nieuws

Is de Muur van Kigali in Rwanda scherprechter op WK wielrennen van 2025?

Een WK wielrennen tussen fluiten, trommels en vuvuzela’s? Wielergek Rwanda hoopt dat het over vier jaar zal gebeuren.

Een renner van de nationale ploeg van Algerije beklimt de Muur van Kigali tijdens de Ronde van Rwanda, november 2017. Beeld Getty Images
Een renner van de nationale ploeg van Algerije beklimt de Muur van Kigali tijdens de Ronde van Rwanda, november 2017.Beeld Getty Images

Zal het ervan komen, de WK wielrennen in Rwanda in 2025? Stephan van der Zwan (53), eigenaar van Pro Cyling Stats, de wielersite waarop alle uitslagen en rankings worden bijgehouden, hoopt het vurig. In 2015, 2016 en 2017 was hij in het land, hij hield voor de organisatie van de Ronde van Rwanda de sociale media bij. ‘In 2016 twitterde ik dat ik droomde van een WK daar. Er kwamen veel reacties op. Misschien is toen het geloof ontstaan.’

Voorzitter David Lappartient van de internationale wielerunie UCI, op bezoek in Rwanda, bevestigde maandag de kandidatuur van hoofdstad Kigali. Vaststaat dat Afrika voor het eerst het decor vormt. Ook Tanger in Marokko dingt mee. De uiteindelijke beslissing valt in september tijdens de WK in België.

De koers is volgens Van der Zwan populair in le Pays des Mille Collines, het land van duizend heuvels. ‘Het publiek staat rijen dik langs de weg. Sommigen klimmen de boom in. Dranghekken zijn niet nodig. Wie te dichtbij komt, krijgt een tik op de knie met een knuppel van de politie.’

Of een WK thuishoort in een land met een regime dat dictatoriale trekken vertoont, laat hij liever buiten beschouwing. ‘Laat ik dit zeggen: op het WK voetbal in Qatar valt meer aan te merken. Dit evenement kan het beeld veranderen. Rwanda is veel meer dan het land waar in 1994 genocide is gepleegd.’

Zonnebril van Kelderman

Dat de autoriteiten bij gelegenheid ook aan zichzelf denken, ondervond hij toen hij in Nederland gedoneerde fietsonderdelen en wielerkleding tijdens de Ronde van Rwanda wilde uitdelen aan Afrikaanse renners. Dat initiatief volgde na een kennismaking met twee broers, die nooit met elkaar konden trainen omdat ze maar één fiets hadden. Door toedoen van het gezag kregen niet alle spullen de gewenste bestemming. Enkele dagen later zag Van der Zwan de toenmalige directeur van de nationale wielerunie passeren met de zonnebril van Wilco Kelderman op de neus.

De Ronde van Rwanda, die deze week wordt verreden, bestaat vanaf 1988 en maakt sinds 2009 deel uit van het UCI-programma. De organisatie is uitbesteed aan een Frans bedrijf. De acht etappes zijn op hoogte, vanaf 1.300 meter, stijgend tot voorbij toppen van 2.500. Van der Zwan: ‘Het is er geen meter vlak.’ Er wordt vooral in de ochtend gereden, om zowel hitte als buien later op de dag te vermijden.

Bekende scherprechter is de Muur van Kigali, een heuse kasseienklim in de hoofdstad, bijna 500 meter lang met een steil stuk van 18 procent. ‘De weg heet eigenlijk Kwa Mutwe’, vertelt Van der Zwan, ‘maar de eerste keer dat ik er was, vergeleek ik het met de Muur van Geraardsbergen, om de volgers toch het gevoel van de koers te geven. Het is al snel de Muur van Kigali geworden.’

Zeventien Nederlandse renners namen er sinds 2009 aan deel. De meesten reden voor kleinere ploegen, zoals Global Cycling, waarvan de renners zich doorgaans als ‘avonturiers’ afficheren. Dirk Oude Ophuis, nu werkzaam als fysiotherapeut, won dat jaar de zevende etappe in Nyagatare in het noordoosten. Hij versloeg in een sprint met drie een Portugees en een Marokkaan.

