InterviewTom-Jelte Slagter

Hoe wielrenner Tom-Jelte Slagter zwichtte voor de trekker

Hij had nog jaren kunnen fietsen. Maar Tom-Jelte Slagter (31) kiest heel bewust voor een nieuw bestaan. Hij volgt zijn hart en gaat voortaan tractoren aan de man brengen.

NL Groningen 20201208 Tom-Jelte Slagter profwielrenner wordt John Deere verkoper. foto Harry Cock/de Volkskrant Beeld Harry Cock
NL Groningen 20201208 Tom-Jelte Slagter profwielrenner wordt John Deere verkoper. foto Harry Cock/de VolkskrantBeeld Harry Cock

Vanuit de keuken van de voormalige boerderij met witgepleisterde muren en rieten kap kijkt Tom-Jelte Slagter, wielrenner in dienst van de Franse ploeg B&B Hotels-Vital Concept, uit op het westelijk ommeland van Groningen. Bomenrijen en smalle weggetjes tussen de akkers – het is het landschap waarin hij zich op zijn gemak voelt.

Vlak land, verre verten. Hij woont hier met zijn gezin sinds juli, ze kwamen uit een woonwijkje in Nij Beets.

Wat hij niet had voorzien, is dat dit contreien zijn waarin hij binnenkort ook beroepshalve aan de slag gaat. Het is een plotse wending in zijn leven, hij is 31, doorgaans niet de leeftijd waarop een prof de fiets aan de haak hangt. Maar het is nu eenmaal zo gelopen.

Liefde voor de trekker

Nadat hij eerst de liefde voor de fiets volgde, volgt hij nu de liefde voor de trekker. Twee skelters in de tuin getuigen van zijn hartstocht. Het speeltuig van zijn kinderen is groen en geel. Het zijn de kleuren van de Amerikaanse landbouwmachinefabrikant John Deere, het merk dat hij, ook al is hij geen boerenzoon, als kind al zo machtig mooi vond. Vanaf 1 januari gaat hij de groen-gele gevaartes aan de man brengen, in de regio Slochteren, ook nog eens zijn geboorteplek.

Hij was helemaal niet uit op een einde van zijn sportcarrière, al zat het in het afgelopen door corona dwarsgezeten seizoen niet mee. Sponsoren dreigden af te haken, er werd gekort op salarissen, hij reed niet de wedstrijden waar hij zijn zinnen op had gezet. Zo miste hij de selectie voor de Tour de France. ‘Dat was een hard gelag. Ik begreep het wel. Zo denderend reed ik niet.’

Oproep

Aan het eind van de zomer passeerde deze oproep, op de website van de firma GroeNoord: ‘Gezocht: vertegenwoordiger akkerbouw.’ GroeNoord is in Noordoost-Nederland dealer van John Deere.

En dan heb je Tom-Jelte. Hij herinnert zich dat hij vanuit de ouderlijke woning in Slochteren – vader was machinebankwerker, moeder kraamverzorgster – op het boerenland groene monsters grommend voorbij zag trekken. Hij was 4 toen hij voor het eerst op een tractor plaatsnam. Zijn vader had gevraagd of Tom-Jelte een keertje mee mocht. Hij bleef de hele dag in de cabine. Hij was 12 toen hij zelf met de trekker het land omploegde, terwijl de boer thuis was gaan eten. Later deed hij klusjes voor loonwerkersbedrijven. ‘Die hadden altijd machines van John Deere.’

Hij kon de verleiding niet weerstaan. Hij belde GroeNoord. Zomaar, even polsen. ‘Het klikte meteen. Ze vroegen of ik een cv wilde opsturen. Nou, zei ik, die is zo goed als leeg. Tien jaar beroepswielrenner, meer niet. Dat was geen probleem.’

Hij had wel mts-werktuigbouwkunde. Er volgden twee ontmoetingen met directie en management. ‘Het waren gekke dagen: ik was nog gewoon wielrenner, ik was niet gestopt. Maar ik werd alleen maar enthousiaster.’

Geen perspectief

Intussen groeide onzekerheid over contractverlenging bij B&B Hotels. Andere wielerploegen meldden zich. Hij ging er al niet meer op in. ‘Het was telkens maar voor een jaar. Dat is geen perspectief.’ Eind oktober hakte hij de knoop door.

