Analyse

In het Barcelona van Koeman maakt het chagrijn plaats voor een grijns

Lionel Messi viert zijn derde goal tegen Sociedad met Sergiño Dest. Beeld AP
Lionel Messi viert zijn derde goal tegen Sociedad met Sergiño Dest.Beeld AP

Mede door de opmars van Barcelona onder trainer Ronald Koeman krijgt de Spaanse competitie een zinderende apotheose. Drie kandidaten, drie punten verschil. Zaterdag kan Koeman goede zaken doen in El Clásico.

Ronald Koeman lacht. ­Lionel Messi lacht weer. Frenkie de Jong lachte ­altijd al. De lach is terug in Barcelona, waar het ­publiek decennialang verwend raakte met combinatievoetbal vol rijkdom, dat kwam en ging in golven. Wachtend op nieuw hoogtij voltrekt zich onverwacht vroeg de ommekeer. Die geeft Barcelona zicht op twee prijzen: het kampioenschap en de beker.

Het is deels de onvoorspelbaarheid van sport, gecombineerd met de maakbaarheid, met een trainer die al puzzelend ontdekt waar stukjes passen en die op de moeilijkste momenten zei dat hij ‘voor hetere vuren heeft gestaan’. ­Ronald Koeman krijgen ze niet gek in Catalonië. Barcelona speelt volgend weekend de bekerfinale tegen Athletic de Bilbao. Zaterdag (21.00 uur) is de klassieker bij Real Madrid, in de zeldzaam spannende ontknoping.

De stand: 1. Atlético Madrid 29-66, 2. Barcelona 29-65, 3. Real Madrid 29-63, terwijl de achterstand van Barcelona op Atlético begin februari 13 verliespunten bedroeg.

Gedijen bij onrust

Koeman gniffelt aan de telefoon, alleen al bij de gedachte hoe het seizoen zou kunnen aflopen. ‘Het zou ultiem zijn’, vat hij de ommekeer samen in zijn eerste seizoen als trainer bij zijn droomclub. Ga maar na: opnieuw begonnen, bouwen, sores over de vertrekwens van Messi, het daadwerkelijke vertrek van Suárez, megaschuld, de vernedering door Mbappé en co in Camp Nou, in de Champions League (1-4) en de voorzittersverkiezingen. ‘Het is ongelooflijk, na alles wat er is gebeurd. Al die veranderingen, de onrust. Maar juist dat is ook de charme van voetbal. Het is nooit voorbij zolang je ergens in gelooft.’

Koeman gedijde in de onrust. Hij genoot sowieso van zijn droombaan en is werkelijk opgetogen over de ‘ongelooflijke reeks van negentien ongeslagen duels in de competitie. Ik voel om me heen, in de stad, dat mensen weer om Barcelona geven. Vlak na de 8-2-nederlaag tegen Bayern in de Champions League, eind vorig ­seizoen, was de algemene opinie dat dit niet meer het Barcelona was dat ze kenden. Dat gevoel is veranderd. Mensen ­leven mee. Ze zien dat de sfeer terug is, ze genieten van de energie in de ploeg, van de ingepaste jeugd­spelers. Het pakt goed uit.’

Het blijft desondanks een raar seizoen. Geen bruisend Camp Nou vanwege ­corona, geen winkels waar shirtjes over de toonbank vliegen. Sportieve bubbels. Afstand houden, waar een omhelzing zou passen. Opsluiting, voorzichtigheid.

Neem Lieke Martens, een van de sterspelers bij de vrouwentak van Barcelona. Zij is al bijna kampioen (66 punten uit 22 duels) en halve finalist in de Cham­pions League, maar ze ziet verder vrijwel niemand. Ze is topsporter in eenzaamheid. ‘Ik spreek wel eens af met de vriendin van Frenkie de Jong en dan zie ik hem ook, maar we leven in een andere bubbel. We zien de mannen eigenlijk nooit. Ze hebben een andere ingang op het trainingscomplex.’ Martens nam een reclame voor chips op met Messi, maar daarbij zijn beelden van aparte opnamen bij elkaar gevoegd. Alles staat in het teken van veiligheid.

