Schaatsen

Na bijrol op NK shorttrack hoopt Breeuwsma toch te scoren tijdens de Spelen

Weinigen beheersen de aflossing zo goed als shorttracker Daan Breeuwsma. Alleen is een specialiteit geen garantie voor een olympisch ticket. Na de NK in Leeuwarden staat Breeuwsma zonder prijzen en mag hij alleen maar hopen op Beijing.

Erik van Lakerveld
Daan Breeuwsma in actie op de 500 meter tijdens de NK shorttrack.
 Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Daan Breeuwsma in actie op de 500 meter tijdens de NK shorttrack.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Met lange slagen rijdt Daan Breeuwsma op de laatste positie van het groepje shorttrackers. Zijn sport kan chaotisch zijn en verrassende winnaars opleveren, maar eigenlijk is al wel duidelijk dat hij de 1.500 meter niet gaat winnen. En het allroundklassement op de NK shorttrack evenmin.

Itzhak de Laat zegeviert op de 1.500 meter en Dylan Hoogerwerf pakt zijn derde nationale titel , na goud op de 500, zilver op de 1.000 en brons op de 1.500 meter. Die drie podiumplaatsen zijn een uitdrukkelijke sollicitatie naar het laatste plekje in de olympische ploeg. Breeuwsma (34) moet het doen met de zesde plek op de 1.500 meter en de negende in het eindklassement.

Vier mannen weten al dat ze naar Beijing mogen: Itzhak de Laat, Sjinkie Knegt, Sven Roes en Jens van ’t Wout. Er is nog één plekje over. ‘Ik denkt dat dit wel mee telt’, zegt Hoogerwerf. Maar ook Breeuwsma hoopt. ‘Als ze met Dylan de relay rijden, hebben ze een kans op een medaille en met mij een kans op goud.’ Het is een kwinkslag met een serieuze ondertoon.

Berusting

Het zat Breeuwsma niet lekker toen het viertal half december werd aangewezen en hij er niet bij zat. Hetzelfde overkwam Rianne de Vries, zijn partner. Zij moet afwachten terwijl Suzanne Schulting, Xandra Velzeboer, Selma Poutsma en Yara van Kerkhof zeker zijn van deelname in Beijing. ‘Het zijn gekke weken. Eerder knaagde het, maar nu voel ik een soort berusting’, zegt Breeuwsma.

Hij is een specialist op het teamonderdeel dat als basis onder de Nederlandse shorttracksuccessen ligt, zeker met hem in de gelederen. De Fries werd in 2009 al Europees kampioen op de aflossingswedstrijd en behaalde nadien vijf keer goud op het EK en drie wereldtitels op de relay, waarvan de laatste vorige winter.

Op de Olympische Spelen ging het mis. In 2014 eindigde de Nederlandse ploeg na een val bij de start als vierde en in Pyeongchang werden ze in de halve finale gediskwalificeerd. Zo zit shorttrack in elkaar, ook straks in Beijing. ‘We kunnen meedoen voor het goud, maar er evengoed in de halve finale al uitliggen.’

Hij weet hoe het spelletje werkt en hij heeft precies de juiste fysieke eigenschappen voor de relay. Wat hij mist aan explosiviteit en duurvermogen, maakt hij goed met zijn talent voor razendsnel herstel.

De kunst van het uitpuffen

Tijdens de aflossingswedstrijd is telkens maar één van de vier rijders in de baan van 111 meter. Diegene wordt doorgaans na twee ronden afgelost. Tussen die beurten hebben de schaatsers opgeteld zo’n 45 seconden waarin ze glijdend op het ijsvlak in het midden van de baan kunnen uitpuffen. In die tijd keldert de hartslag van Breeuwsma en kan zijn lichaam recupereren.

Heel anders is dat bij de explosieve Hoogerwerf, vertelt Breeuwsma. Hij kan het tijdens trainingen in Thialf zien aan de kleur op de schermen langs de boarding, die gekoppeld zijn aan hun hartslagmeters. ‘Dan zie je Dylan nog in het rood zit en ik al groen ben.’

Aan het eind van een relay, die 45 ronden bedraagt, zijn de bochten door de messcherpe ijzers van de deelnemers helemaal ‘uitgetrapt’, zoals dat heet. Het ijs zit dan vol groeven. ‘Ik kan daar goed mee omgaan en na mijn laatste aflossing de slotrijder nog een rotgooi geven.’

Dat is nog zo’n kwaliteit: Breeuwsma is een harde duwer. Toen hij na afwezigheid bij de eerste wereldbekers terugkeerde in de relayploeg in Dordrecht, afgelopen december, duwde hij Knegt zo hard dat die op zijn beurt bijna uit balans raakte.

Op de individuele afstanden is hij nooit een ster geweest. Hij won twee keer de NK, in 2018 en 2019, maar internationaal zat hij zelden dicht bij de medailles. Nu, in de herfst van zijn carrière, heeft de boezemvriend van Sjinkie Knegt het individuele werk helemaal opgegeven. ‘Ik kan wel energie in de individuele nummers steken, maar dat gaat mijn relay niet helpen.’

Zo schaken Hoogerwerf en hij op verschillende borden. Sprinter Hoogerwerf hoopt dat hij om zijn kwaliteiten op de 500 meter nog mee mag. Breeuwsma duimt dat bondscoach Jeroen Otter de relay prioriteit geeft als hij op 17 januari de knoop doorhakt na de International Invitation Cup II, die de KNSB op 15 en 16 januari organiseert ter vervanging van het afgelaste EK.

Het is Breeuwsma’s laatste kans om de bondscoach te overtuigen, al is het de vraag of die ene wedstrijd veel zal uitmaken. ‘In training doen we bijna niets anders dan relays rijden. Ze weten wat ze aan me hebben.’