Hij weet wat hij opgeeft. ‘Wielrennen is een mooi leven. Wat je in jezelf investeert, krijg je terug. Door harder te trainen ga je harder fietsen. Het lijkt op het bestaan van een boer: zaaien en daarna oogsten. Je trekt de hele wereld over, je komt op bijzondere plekken. Dat heb ik altijd als een voorrecht gezien.’

Keerzijden begonnen ook te wegen. ‘Als er kinderen komen, is het niet meer alleen maar rusten, trainen, racen, rusten, trainen, racen. Het is niet meer één wereld. De kinderen vroegen steeds vaker of ik straks alweer naar Schiphol moest en voor hoeveel nachtjes ik dan weg was. Ze zijn 4,6 en 11. Dan wil je meer met ze ondernemen.’

 Slagter viert zijn overwinning in een etappe van Parijs-Nice in 2014.  Beeld Hollandse Hoogte / EPA
Slagter viert zijn overwinning in een etappe van Parijs-Nice in 2014.Beeld Hollandse Hoogte / EPA

Sterke lichting

Misschien, zegt hij terugblikkend, had hij net wat meer uit zijn wielerloopbaan kunnen halen. Slagter was 19, toen hij in de opleidingsploeg van Rabobank terechtkwam. Hij reed er met onder anderen Tom Dumoulin, Wilco Kelderman, Ramon Sinkeldam en Boy van Poppel. ‘Een sterke lichting.’

Als beginnend prof ging het snel. Begin 2013 won hij de Tour Down Under, toen voor Blanco, de voortzetting van Rabo. In 2014 waren er in het shirt van Garmin twee ritzeges in Parijs-Nice, een vijfde plek in de Waalse Pijl en een zesde in Luik-Bastenaken-Luik. Het is zijn sterkste jaar gebleken.

‘Waarom het vervolg uitbleef? Er waren veel factoren. Wisseling van trainers en begeleiders bij ploegen, op momenten dat je nog aan elkaar moet wennen. Ik ben altijd in Nederland blijven wonen. In Monaco of Spanje, waar je meer bergop kunt trainen, zou ik ongelukkig zijn geweest. Zoiets past niet bij mij. Ik voel me niet thuis in een appartementje van vijftig vierkante meter, waar de kinderen op een balkon moeten spelen. Met die keuze liet ik misschien wat procentjes liggen. Ik heb na 2014 getobd met een knieblessure, een irritatie van het weefsel in het gewricht, het Plica-syndroom. Na bijna een jaar was het weg, maar de opgaande lijn van daarvoor heb ik, enkele uitschieters daargelaten, nooit meer kunnen terugvinden. Het was frustrerend. Je weet dat het beter had gekund. Maar laat duidelijk zijn: ik heb nergens spijt van, ik had geen jaar eerder willen stoppen. Zonder corona had het heel anders kunnen lopen en was ik gewoon blijven fietsen.’

Modellen John Deere

Aan de keukentafel bladert hij op een tablet langs modellen van John Deere. Hier, de 6250R, 275 pk. Met een booster haal je er zelfs 300 uit. Kijk, het panoramaglas van deze cabine, onbelemmerd zicht, aan alle kanten. Let op de vorm van de kap bij de nieuwste types: smal vanaf de cabine, breder verderop, snel aflopend naar de neus. Zie je die gele wielen? Dan weet je: John Deere.

Op de kluiten bij Slochteren ontdekte hij als tiener al verschillen met andere merken. Een zescilinder van John Deere brult net wat dieper en zwaarder als het vermogen loskomt. De omschakeling van achteruit naar vooruit, viel hem op, verliep bijna traploos, op andere tractoren voelde hij meestal een schok.

In de geschiedenis - John Deere begon in 1837 in Illinois in een kleine smidse - is hij minder geïnteresseerd. Het gaat hem meer hierom: ‘Boeren kunnen tegenwoordig zonder zelf te sturen via de GPS op de centimeter nauwkeurig hun trekker over het land laten rijden.’

Fietsen doet hij niet veel meer. Dat het niet meer hoeft, in deze kou en nattigheid, voelt héérlijk. Niet meer: wat trek ik aan? Welk rondje ga ik doen? Nu kijkt hij naar buiten, naar het Groningse ommeland, en denkt hij: je zal maar wielrenner wezen.

Meer over