In dat onwezenlijke leven van bubbels is het makkelijker om onverstoorbaar te blijven. Koeman incasseerde kritiek, in de wetenschap dat hij als voormalig speler uit het Dream Team van Cruijff ­krediet heeft, en bouwde aan een ploeg die zich weer mag laten zien aan de ­wereld. Voor twee cruciale duels met Sevilla, eind februari en begin maart voor competitie en beker, wijzigde hij het spelsysteem, van 4-3-3 naar 3-5-2 of 3-4-3.

Lionel Messi is inmiddels alweer maanden in topvorm. Beeld Getty Images
Lionel Messi is inmiddels alweer maanden in topvorm.Beeld Getty Images

Hij bouwde centraal iets meer defensieve zekerheid in en gebruikt spelers meer op hun topkwaliteiten. Zeg maar: drie centrale verdedigers, vier of vijf middenvelders, drie of twee aanvallers. Hij benut zo de aanvalskracht op de vleugels beter, met Sergiño Dest en Jordi Alba. ‘En Sergio Busquets heeft op het middenveld een mannetje extra in de rug.’

Zo kreeg de topreeks een passend vervolg, nadat de ploeg eerder al op wonderlijke wijze was ontsnapt in het bekerduel bij Granada, van 2-0 naar 3-5, met dolle vreugde als uiting. Veelvuldig gelauwerde voetballers, Messi incluis, feesten geregeld als jongens bij hun eerste Pinkstertoernooi.

Koeman heeft een gouden pik, heet het in de media. Dat mag zo zijn, maar kort na zijn komst was daarvan weinig gebleken, toen Messi weg wilde, Suárez vertrok en de schuldenlast de stemming drukte. Nu is Messi, de barometer van de club, alweer maanden in topvorm en poseerde hij vorige week trots met vrouw en kinderen op het hoofdveld, nu hij recordhouder is qua wedstrijden voor Barcelona.

Koeman: ‘Messi wil prijzen winnen. Dat is cruciaal voor hem.’ De trainer koestert hoop dat de Argentijn blijft. Hij zou dat geweldig vinden, want ‘met Messi win je meer wedstrijden dan zonder Messi. Ook hij ziet iets gebeuren met de energie in het team.’

Pittig schema

Messi’s adjudant Frenkie de Jong ­domineert in klassementen als het over passing gaat. Maar ook bij de middenvelder met de eeuwige lach, die tactische analyses kan uitspreken in puntige volzinnen, gaat niet alles vanzelf. Ruim twee weken geleden in Istanbul, na de nederlaag in de WK-kwalificatie tegen de Turken, leunde hij moedeloos tegen een muur in stadion Atatürk. Een knisperende openingsfase was verzand in eindeloos balverlies en het verdwijnen van dominantie. Chagrijnig en vol zelfkritiek bezag hij het voetballeven.

Op het einde van het gesprek refereerde hij aan de drukte en last van zo’n seizoen met corona, waarin alle duels in korte tijd zijn geperst. Recapitulerend: ‘Ik heb zondagavond gespeeld (bij Sociedad, 1-6, red.) en kom om half 4 ’s nachts thuis. Dan moet ik om 1 uur ’s middags bij het Nederlands elftal zijn in Zeist. Ik heb vier uur geslapen. Gereisd, vermoeid getraind, nog een keer getraind en toen was daar de wedstrijd tegen Turkije.’

‘Frenkie de Jong is liever middenvelder’, weet Koeman. De Jong speelt nu tijdelijk als centrale verdediger. Beeld Reuters
‘Frenkie de Jong is liever middenvelder’, weet Koeman. De Jong speelt nu tijdelijk als centrale verdediger.Beeld Reuters

Dan verder: drie interlands voetballen, een dagje extra bij familie in Nederland omdat hij pas maandag weer hoefde te spelen. Terug in Barcelona was hij weer centrale verdediger in plaats van middenvelder, als tijdelijke oplossing in dat aangepaste systeem. Valladolid thuis. Moeilijk duel, zo bleek, waarbij De Jong zich net als Messi soms even moest inhouden, want met een gele kaart was het duo geschorst geweest tegen Real.

