In de Achterhoek wordt Ajax nog gerespecteerd

Het zijn vreemde tijden op de velden en er gebeuren rare dingen. Bijvoorbeeld: het is zondagmiddag in de Amsterdamse Arena 2-1 bij Ajax - De Graafschap en er is nog een kwartier te spelen....

Bestaat er een wonderlijker voetbalcompetitie dan de Nederlandse eredivisie? In de competities van gewone voetballanden proberen ploegen die een kwartier voor tijd met 2-1 achterstaan meestal toch nog op 2-2 te komen. Soms verliezen ze daardoor met 3-1, maar dat geeft niet. In een land als Engeland bestaan zelfs teams die trachten een wedstrijd bij 2-1 achter alsnog te winnen, ook al zijn er nog maar drie minuten te spelen. Maar Engeland is nu eenmaal een land met primitieve voetbalopvattingen.

'Ik had met een kwartier te gaan kunnen besluiten opportunistisch te gaan spelen', zei McDonald na afloop. 'Maar dan moet ik achter wel één op één gaan spelen. En dat is natuurlijk met voetballers als een Wamberto vragen om problemen. Dan kan het ook 3-1, 4-1 of zelfs 5-1 worden.' Het is al heel lang geleden dat Rob McDonald, de opportunistische Engelse spits van onder meer FC Groningen en PSV, Boothferry Park en Hull City verruilde voor de Nederlandse competitie.

Zelfs de rode kaart die scheidsrechter Luyten vijf minuten voor tijd Chivu voorhield vanwege een tackle van achteren op de achillespezen van Tumba - Chivu's vierde dit seizoen, de Roemeen was voor het eerst terug na de schorsing vanwege rood nummer drie - vormde voor De Graafschap geen aanleiding om alle voorzichtigheid overboord te zetten, de algehele mobilisatie af te kondigen en massaal naar voren te hollen. Integendeel. De ploeg bleef de bal achterin voorzichtig rondspelen, uit angst voor 5-1 en uit eerbied voor een Wamberto.

Hoe lang komen ploegen nog naar de Arena met bibberknieën? Hoe lang vindt Neerlands middelmaat een 2-1 nederlaag bij Ajax nog een bijster knappe prestatie? Het Ajax van Jan Wouters verkeert, wat de Ajax-claque ook beweert, nog steeds in een diepe crisis. Maar de tegenstanders die de ploeg na de winterstop thuis ontving kan dat niet worden verweten. Die deden alsof ze op bezoek gingen bij een onverslaanbare Europese topclub en elke nederlaag met minder dan dubbele cijfers meegenomen was. Cambuur, Willem II en De Graafschap zetten alles op alles om het zelfvertrouwen van de Amsterdammers op te krikken.

Aanvankelijk had De Graafschap nog wel iets weg van een ploeg die probeerde te winnen. Drie minuten was de wedstrijd oud, toen de Fin Ville Väïssänen dat knap onderstreepte. Hij reageerde alert op een voorzet van Tumba, kroop voor Winter en verraste doelman Grim. Vier minuten later was het alweer gelijk. Graafschap-doelman Olyslager weigerde de bal na een corner van Dani op te pakken, waarna Machlas scoorde. En in de 23ste minuut werd het 2-1, toen Dani een een-twee opzette met Machlas en die ongehinderd mocht bekronen: het is in de Arena nu eenmaal niet de gewoonte dat tegenstanders van Ajax met het mes op tafel de verdediging ter hand nemen.

Na 75 minuten stond desondanks de 2-1 nog steeds op het scorebord, onder meer omdat Machlas vijf minuten na rust een klassieke misser produceerde: hij tilde de bal na een fraaie actie van Laudrup over het lege doel en was vervolgens het liefst als Machlas de Mol verdwenen onder de nieuwe grasmat in de Arena (de zestiende). Wouters haalde de beschaamde spits even later na de kant, en bracht een Wamberto in het veld.

McDonald had toen zijn afweging al gemaakt. Zijn ploeg kreeg naarmate de tweede helft vorderde steeds meer greep op de wedstrijd, en overtroefde Ajax met name op het middenveld. Dat verheugde de trainer zeer, maar hij verbond er verder geen harde conclusies aan (dat zich tamelijk onverwacht de kans voordeed om met een punt terug te keren naar de Achterhoek bijvoorbeeld).

'Ik vond dat we een stuk beter speelden dan in de voorgaande wedstrijden', zei McDonald. 'We lieten de bal goed rondgaan en de opbouw was beter verzorgd. Dat was belangrijk, vooral met het oog op de komende wedstrijden tegen Den Bosch en MVV. Die wedstrijden zijn voor ons écht van belang.' De trainer had geen zin het risico te lopen het kennelijk groeiende zelfvertrouwen van zijn ploeg weer teniet te doen door va banque te gaan spelen - en Ajax daarmee de kans op doelpunten te geven.

En zo deed zich op zondagmiddag 20 februari 2000 in de Amsterdamse Arena de merkwaardige situatie voor dat bij een achterstand van 2-1 elf voetballers van De Graafschap, tegen tien van Ajax, niet koortsachtig op jacht gingen naar de 2-2 maar de bal achterin rustig rondspeelden. Alleen Eric Redeker leek de waarde van de 2-1 nederlaag niet te beseffen; hij liep zich voorin uit te sloven en kopte zelfs nog een keer juist langs de paal. Maar Redeker is natuurlijk nooit een tactisch wonder geweest.

Meer over