WielrennenNK op de weg

Jakobsen en Groenewegen: een gevoelig weerzien op de VAM-berg

Dicht bij elkaar komen ze deze zondag lang niet, Fabio Jakobsen (24) en Dylan Groenewegen (maandag 28). Een markering in hun verhouding is het wel, tijdens de Nederlandse kampioenschappen op de weg, op en rond de VAM-berg bij Wijster in Drenthe.

Fabio Jakobsen, voor de start van het NK.  Beeld Klaas Jan van der Weij
Fabio Jakobsen, voor de start van het NK.Beeld Klaas Jan van der Weij

Voor het eerst staan ze samen aan de start sinds de huiveringwekkende valpartij, op 5 augustus vorig jaar in de Ronde van Polen, toen Groenewegen Jakobsen in de hekken dwong, met bijna fatale gevolgen voor laatstgenoemde. Vanaf die dag zijn hun namen aan elkaar geklonken.

Vanaf een grasveld waar de teambussen staan geparkeerd rijden ze in de slagschaduw van de vuilnisbelt naar de start. Groenewegen bevindt zich al in de buik van het wachtende peloton als Jakobsen als laatste komt aansluiten.

Dylan Groenewegen, Jumbo-Visma, voor de start.
 Beeld Klaas Jan van der Weij
Dylan Groenewegen, Jumbo-Visma, voor de start.Beeld Klaas Jan van der Weij

Of ze erop uit zijn is nog twijfelachtig, maar gelegenheid voor een verbindende groet is er niet. Groenewegens ploeggenoot Tom Dumoulin van Jumbo-Visma schuift nog wel enkele rijen naar achteren en wisselt een boks met Jakobsen uit. ‘Goed dat je er weer bent.’

De Hurricane van Heukelum lacht. Er is sinds enkele weken veel meer zichtbaar dat die eenzame hagelkorrel in de mondholte. Hij heeft rijen nieuwe tanden. Het is nog wennen. De mondspieren hebben nog niet de vereiste lenigheid. Littekenweefsel zit nog in de weg. Maar hij slist niet meer, de f komt er niet fluitend meer uit. ‘Ik ben er heel blij mee. Het wordt steeds meer zoals het was.’

Extra beladen

De aanwezigheid van Groenewegen maakt het evenement voor hem niet extra beladen. Het is niet waarschijnlijk dat de wedstrijd, vol steile klimmetjes, uitloopt op een sprint. En juist daarin was het in Polen misgegaan. Pas in zo’n confrontatie zal er angst opduiken, verwacht hij.

Dat er onderling nog wat glad te strijken is, nadat hij zijn teleurstelling had uitgesproken over het uitblijven van excuses van zijn rivaal, komt deze dag niet aan de orde. Groenewegen had het eerder bij de bus ook al vooral over de race: ‘Het gaat niet heel anders zijn. Ik zie het zo: we zijn gewoon concurrenten in de wedstrijd.’

Beiden zijn gewezen nationaal kampioen, beiden waren bij hun titels new kids on the block. Groenewegen, toen 23, won in 2016 op de Brouwersdam en begon in de jaren daarna grote wedstrijden te winnen, waaronder vier etappes in de Tour de France. Jakobsen, toen 22, zegevierde in 2019 in Ede en troefde de Leeuw van Amsterdam al enkele keren af.

Van der Poel

Ze weten dat zij als de raketten van de laatste meters in Wijster weinig te zoeken hebben als het om ereplaatsen gaat. De VAM-berg is het domein van Mathieu van der Poel, die hier vorig jaar met overmacht zijn tweede nationale titel pakte. Jakobsen vindt het leuk om het NK te rijden, Groenewegen wil na zijn schorsing van negen maanden meer wedstrijdkilometers maken.

Al snel liggen ze ver uit elkaar. De sprinter van Jumbo-Visma maakt verrassend deel uit van een vroege kopgroep, die van Deceuninck-Quickstep bevindt zich vooral in de staart van het peloton. Het illustreert hun weg terug. Jakobsen reed de Ronde van Turkije, de Ronde van de Algarve en het Critérium du Dauphiné en eindigde behoedzaam rijdend telkens in de achterhoede. Groenewegen nam deel aan de Giro d’Italia, de Elfstedenronde en de Baloise Belgium Tour en fietste vijf keer de top-10 binnen.

Beiden voltooien de wedstrijd in Drenthe. Groenewegen houdt lang stand, op twee ronden voor het eind breekt de kasseienstrook op de berg hem op. Maar toch ziet hij kans vuil werk op te knappen voor ploeggenoten Mike Teunissen en Timo Roosen. Verrassend is dat Van der Poel dan al lang uit de koers is verdwenen.

Vroege kopgroep

Hij bevond zich voortdurend in de tang van de geel-zwarte armada van Jumbo-Visma. Pogingen om aan te sluiten bij de vroege kopgroep waren op niets uitgelopen, waarna hij de wedstrijd staakte. ‘Je moet tweehonderd procent zijn om iets tegen zulke sterke blokken te ondernemen. Maar ik had de benen niet.’ Een verklaring ontbrak. ‘Je kunt altijd wel eens een mindere dag hebben.’

Het is Roosen die de kroon zet op het noeste werk van Jumbo-Visma. In de laatste ronde rijdt hij weg, nadat kort daarvoor Teunissen had aangevallen. De murw gebeukte concurrentie, onder wie Van der Poels teammaat Oscar Riesebeek, moet passen. Tijdens de laatste klim blikt hij voortdurend naar beneden, naar zijn crankstel, alsof zich daar de laatste krachten bevinden.

Op de streep heeft hij 30 seconden over op Sjoerd Bax en Riesebeek. ‘Ik had niet eens zoveel in de benen meer. Maar ik had ineens een gat.’ Verderop is hij zeker van zijn zaak. ‘Ik dacht: what the fuck, ik word Nederlands kampioen.’

Timo Roosen: ‘Ik dacht: what the fuck, ik word Nederlands kampioen.’ Beeld Klaas Jan van der Weij
Timo Roosen: ‘Ik dacht: what the fuck, ik word Nederlands kampioen.’Beeld Klaas Jan van der Weij

De 28-jarige Tilburger is al vanaf 2015 een betrouwbare maar wat anonieme kracht in de Jumbo-formatie, onder meer in de sprinttrein voor Groenewegen. ‘Nu met het rood-wit-blauw om de schouders zal ik misschien wat meer opvallen dan de renner die ik al was. Het is een droom dat ik dit mag meemaken. Dit is met afstand de mooiste zege.’

Maar ook in deze euforie is de donkere kant van de sport niet ver weg. Zijn broer Sjors, ook wielrenner, liep begin 2019 een dwarslaesie op, toen hij werd geschept door een auto. Roosen: ‘Deze zege is voor hem.’

Groenewegen wordt elfde, Jakobsen 29ste. Na de finish komen ze elkaar tegen en is er dan toch een korte aanraking met de hand. Groenewegen: ‘We zijn geen vijanden.’ Jakobsen zei het voor de race al: ‘Het gaat stapje voor stapje.’

Meer over