Interview

Levensles van Femke Heemskerk: ‘Doe wat goed voor je is en blijf lachen. Dat helpt altijd’

Femke Heemskerk (34) zette in november na 65 internationale medailles een punt achter haar carrière. Topzwemmen was voor haar ook een leerschool voor het leven. Een interview aan de hand van acht lessen.

Eline van Suchtelen
Femke Heemskerk is uitgezwommen. Laatst gedragen badmuts en zwembrilletje zijn opgeborgen.  Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Femke Heemskerk is uitgezwommen. Laatst gedragen badmuts en zwembrilletje zijn opgeborgen.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Ik ben sterk

Ik heb lang de overtuiging gehad dat ik niet sterk ben. Toen ik twee jaar geleden de opleiding Master in coaching deed, ging een onderdeel over belemmerende overtuigingen. Er was een lijn gespannen die in mijn geval stond voor het idee dat ik niet sterk was. Ik moest er overheen stappen om dat achter me te laten. Het lukte me niet. Ik kon niet in beweging komen. Dit jaar wist ik dat ik het nu wel zou kunnen. Ik werd in mei Europees kampioen op de 100 meter vrij. In een heel moeilijk jaar kon ik nog steeds functioneren. Het was één van de beste zwemweken uit mijn carrière, terwijl ik privé veel had meegemaakt. Op de Spelen in Tokio voelde ik me vrij, ik had er zin in. Ik tikte als zesde aan in de finale van de 100 meter vrij. Ik wist dat het niet beter kon op dat moment. Ik geloof nog steeds dat ik 52,50 kan zwemmen, wat genoeg zou zijn voor een medaille (haar pr is 52,69, red.). Maar het moest wel op dat moment gebeuren. Toch genoot ik. Wat kan zwemmen me dan nog leren als mens? Ik voelde dat het af was.

Veiligheid zit in jezelf, niet in een ander

Veiligheid was niet altijd vanzelfsprekend in mijn leven. Ik heb dingen meegemaakt in mijn jeugd waarvoor ik meerdere keren in therapie ben geweest. Ik ben dit jaar gescheiden na een kort huwelijk. Dat vond ik lastig, zeker naar de buitenwereld toe. Het is anders als je gewoon uit elkaar gaat. Toch voelde ik me heel sterk na dat besluit. Ik kwam erachter dat er een veilige plek in mij zit, en dat ik dat niet bij iemand anders hoefde te zoeken. We konden niet meer verder groeien. Ik ben nu samen met schrijfster Maartje Wortel. Het was in het begin even verwarrend. Had ik de hele tijd mijn seksuele geaardheid genegeerd? Nee, dat niet. Ik was eerst verliefd op hem, en nu op haar. Zo simpel is het eigenlijk. Ik heb Maartje ontmoet via Instagram. Zij houdt van water en zwemmen, ik van lezen. Zo raakten we aan de praat.

Heb plezier

De vader van een vriendin van de middelbare school zei vroeger altijd it’s good to be bad. It’s the best time we ever had. Ik ben dat nooit vergeten. Die zin staat voor mij voor plezier maken en buiten de gebaande paden gaan. Doen wat goed is voor je en waar je zin in hebt. En blijf lachen, dat helpt altijd. Zelfs als er een zware set op het trainingsschema staat. Als je mondhoeken naar boven krullen, krijg je automatisch meer positiviteit in je lichaam, het wordt dan minder zwaar. Het werkt hetzelfde als je bijvoorbeeld een potlood in je mond doet als je iets moeilijks doet. Als je mond lacht, is het minder zwaar.

Wees minder streng voor jezelf

Er werd me een keer gevraagd om de week van de EK van 2014 terug te halen en te kijken naar wat er wel en niet goed was gegaan. Ik moest vakjes inkleuren met groen, geel of rood. Groen stond wat goed ging, geel kon beter en rood was niet goed. Nou, dat ging lekker hoor. Rood, geel, rood, geel. Ik zag dat en dacht: ik heb vier medailles gewonnen en het was een EK. Er moeten toch ook dingen goed gegaan zijn? Dat was een eyeopener. Ik ben meer naar de positieve dingen gaan kijken in het leven. Later dat jaar kon ik dat toepassen op de WK. In de halve finale van de 100 meter vrij tikte ik als eerste aan. Mooi, door naar de finale, dacht ik. Ik liep het bad uit en kwam er toen pas achter dat ik een pr had gezwommen. Ik was niet bezig met tijden, met andere dingen, ik was alleen bezig met het proces. In de finale maakte ik het af en werd ik wereldkampioen.

