InterviewJeroen van der Lely

Jeroen van der Lely stopte als profvoetballer, hij miste zingeving en ging studeren

Jeroen van der Lely (24) stond te boek als een toptalent bij FC Twente, maar verruilde het profvoetbal een jaar geleden voor een studie literatuurwetenschap. ‘Ik denk veel over dingen na, als topsporter moet je vooral doen.’

Jeroen van der Lely bewoont een kleine studentenflat in Utrecht. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Jeroen van der Lely bewoont een kleine studentenflat in Utrecht.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Deze week heeft Jeroen van der Lely (24) tentamens. Een onvoldoende halen is alleen vervelend voor hemzelf, zegt de voormalige rechtsback van FC Twente die sinds een jaar in Utrecht literatuurwetenschap studeert, niet voor een hele voetbalclub. 

De prestatiedruk en het verantwoordelijkheidsgevoel vormden de kern van zijn worsteling als profvoetballer. Plus: de leegte van het topsportbestaan. Soortgelijke euvels noopten ook Tom Dumoulin vorige week tot een (tijdelijk) afscheid. Net als voor de renner was de beslissing om te stoppen voor Van der Lely een ‘enorme overdenking’. ‘Ik zat van kindsaf aan in de profvoetbalwereld, kon er niet even boven gaan hangen. Het is: stoppen of doorgaan.’

Wie stopt en terugkeert, krijgt het stempel van twijfelaar. Van der Lely had dat eerder meegemaakt in 2014 toen hij er even uitstapte vlak voordat hij naar de senioren van FC Twente zou gaan. ‘Toen ik weer aanhaakte, hoorde je toch: dat is die jongen die gestopt is.’

Hij vreesde de reacties toen hij in mei vorig jaar naar buiten trad met zijn beslissing af te zwaaien. Was bang dat mensen hem ondankbaar vonden. ‘Profvoetballer zijn is de jongensdroom van heel veel mensen, maar voor slechts een aantal weggelegd. Het betaalt enorm goed. Maar die mensen weten niet hoe ik aanhikte tegen wedstrijden spelen, tegen trainingen zelfs. De topsportwereld is supercompetitief. Een coach, medespeler of supporter kan niet denken: och hij doet toch zijn best. Zo werkt topsport niet.’

Weinig zelfvertrouwen

Van der Lely was niet behept met het zelfvertrouwen van veel van zijn ploeggenoten, steeds vaker dacht hij: als ik maar geen fout maak. ‘Dan laat je toch je hele ploeg, een hele club in de steek. Met Twente ging het steeds slechter. We degradeerden, ik voelde me daar verantwoordelijk voor. Ik denk veel over dingen na, dat helpt me bij deze studie. Als topsporter moet je vooral doen.’

In de eerste divisie belandde hij op de tribune. Hij vond dat niet eens zo erg, kon het ook begrijpen. ‘Ik haalde mezelf best ver naar beneden. Ik snapte het als Hakim Ziyech de bal niet meer naar mij wilde spelen. Misschien was dat helemaal niet zo, maakte ik mezelf dat alleen maar wijs.’

Hij  verloor al veel motivatie toen hij aanhaakte bij het eerste elftal. ‘Ik dacht: is dit het nou, heb ik hier al die jaren zo hard voor gewerkt? Je gaat ’s ochtends trainen en dan zit je om 13.30 uur thuis. Ik vond het een leeg bestaan, miste zingeving.’

Van der Lely ging boeken lezen, heel veel boeken lezen. ‘Daar haalde ik voldoening uit, tegelijkertijd vond ik nog zoveel andere dingen leuk naast het voetbal. Tegen het voetbal zelf begon ik steeds meer op te zien. Op vrijdagmiddag dacht ik al: als ik het zondag maar niet verpest.’

Sommige trainers informeerden hoe het met hem ging. ‘Maar de meesten waren druk met de crisis bij de club. Logisch. Toch zou het goed zijn om veel met spelers individueel te praten. Om als aanpak A niet werkt eens aanpak B te proberen.’

Hij ging nog even kijken in een andere omgeving, bij de Deense eerstedivisionist Vendsyssel. ‘Maar daar was het niet heel anders. Ik sprak met een mental coach, maar uiteindelijk moet het uit jezelf komen.’

Enorm obstakel 

Toen het hoge woord eruit was, voelde hij zich ‘heel licht, alsof er een enorm obstakel was opgeruimd’. Zijn omgeving had het al zien aankomen, die had begrip. ‘Maar ook daarbuiten hoorde ik: wat een gedurfde beslissing, wat een lef.’

De sportwereld wordt opener, constateert hij. ‘Gregory van der Wiel heeft verteld over zijn mentale problemen. Iemand berichtte me dat er laatst een keeper bij FC Dordrecht is gestopt. En ik kreeg ook een berichtje dat Dumoulin stopt om na te denken over zijn toekomst. Wat goed van hem.’

Hij volgt de topsportwereld niet fanatiek, eigenlijk alleen zijn voetbalvrienden Wout Brama en Peet Bijen. ‘Dan bekruipt me ook wel een nostalgisch gevoel. Als het goed ging, zat je met je familie heel trots te wezen.’

Maar de aanvechting om weer prof te worden heeft hij nog geen seconde gehad. Amateurvoetballer zal hij hooguit zijn. ‘Ik heb veel zin om weer te voetballen. Ik heb me aangemeld bij Hercules een derdedivisionist. Dat is een aardig niveau, ja, maar daar zullen ze dit seizoen hooguit nog in kleine groepjes trainen.’

Hij bewoont een kleine studentenflat in Utrecht met retromeubelen, een schaakbord staat tegen de muur, een gitaar voor een afgeladen boekenkast. Dat zijn inkomsten nu op een heel ander niveau liggen, raakt hem niet. 

‘Ik had nooit een uitbundige levensstijl. Alleen aan boeken ging veel geld op. Daardoor had ik een buffer om uit te zoeken wat ik echt wilde. Dat heb ik nu gevonden. Deze omgeving is liefdevoller, socialer. Maak je een fout dan ben je niet meteen een verliezer.’

Meer over