Hoeder van Achterhoeks cultuurgoed

Weggestuurd, ontslagen of opgestapt. Keerpunten bepalen een voetbalcarrière. Vier jaar was Derk Haank de baas van De Graafschap, nu is hij weer gewoon supporter....

Van onze verslaggever Martien Schurink

Dan zong hij, trots als hij was Achterhoeker te zijn, het geuzenlied Wij zijn boeren, superboeren, niet vermoedend dat hij jaren later de scepter zou zwaaien over diezelfde superboeren.

Na lagere school in Terborg en lyceum in Doetinchem zocht Haank zijn heil ver buiten het historische territorium van De Graafschap, in Amsterdam waar hij feestte en studeerde en aldoende de grondsteen legde voor een verbluffende carrière in de uitgeverswereld. Hij klom op bij Elsevier, werkte jaren in Londen, keerde in 1991 terug om directeur van Misset te worden en herontdekte in die hoedanigheid al snel zijn eerste liefde. Hij werd weer de superboer die hij als kind al was en mocht zich in 1999 zelfs oppersuperboer, voorzitter, noemen.

Van meet af aan besefte Haank dat nederigheid hem bij de uitoefening van die hoge functie niet zou misstaan. Al was het alleen omdat zijn kennis van het voetbalspel nou niet bepaald overhield.

'Het is mijn diepste overtuiging dat clubbestuurders zich niet met technische zaken dienen bezig te houden. Maar al heb je geen voetbalverstand, of heb je dat zoals ik slechts in beperkte mate, dan heb je natuurlijk wel de vrijheid om de professionals in de club vragen te stellen.

'Waar ben je in hemelsnaam mee bezig? Waarom koop je een speler voor een plaats rechts op het veld, terwijl hij stijf linksbenig is? Jazeker, die dingen gebeuren en het is aan de baas om die dingen niet te laten gebeuren.'

Het was niet de macht die hem trok, geen denken aan. Haank werd voorzitter omdat hij dan kon zijn wat hij wilde zijn: een bewaker van de Achterhoekse voetbalcultuur.

'Ik ben er in 1999 ingestapt vanwege mijn betrokkenheid met deze streek en met deze club. De Graafschap is het vlaggenschip van deze regio en dat moeten we koesteren. Ik erger me altijd wild aan spandoeken in de Arena: Elst steunt Ajax of Harderwijk groet Amsterdam. Natuurlijk mag Elst voor Ajax zijn, maar Elst moet ook voor Elst zijn.'

Een superboer zal niet gauw vreemd gaan. Wat dat betreft heeft Haank als cultuurbewaker in de Achterhoek heilzaam werk verricht. 'De aanhang is enorm toegenomen. Van zevenduizend toeschouwers vier jaar geleden naar een dikke tienduizend nu.' Die groei is in belangrijke mate te danken aan het zendingswerk dat Haank en de zijnen verrichtten in Zutphen en omstreken, een regio die altijd op de hand was van Go Ahead.

Die tijden zijn geweest, constateert Haank. 'Go Ahead heeft de slag in dit deel van het land verloren. We zien dat ook in de businessclub. Steeds meer ondernemers uit dat gebied hebben hun activiteiten verlegd van Deventer naar Doetinchem, van Go Ahead naar De Graafschap.'

Toch zal De Graafschap, zo denkt Haank, nooit een grote club worden. Dat heeft zijn charmes, maar breek Haank de mond niet open over de nadelen die eraan kleven.

'Deze club leiden is geen makkelijke taak. Je staat altijd en overal onder druk. Je hebt met zó veel belanghebbenden te maken, met pers, banken, supporters, trainers, businessclub. Elke dag kan er een brandje uitbreken en dan kun je het niet maken om te zeggen: sorry, ik heb nu even geen tijd, ik moet voor mijn werk naar het buitenland.'

Meer en meer bekroop Haank het gevoel dat hij publiek bezit was geworden. 'Als je weer eens niet gewonnen had, kon je je beter niet in Doetinchem vertonen.'

Eigenlijk was het, al zegt Haank dat liever niet en somt hij liever de voordelen op, een hondenbaan en is hij blij dat hij ervan verlost is. 'Je ligt voortdurend op de grill. Op een gegeven moment raakt het op.'

Het was dan ook een zegenrijke dag toen de Duitse uitgever van onder meer wetenschappelijke tijdschriften Springer hem het aanzoek deed de leiding van het bedrijf op zich te nemen. Kon hij mooi zonder schuldgevoel opstappen. 'Ik heb nu weer veel tijd over, ook emotioneel.'

Hoe die vrije tijd te benutten? Haank hoeft geen seconde na te denken. 'Op de tribune natuurlijk, tussen het volk. Lekker kankeren op het bestuur.'

Dit is de laatste aflevering van een serie over keerpunten in een voetbalcarrière.

Meer over