‘Hij is liever middenvelder’, weet Koeman. ‘Maar met Frenkie kun je alle kanten op. En hij mag indribbelen.’ En dat terwijl De Jong net was gewend om anders te spelen op het middenveld dan in zijn eerste seizoen bij de club. ‘Ik speelde aanvallender dan vorig seizoen’, aldus De Jong over de periode voordat hij tijdelijk centrale verdediger werd. Hij scoorde meer en schoot vaker dan voorheen op doel. ‘Ik kwam veel meer in de zestien van de tegenstander. Daar komen, is ook een kwestie van mindset. Dat heeft de trainer ook meermaals aangegeven.’

Ook als verdediger mag hij ‘indribbelen’. En zie, in de laatste minuut, maandag tegen Valladolid, als 0-0 dreigt, verschijnt De Jong op de rechterflank en geeft hij van bij de achterlijn een klassieke, hoge voorzet. Via een paar hoofden belandt de bal bij Ousmane Dembélé, een wispelturige voetballer. Een speler die geniale acties afwisselt met totale missers en soms zelf niet lijkt te weten wat hij doet. Maar nu neemt hij de bal ineens op de linkerschoen voor de 1-0. Koeman juicht uitbundig. Hij heeft Dembélé weer aan het voetballen gekregen. En Griezmann ook.

Dat juist Dembélé scoort, hier en nu, is een teken dat het gunstig kan uitpakken voor Barcelona. Koeman: ‘De wedstrijd was niet goed. De meeste spelers waren een tijd weg geweest voor interlands. Het is dan lastig om weer gelijk goed te zijn. We oogden niet fris.’

Maar het liep net goed af, en zo is de achterstand op Atlético nog één punt, met twee punten voorsprong op Real, dat de fysieke en mentale zwaarte van deelname aan de Champions League draagt. Zelfs bij een nederlaag in ­Madrid blijft de strijd open. Atlético heeft ook een moeilijke uitwedstrijd, tegen Real Betis, en na het weekeinde zijn nog acht duels te spelen. Barcelona krijgt Atlético nog thuis.

Opportunisme

Hoe anders was het eind januari, toen het leek of Luis Suárez de ultieme wraak ging nemen op de club waar hij moest vertrekken, en uitgerekend voor Atlético koos toen Juventus afketste. Nu, in de opportunistische wereld van het voetbal, is de situatie omgekeerd. Atlético maakte deze week bekend dat Suárez vanwege een spierblessure vermoedelijk een paar weken ontbreekt.

Niets hoeft voor Barcelona in het tussenjaar. Alles is bonus. Tussendoor kijkt Koeman naar zijn tweede contractjaar, naar mogelijke versterkingen, wetende dat er geen geld is. Hij hoopt dat corona zijn greep op het leven verliest, dat het stadion zich vult, dat de clubwinkel weer de grootste nering van de stad is.

Hij praat met de nieuwe voorzitter Laporta over de toekomst, over de ­mogelijke komst van Jordi Cruijff in het technisch management. Dat is nog steeds de bedoeling, maar Cruijff zit vast als trainer van een club in China. Koeman volgt geboeid een bezoek als dat van zaakwaarnemer Mino Raiola, die in gezelschap van vader Haaland neerstreek in Camp Nou om te peilen in hoeverre Barcelona geïnteresseerd is in de meest begeerde jonge spits van Europa: Erling Haaland (20) van Dortmund. ‘Ik weet niet wat er mogelijk is in de zomer. Dat zien we straks wel.’

Wat hij wel weet, is wat er mogelijk is in de komende weken. Geen prijs. Eén prijs. Of zelfs twee prijzen. Dat zou echt ultiem zijn. Hij gniffelt. Daarover kan hij best even dagdromen. Maar niet te lang.

Meer over