Dierbare herinneringen domineren. ‘Het enthousiasme van het publiek was ongelooflijk. In Kigali kreeg ik piepende oren van het kabaal.’ Hij roemt de kwaliteit van de weg, het goede eten, het fraaie landschap. ‘We reden door de bergen waar de gorilla’s zaten.’

Opspattende water

Tijdens een afdaling in de regen dreigde hij een keer onderkoeld te raken. ‘Gelukkig begon de zon te schijnen. Die heeft daar zoveel kracht dat het op de weg gelijk begon te dampen. Ik ben achter een renner gaan rijden om in het opspattende water wat op te warmen.’

Over de manier van koersen destijds was hij minder te spreken. ‘De Marokkaanse en Rwandese ploegen waren goed, maar andere Afrikaanse teams begrepen er weinig van. Kop op over kop rijden was er niet bij. Twee ploeggenoten bleven maar naast elkaar beuken, ze gunden elkaar niet dat de ander voorop reed. Heel bijzonder.’

Patrick Kos, zoon van oud-wereldkampioen stayeren René Kos en tegenwoordig salesmanager voor een producent van fietsonderdelen, nam deel in 2015. Ook hem staat het lawaai bij. ‘Fluiten, trommels, vuvuzela’s. Iedereen was aan het dansen, aan het feesten. Op de Muur van Kigali was het misschien wel drukker dan op de Alpe d’Huez. Ik krijg nog kippenvel als ik eraan terugdenk.’

Dat het wielrennen telt in Rwanda, werd hem al snel duidelijk. ‘Er is veel geld naar toe gegaan. De jongens uit de vaste selectie reden op knap materiaal. Het niveau was best hoog.’ Het was een Amerikaanse oud-renner, Jonathan Boyer, die aan de wieg stond van Team Rwanda, met een opleidingscentrum in het noorden van het land. Kos: ‘Maar je zag ook Zuid-Afrikanen die goed waren, de Eritreeërs kwamen op. De laatste tijd rijden er grotere ploegen uit Europa. Er worden zeker stappen gezet.’

Didier Munyameza van het nationale team van Rwanda wordt door zijn landgenoten luidkeels aangemoedigd als hij de Muur van Kigali beklimt  tijdens de Ronde van Rwanda, november 2017.  Beeld Getty Images
Didier Munyameza van het nationale team van Rwanda wordt door zijn landgenoten luidkeels aangemoedigd als hij de Muur van Kigali beklimt tijdens de Ronde van Rwanda, november 2017.Beeld Getty Images

Voor het Franse team Total Direct Energie was Pim Ligthart vorig jaar van de partij. De voormalig Nederlands kampioen (2011), dit seizoen begonnen als ploegleider bij SEG Racing, viel op hoe belangrijk de fiets in Rwanda is. Voor veel inwoners is het rijwiel het enige vervoermiddel. Boeren stapelen manshoog balen rijst en aardappels en trossen bananen op de bagagedrager. Bergop krijgen ze vaak als vanzelfsprekend een duwtje van voorbijgangers.

Ligthart: ‘En dan suizen ze met ruim 30 kilo lading achterop, teenslippers aan de voeten, met 70 kilometer per uur naar beneden.’ Hij trainde voorafgaand aan de ronde drie weken op hoogte. Vaak trok hij er alleen op uit. Gevaarlijk was het nooit. ‘De auto’s gaan met een boog om je heen.’

In de koers moest hij wennen aan de beperkte omvang van het peloton: er rijden maar 75 renners. ‘Parcourskennis was niet nodig. Er was plek genoeg. Je rijdt veel over brede en rechte hoofdwegen tussen de steden.’ Zijn beste resultaat was een vijfde plek in de etappe naar Musanze in het noorden, vooral bekend door de nabijheid van een populatie berggorilla’s.

Stephan van der Zwan van Pro Cycling Stats vertrouwt erop dat de WK aan Kigali worden toegewezen. ‘Reken maar dat er veel toeschouwers uit Europa zullen komen. Je hoort het nu al in de reacties: dit willen we meemaken! En na alle ellende in die burgeroorlog verdienen de Rwandezen het ook.’

Meer over