Oostenrijk was ingewikkeld, vooral financieel. De Nederlandse skifederatie heeft weinig financiële mogelijkheden. Daarom overwoog ze een aantal jaar geleden om voor Tsjechië uit te komen. Skiën voor de Oostenrijkers, haar kinderdroom, wilde ze na de vijandige jaren niet meer.

Uiteindelijk bleef ze Nederlands, al betekent nationaliteit steeds minder voor haar. ‘Ik was altijd trots om voor Nederland te skiën, ook voor mijn vader, familie en vrienden. Nu maakt het me minder uit en ski ik voor mezelf.’

Ze voelt zich niet gebonden aan één land. ‘Ik ben Nederlander, maar woon er niet. Ik wil er ook niet wonen. Ik heb er wel een band mee, vanuit mijn jeugd. Maar tegelijkertijd is het ook al zo lang geleden. Ik voel me hier in Oostenrijk thuis, maar hoef niet per se hier te wonen. Dat kan ook in Italië’, zegt ze. ‘Als er maar bergen zijn.’

Het was schrapen als eenling in een dure sport. Meer dan eens dacht ze aan stoppen. Jelinkova’s moeder is haar grootste sponsor. Dat zorgde voor stress tijdens wedstrijden. Ze wilde haar moeder en geldschieter niet teleurstellen. Pas met het behalen van de olympische kwalificatie heeft ze meer armslag gekregen. Ze heeft nu de A-status van NOCNSF en het bijbehorende stipendium.

Daarmee zijn haar geldzorgen nog niet voorbij. Het ziekenhuis waarin ze na haar val op de Sloveense piste belandde bleek een privékliniek waarvan de kosten door haar verzekering niet worden gedekt. De factuur hangt nog altijd boven haar hoofd. ‘Ik kan niet zomaar een paar duizend euro betalen.’

Ongeduldig

Ze is minder vatbaar geworden voor zenuwen, zegt ze. Ze trekt zich minder aan van anderen en voelt zich bij wedstrijden vrijer bovenaan de piste. Dat was een van de redenen dat ze voor haar val zo goed presteerde. ‘Alles viel samen: mijn nieuwe trainer, mijn materiaal en ik was op mentaal gebied beter.’

De val en revalidatie gaven haar geestesgesteldheid een flinke opdoffer. Ze is van nature ongeduldig en het herstel duurde langer dan gedacht. ‘Ik had heel lang veel pijn. Niet eens vanuit mijn knie, maar vanuit mijn lies, waar ik kennelijk ook iets verrekt had.’

Na een maand of vier merkte ze hoe ze van een patiënt weer langzaam sporter werd, met Beijing als doel voor ogen. Het was mentaal een zware periode. Verlichting kwam in juni op het Gardameer in Italië waar ze ging windsurfen, een sport die ze al een jaar of twaalf beoefend in de zomer. ‘Vanaf dat moment werd het snel beter.’

Maar snel genoeg is ze naar haar zin nog niet. Coach Cebulj moest op haar inpraten als ze weer eens gefrustreerd raakte. Nooit eerder kende ze problemen met een knie. ‘Hij zei steeds: geef jezelf de tijd. Soms was het frustrerend als mijn knie ‘nee’ zei. Ik vind het soms moeilijk om rust te nemen. Om naar mijn lichaam te luisteren als het niet gaat.’

‘Ik heb de tijd’

Misschien nog meer dan op het technische vlak speelt haar trainer daarin een belangrijke rol. Ze voelt het heus wel als het niet gaat, maar ze heeft iemand anders nodig die dat gevoel bevestigt en helpt om gas terug te nemen. Om bijvoorbeeld de eerste wereldbekerwedstrijd van het seizoen over te slaan, zoals ze drie weken geleden deed. Beijing is pas over drie maanden. ‘Ik heb de tijd.’

Bevreesd dat het bij haar rentree in Lech weer mis zal gaan is ze niet. Haar knie functioneert als tevoren en ze beschouwt de val in Kranjska Gora als een ongelukje, meer niet. Ze wil er ook niet te veel aan terugdenken. ‘Het helpt niet echt om eraan te denken. En zoiets kan ook gebeuren als je de trap afloopt.’

De training op de Kitzsteinhorn zit erop, de skipalen worden weer ingepakt. De zon weerspiegelt op haar bril. Ze straalt zelfvertrouwen uit. Dat is een goed teken. ‘Als ik ergens vertrouwen in heb, dan lukt het.’

Meer over