Nieuws

Jeroen Delmee volgt na de Spelen van Tokio Max Caldas op als bondscoach hockeyers

De Spelen van Tokio moeten nog beginnen, maar de Nederlandse hockeybond KNHB heeft het plan voor de Olympische Spelen van Parijs in 2024 al gereed. Jeroen Delmee wordt met ingang van september de opvolger van Max Caldas als bondscoach van de nationale mannenploeg. Delmee is nu coach van Frankrijk en de clubtrainer van hoofdklasser Tilburg.

Jeroen Delmee Beeld anp
Jeroen DelmeeBeeld anp

Delmee (48) was in zijn actieve loopbaan de strateeg die zowel in de verdediging als op het middenveld opereerde. Hij gold als rechtlijnig, een man die voorop ging in de strijd. De aanvoerder speelde tussen 1994 en 2008 (afgezwaaid bij de Spelen van Beijing) het onvoorstelbare aantal van 401 interlands en hij was een belangrijke speler in de olympische successen van 1996 en 2000. Na 2008 ging de hockeyer uit Boxtel werken als coach, eerst bij het Belgisch team, later bij Frankrijk en bij Tilburg, jobs die hij momenteel combineert. Hij assisteerde bij het nationale vrouwenteam.

Zijn ervaring, zowel op het veld als ook langs de lijn, maakte hem tot de voornaamste kandidaat om Caldas op te volgen. In een interview met hockey.nl verklaarde Delmee woensdag dat hij, in coronatijden met alle beperkingen, voor zichzelf had gekozen. Hij had tegen zichzelf gezegd: ‘Ik moet bondscoach van Nederland worden.’

Met de Franse ploeg deelnemen aan de Spelen van Parijs in 2024 had ook een doelstelling kunnen zijn voor Delmee. Als thuisland is het nationale hockeyelftal direct geplaatst. Frankrijk werd in 2018 achtste op het WK, een prestatie die hoog werd ingeschat in de hockeywereld. Delmee speelt deze zomer met Frankrijk het EK in Amstelveen. Daarna gaat hij zich concentreren op het Nederlands team, zonder de huidige coach Caldas voor de voeten te willen lopen. ‘Ik wil niemand in de wielen rijden’, zei de coach.

Delmee verklaarde voor de verfijning van zijn plannen het verloop van de Spelen af te wachten. ‘De jongens moeten olympisch kampioen worden. Dat zou een mooie erfenis voor Parijs 2024 zijn’, opperde hij tegen de hockeywebsite.

Naar de toekomstige selectie kijkend, oordeelde Delmee dat er momenteel veel dertigers in de A-ploeg spelen. ‘Wie gaat er stoppen?’, wierp hij op. Hij heeft nog met niemand van de selectie gesproken. Maar ‘switchen’ naar jeugdig, nieuw potentieel ‘om structureel mee te blijven doen’ lijkt een opdracht voor de nieuwe bondscoach. Al waarschuwde hij: ‘Er mogen er niet in één keer tien stoppen.’

Het verlangen om de nationale mannenploeg te coachen voerde de boventoon in het commentaar van Delmee. Hij zei uit te zien naar topwedstrijden, toptoernooien, de Pro League en naar ‘Nederlands praten op de training’. Eerst België en nu Frankrijk is Frans de voertaal op het hockeyveld. Bij Tilburg is het vaak Engels. Nederlands ouwehoeren met ervaren spelers is een plezierig perspectief voor de Brabander die zei dat hij met zijn ‘oranje hart’ de job van bondscoach niet had kunnen weigeren. ‘Ik kon niet anders dan ja zeggen.’

Meer over