VolleybalEK-toernooi

Na een sterk gespeeld EK ervaren de volleybalsters de vierde plek als een karige beloning

De volleybalsters zijn als vierde geëindigd op het EK. De Nederlandse ploeg verloor in anderhalf uur kansloos de troostfinale met 3-0 van Turkije.

Indy Baijens valt aan, de Turkse Tugba Senoglu verdedigt. Beeld AP
Indy Baijens valt aan, de Turkse Tugba Senoglu verdedigt.Beeld AP

Bij vlagen maakten de Nederlandse volleybalsters het hun Turkse tegenstanders zaterdagmiddag moeilijk in de troostfinale van het EK in Belgrado. Vooral in het begin van de derde set was Anne Buijs (29) zo goed op dreef dat Nederland halverwege leidde, met vier punten voorsprong. Toch eindigde de derde set, zoals de eerste twee, in het voordeel van de Turken en werd Nederland in de strijd om EK-brons met een kille 3-0 (25-20, 25-19, 25-23) afgetroefd.

De teleurstelling werd gevoeld, vertelt bondscoach Avital Selinger na afloop telefonisch. Niet alleen door hem, maar ook door zijn speelsters. Al was Turkije in de groepsfase ook al met 3-0 te sterk geweest, de ploeg had meer willen laten zien.

Het was vervelend dat Celeste Plak, toch een van de puntenpakkers in de ploeg, halverwege de eerste set geblesseerd uitviel. In een uiterste poging een bal op te vangen was ze onaangenaam hard tegen de vloer gesmakt. Maar ook met de 25-jarige Plak had Nederland het veel sterker serverende en blokkende Turkije nooit kunnen verslaan. Daarvoor waren de uitschieters aan Nederlandse zijde te schaars.

Selinger: toch geslaagd

En toch, met het behalen van de strijd om de derde plek was het Nederlandse team al veel verder gekomen dan van tevoren verwacht. De kwartfinale halen was de doelstelling. Selinger: ‘Nu overheerst die teleurstelling. Maar wanneer die teleurstelling plaatsmaakt voor een rationele evaluatie dan moet je vaststellen dat het toernooi geslaagd is.’

Zijn ploeg is relatief jong. Van de 14-koppige EK-selectie waren er zes jonger dan 25 jaar en slechts drie ouder dan 30. En lang niet iedereen was erbij toen in januari 2020 plaatsing voor de Spelen van Tokio mislukte. Sinds oud-topspeelster Lonneke Slöetjes na een sabbatical van een jaar afgelopen winter definitief besloot te stoppen, is er sprake van een generatiewisseling.

Selinger, al eens bondscoach tussen 2004 en 2011, is eveneens nieuw. Hij werd eind 2020 aangesteld, maar trof het gros van zijn selectie pas na het slot van het clubseizoen, in mei van dit jaar. Zonder precies te weten wat hij in handen kreeg. ‘We zijn begonnen vanuit onwetendheid. Ik kende de groep niet persoonlijk.’

Te onervaren?

Alleen met een paar van de jongere speelsters had hij, medeverantwoordelijk voor de talentontwikkeling, in zijn eerste maanden als bondscoach al kunnen werken. Dat waren talenten als de pas 18-jarige Elles Dambrink, die nog niet onder contract stonden bij een buitenlandse club.

Toen de Israëlische-Nederlandse Selinger iedereen bij elkaar had, was hij aangenaam verrast door de werklust van zijn speelsters en de snelle progressie die het team boekte. Zo verliep de Nations League in juni met een zevende plaats al boven verwachting. ‘Uit niets ontstond er iets.’

Op het EK in Servië, Bulgarije, Kroatië en Roemenië bleken zijn pupillen nog weer een stukje sterker en was het halen van de kwartfinales een te conservatieve inschatting. Nederland versloeg op veerkracht Duitsland in de achtste finale en was ruim sterker dan Zweden in de kwartfinale.

Kracht en kwaliteit

In de halve finale van afgelopen vrijdag, wachtte Italië, een land van een heel ander kaliber en bleef Nederland steken op een 3-1 verlies. ‘We spelen goed volleybal, maar we zijn nog ver verwijderd van de medailles’, constateert Selinger dan ook. ‘We kunnen op momenten wel meekomen, maar het ontbreekt ons nog aan de kracht en kwaliteit.’

Ook ontbreekt het speelsters aan ervaring. Leeftijd – of jaren op topniveau – doet er toe bij volleybal, denkt Selinger. Dat is voor iemand als Dambrink of de 20-jarige Indy Baijens niet zomaar overbrugd. ‘Leeftijd zegt niet alles, maar je leert het ook niet zomaar hoe je tegen landen als Italië en Turkije moet spelen. Daar kun je niet op trainen. Je moet het meemaken.’

De bondscoach haalt Eda Erdem Dündar aan, die zaterdag aan Turkse zijde speelde. ‘Zij was er in 2008 al bij.’ En op de Spelen bewezen de zilveren Brazilianen ook dat volleybalsters lang mee kunnen. Hun ploeg in Tokio bestond hoofdzakelijk uit dertigers en had met Carol Gattaz zelfs een 40-jarige in de gelederen. Daarbij vergeleken is Selingers oudste speelster, Myrthe Schoot, met haar 33 jaar een broekie.

Geen interland tot 2022

Selinger, spelverdeler in de Nederlandse olympische ploeg van 1992, is een ambitieuze coach. Hij is op een lastig moment aan zijn klus begonnen, maar is vastbesloten om de Nederlandse vrouwen terug naar de wereldtop te brengen. ‘We willen een ploeg die ervoor durft te gaan, die altijd speelt om te winnen’, zegt hij. ‘Maar we weten ook dat verliezen onderdeel is van het spel.’ Zeker op dit EK was dat ingecalculeerd en ook op het WK van volgend jaar, dat in Nederland en Polen wordt gehouden, zal het lastig zijn om echt mee te doen om de prijzen.

Met het EK achter de rug is de bondscoach het merendeel van zijn groep weer kwijt. Het clubseizoen staat op punt van beginnen en de eerstvolgende interland zal pas weer in het voorjaar van 2022 zijn.

Selinger richt zijn blik in de tussentijd weer op de talentontwikkeling. ‘Ik probeer het heden, de toekomst, de korte en de lange termijn samen te brengen. Hopelijk ben ik dan in staat om stap voor stap te ontdekken wat er mogelijk is.’

Meer over