Idealist raakt verstrikt in politieke spelletjes

Veel vragen gaan de laatste maanden door zijn hoofd. Wat moet hij doen? Waar moet hij heen? Boris Orlov probeert er niet te veel aan te denken....

Iñaki Oñorbe Genovesi

TWEE MAANDEN geleden besloot de turnbond het contract met Boris Orlov niet te verlengen. Als in juni het huidige contract afloopt moet de Nijmeegse turnvereniging de Hazenkamp, waar de turntrainer dagelijks werkt het salaris overnemen. De club wil Orlov graag behouden, maar kan het salaris van Orlov, 75 duizend gulden (ruim de helft van de jaarlijkse begroting), waarschijnlijk niet betalen.

Bij gebrek aan werk kan hij het land worden uitgezet. 'Ik sta met mijn rug tegen de muur', zegt een geëmotioneerde Orlov. 'Mijn vrouw is ziek en wil absoluut niet terug naar Rusland. Mijn 16-jarige dochter is een echt Nederlands meisje geworden, maar als mijn vrouw en ik terug moeten, mag mijn dochter niet in Nederland blijven omdat ze nog minderjarig is. Ik voel mij als Jezus aan het kruis. Wie wil kan schieten.'

De 55-jarige Rus voelt zich afgedankt als een paar oude schoenen. 'Ik weet niet wat de bond heeft gedacht', zucht hij. 'De bond wilde geen trainer meer in dienst. Dat is het enige wat ik weet. Zo van hij zit hier te lang, oprotten. Ga maar bij de Hazenkamp werken. Ja dat wel, want missen kunnen ze mij niet. Ze hadden beter eerst iets kunnen regelen.'

Want geen enkele turnvereniging in Nedeland kan een fulltime trainer betalen, zegt Orlov. 'Het contract is bijzaak. Ik heb een shit gevoel dat ze geen rekening met mij hebben gehouden als persoon. Je presteert bijna het onmogelijke en als dank krijg ik vanwege een paar centen een schop onder mijn kont. Ik was als enige trainer nog in dienst van de bond. De andere steunpunttrainers konden daar kennelijk niet van slapen. Vanaf juni hebben ze eindelijk weer een fijne nachtrust.'

Intriges en politieke spelletjes zijn niks voor hem, bekent de trainer. 'Ik probeer eerlijk te zijn en niet zoals te vaak in Nederland gebeurt van die mooie praatjes te verkopen. Boris je hebt goed en hard gewerkt, maar... Of ik ben nodig of ik ben het niet.'

'Bondstrainer, steunpunttrainer, clubtrainer, ik ben alles geweest de afgelopen jaren. Het maakt mij niet uit in welke functi

e ik moet werken. Voor mijn part als schoonmaker, als ik maar bezig kan zijn met turnen.' Want turnen is alles voor Orlov.

'Turnen is niet alleen een soort kunst. Het is ook een model van het hele leven. In korte tijd kunnen turners en turnsters alles krijgen en beleven: hard werken, frustratie, blessures, moeilijke periodes. En af en toe blijdschap en feest, na een goed resultaat of een succesvolle wedstrijd.'

Zelf heeft Orlov ook al een aantal maal dit model doorlopen. Eerst als sporter later als trainer. 'In mijn jeugd was ik een begenadigd sportacrobaat. Daarnaast verdiende ik als trampolinespringer wat bij in het Staatscircus, totdat een zware val een einde maakte aan mijn sportcarrière.'

Orlov brak zijn nek en moest opnieuw leren lopen. Het toeval wilde dat CSKA Moskou, de club van het leger, een hulptrainer-acrobatiek zocht. Jarenlang werkte hij in een tot gymzaal omgebouwde vliegtuighangar met honderden jonge talentjes. 'De omstandigheden waren er hard', herinnert Orlov zich. 'Het was er vies en het stonk, maar de turners hadden alles wat nodig was om te oefenen.'

Begin jaren tachtig leidde hij een van zijn pupillen, Olga Bitsjernova, naar de wereldtitel, waarna Orlov van de beleidsbepalers in het Kremlin het verzoek kreeg in Nederland zendingswerk te gaan doen. 'Het verschil in trainen tussen de Sovjet-Unie en Nederland is in een zin samen te vatten: hier geef ik les, in Rusland gaf ik training. Dat zegt alles.'

Volgens de Rus hangt dit samen met de mentaliteit in Nederland. 'Ouders willen vaak te veel van hun kinderen. Turnen, zwemmen, daarna tennis, tussendoor nog even viool- of pianospelen. Als je wat wilt bereiken met turnen moeten alle andere zaken opzij. Anders is het resultaat nul komma nul. Maar ja, alles moet hier leuk zijn.'

Al snel na zijn komst merkte Orlov ook dat in Nederland iedereen een mening heeft. 'En die is kennelijk belangrijker dan de mening van die stomme Rus. De meesten hebben zoiets van Orlov weet iets, maar hij moet zich er niet mee bemoeien.' Het best

uur moet sturen, niet de trainers, meent Orlov. 'Trainers van andere clubs bemoeien zich met mijn zaak. Wie is er nou verantwoordelijk voor ons turnwereldje?', vraagt de Rus zich vertwijfeld af.

De trainer schetst hoe het er in de Nedelandse turnwereld soms aan toe gaat. 'Jaren geleden maakte de toenmalige voorzitter Bart Buys een plan. Iedere club moest betaald worden naar gelang de prestaties van de turnsters. Het plan bleek onwerkbaar, maar wat denk je: dat plan van Buys ligt weer op tafel. Het is net of iemand het uit de vuilnisbak heeft gevist en heeft aangepast. Mensen moeten hier kennelijk bezig zijn.'

Hij weet niet hoe vaak het bestuur is veranderd en het beleid van de turnbond aangepast sinds zijn komst. 'Elke bestuur had weer een stapel ideeën, maar in de praktijk kwam er vrijwel niks van terecht.'

In Nederland ontbreekt in tegenstelling tot Rusland een turntraditie, meent Orlov. 'En elke keer als een traditie wordt opgebouwd wordt die weer afgebroken. Het Nederlandse turnen zit de laatste jaren in de lift. Vooral na het WK in China hebben we bewezen dat we in Nederland niet alleen klompen en kaas hebben, maar ook goede turnsters. Dat is echt niet het gevolg van het turnbeleid, maar van de kwaliteiten van de huidige turnsters.'

Orlov wil niet te veel op de bond mopperen. 'Ik ben daarvoor meer dan eens op mijn vingers getikt. Maar ja, wat moet ik? Mijn werk is nog niet af. Ik voel mij verantwoordelijk voor mijn meisjes. Voorlopig heb ik nog een paar maanden. De turnsters voorbereiden op het EK en de Nederlandse kampioenschappen. Daarna zie ik wel wat er gebeurt.'

Meer over