ColumnWillem Vissers

In enkele seconden is Ihattaren stoer en eert hij zijn moeder voor het oog van de camera

null Beeld

Innig is de omhelzing van Mohammed Ihattaren met Pablo Rosario, ook zo’n vaak verguisde voetballer. Even een paar seconden in elkaars armen hangen, als veel meer dan uiting van blijdschap om de 3-0 van PSV in de 92ste minuut tegen Heracles.

Zo is het begonnen, met het feestje: Ihattaren neemt de korte breedtepass van Mario Götze aan, rechts in het strafschopgebied. Hij legt de bal voor zijn linkervoet en schiet bij zijn vierde balcontact op doel. Ook de derde aanraking is speciaal. Met links buitenkant even de bal verleggen, naar de ideale positie voor het harde schot, vol effect. Zo’n wiskundig bemeten boog is vertrokken, waarna de perfecte daling inzet. Doelman Blaswich duikt stijlvol, maar hier is geen houden aan. Precies in de kruising.

Eerst loopt Ihattaren terug richting middenlijn, maar dan wil hij genoegdoening. Hij draait zich om, loopt naar de camera achter het doel en roept in de lens: ‘Niemand die mij kapot krijgt, vriend, niemand’, waarbij duidelijk is dat de betiteling vriend spottend is bedoeld en vijanden betreft. Althans, degenen die hem afschrijven als talent zonder mentaliteit. Media. De trainer misschien. Bijna de hele wereld soms.

Rosario trekt hem weg van de camera, want die weet al wat langer hoe het verder zal gaan in de media. Met nieuwe kritiek. Dan wurmt Ihattaren zijn hoofd nog een keer terug naar de lens en roept: mama, om zijn moeder te eren. Stoerheid en de roep om moeder, binnen een paar tellen. Vooral de zogenoemde still op de site van de NOS is grappig. Het wat verongelijkte gezicht van de doelpuntenmaker steekt schril af tegen de gulle lach van Teze en Sangaré.

Ihattaren heeft weer een kwartier mogen voetballen in dit voor hem mislukte seizoen, alhoewel het mogelijk juist een seizoen blijkt van grote betekenis, van loutering. Trainer Roger Schmidt vindt het goed dat hij geen interview geeft na afloop. Schmidt hoopt vooral dat de tiener beter gaat voetballen.

Critici vinden dat Ihattaren beter in de spiegel kan kijken in plaats van wat te roepen tegen een camera. Maar laten we wel wezen: het is ook speciaal, zo’n knul die zijn gram haalt. Moet iedereen dan saai en meegaand zijn? Laten we blij zijn met voetballers als Ihattaren, laten we hem een extra toefje krediet geven, al is het maar vanwege de schaarste van echte talenten.

Kijk naar de eredivisie, naar de bijna totale leegte van sommige wedstrijden, met bijna inwisselbare voetballers die miljoenen breedtepasses geven. Wees blij dat Steven Berghuis meedoet bij Feyenoord, al is hij dan een aparte snuiter. Laten we dankbaar zijn voor Oussama Tannane, ook zo’n zogenoemd lastige jongen. Hij klaagt soms openlijk over gebrek aan erkenning en doet intussen zoveel moois, zoals dat passje achter het standbeen langs tegen FC Twente. Nu het publiek uit de stadions is verdwenen, vergeten veel voetballers dat hun beroep ook kunst hoort te zijn.

Trouwens: als je naar Ihattarens gezicht kijkt, lijkt hij een stuk afgevallen. Dat is hemzelf vermoedelijk ook opgevallen, toen hij in de spiegel keek.

Meer over