Water reflecteert

Je kunt nooit twee keer in hetzelfde water stappen. Het water is nooit hetzelfde, en jij ook niet, zoals de Griekse filosoof Heraclitus zei. Het stroomt en het is een reflectie van hoe je je voelt. Als je boos bent, heb je minder controle over het water. Dan kun je er niet mee samenwerken. Soms kon ik iets loslaten in het water. Ik kwam er altijd met een beter humeur uit, dan dat ik erin sprong. Als je verdrietig bent, is niets beter dan je muts en brilletje opzetten en met je hoofd onder water zijn. Niemand die dan ziet hoe je je voelt. Onder water raakt je hoofd vanzelf leeg.

Luister naar je lijf

Ik ben een werkpaard. Ik doe liever meer dan minder. Topsport doet pijn, maar je weet wel wanneer de pijn niet goed is. Ik heb daar niet altijd goed naar geluisterd. Ik heb een jaar in Frankrijk in Narbonne bij Philippe Lucas getraind. Ik vond Narbonne niks aan, dus het kwam goed uit dat ik de hele dag doodmoe was. Ik heb dingen gedaan waarvan ik niet wist dat ik het kon. Setjes van 20x200 meter met heel weinig rust. Philippe zat soms te zeiken. Dit is slecht, dat is slecht. Ik ging dan het gesprek aan. Van tevoren hadden we afgesproken dat we ervoor zouden waken dat ik mijn techniek kwijt zou raken. Dat is niet gelukt. Ik kwam daar verwoest van terug. Daarna moest mijn lijf opnieuw opgebouwd worden.

Sta je mannetje

Als je heel jong onder druk komt te staan door zwemmen, dan komen je zwakke plekken vanzelf boven. Ik ben altijd veel bezig geweest met wat anderen deden. O, die is echt snel, dacht ik als iemand een goede tijd had gezwommen. Ik voelde in het water dat ze eraan kwamen stormen. Vechten, vechten, dacht ik dan. Als je op die manier bezig bent, kun je verkrampen. Je moet voor jezelf opkomen en geloven dat je kunt winnen. In Tokio had ik eindelijk het geloof in mijn eigen kwaliteiten gevonden. Emma McKeon uit Australië verslaan, dat werd misschien lastig. Maar in principe kon ik van alle anderen winnen. Dat gevoel was nieuw voor mij. Ik merk dat het nu ook buiten het zwembad aan het veranderen is. Ik heb er een handje van om mezelf op de tweede plek te zetten. Als iemand een sterke mening heeft, zal ik mij eerder voegen dan dat ik er wat van zeg. Ik ben steeds meer aan het leren om mijn eigen ruimte in te nemen.

Zoek meer verdieping

Ik heb zoveel tijd aan zwemmen besteed dat er veel dingen die ook belangrijk zijn, langs me heen zijn gegaan. Ik heb weinig tijd gehad voor de relaties met mijn broer en zus, met de kinderen van mijn broer, met mijn ouders. Ik hoop daar nu verandering in te brengen. Ik vergeet veel dingen. Ik sprak laatst met de Zweedse zwemster Michelle Coleman, die had daar ook last van. Ik denk dat het met concentratie te maken heeft die je dan voor dingen buiten het zwembad minder hebt. Ik ben benieuwd hoe ik nu ga bepalen wat het belangrijkste is in het leven. Zwemmen stond altijd op één, de rest kwam daarna. Als ik ergens niet heen kon omdat ik in de voorbereiding zat op een WK, begreep iedereen dat. Hoe bepaal ik nu wat het belangrijkste is?

Estafettezwemster

Femke Heemskerk vierde haar grootste successen op de estafette. In teamverband was ze voor niemand bang. Met de Nederlandse ploeg was Heemskerk tussen 2008 en 2012 vier jaar lang ongeslagen op de 4x100 meter vrij, het nummer waarop ze in Beijing in 2008 olympisch kampioen werd. Het was lang zoeken, over verschillende Europese baden, naar haar eerste internationale titel. In 2014 werd haar geduld beloond op de 100 meter vrij op de WK kortebaan in Doha, waar ze goud veroverde. Dit jaar werd ze voor het eerst Europees kampioene op dezelfde afstand. Met haar persoonlijke record van 52,69 seconden, gezwommen in 2015, is Heemskerk nog altijd de Nederlands recordhoudster op het koningsnummer.

Meer over