WielrennenVuelta

Hoe voorkom je een zonnesteek in de zinderende hitte van de Vuelta?

Een hittegolf met temperaturen ruim boven de 40 graden teisterde de Ronde van Spanje in de eerste etappes. En het blijft de rest van de Vuelta onbarmhartig heet. Welke maatregelen nemen de renners en hun ploegen om zich tegen de ‘koperen ploert’ te beschermen?

Waar zijn de meerennende wielerfans op de steile klim Balcón de Alicante? Waarom finisht de zevende etappe van de Ronde van Spanje bergop in gewijde stilte? Het is de hitte. Die zorgt voor droogte en dus voor kans op bosbranden. Publiek vormt een risico in het kurkdroge, bosrijke en beschermde natuurgebied en was daarom vrijdag in de laatste vier kilometers niet welkom om Michael Storer van Team DSM rit zeven van de Vuelta te zien winnen.

Vuelta-fans zoeken bescherming tegen de zon, voorafgaand aan de start van de tweede etappe van de Vuelta, van Caleruega naar Burgos, zondag 15 augustus, 2021. Beeld AP
Vuelta-fans zoeken bescherming tegen de zon, voorafgaand aan de start van de tweede etappe van de Vuelta, van Caleruega naar Burgos, zondag 15 augustus, 2021.Beeld AP

Een warme Vuelta is normaal, maar zelfs voor Spaanse begrippen is de hitte dit jaar extreem. Afgelopen zondag was de tweede etappe de warmste wielerrit van het jaar. Frederik Frison van Lotto Soudal moest de koers met een zonnesteek verlaten, na vier uur fietsen met een gemiddelde temperatuur van tegen de 40 graden. Met hoge koorts en doodmisselijk stapte de lange en zeker niet onervaren Belg na de finish van zijn zadel en klom daar de volgende dag niet meer op.

Frederik Frison hier nog in goede doen, tijdens de tijdrit van het Belgisch kampioenschap in Koksijde in 2020. In de tweede etappe van de Vuelta 2021, afgelopen zondag, dwong een zonnesteek de renner van Lotto Soudal af te stappen.
 Beeld BELGA
Frederik Frison hier nog in goede doen, tijdens de tijdrit van het Belgisch kampioenschap in Koksijde in 2020. In de tweede etappe van de Vuelta 2021, afgelopen zondag, dwong een zonnesteek de renner van Lotto Soudal af te stappen.Beeld BELGA

Overal langs de route van de Vuelta werden dit jaar hitterecords gebroken zoals in de buurt van Córdoba, in Andalusië, waar het vorige week 47,2 graden werd, de hoogste temperatuur ooit gemeten in Spanje – het peloton trekt daar komende donderdag doorheen. In de regio Alicante, waar de ruim 180 renners vrijdag reden, gingen de thermometers over de 46 graden.

Een troost: dit gebeurde allemaal toen de Vuelta op 14 augustus in Burgos van start ging. De meest extreme hitte lijkt voorbij, maar de weersvoorspellingen voor de komende dagen geven nog steeds temperaturen aan waarbij geen zinnig mens zich wil inspannen, laat staan topsport bedrijven. Tot de tweede rustdag, 30 augustus, fietst het peloton in de heetste gebieden van Spanje: het zuiden en midden.

Hitteplan

Jumbo-Visma zet zich er schrap voor met een ‘hitteplan’. Nou ja, soort van. ‘Want bij dertig graden werken we er ook al mee’, legt de ploegleider in Spanje, Addy Engels, uit. ‘Geen hogere wiskunde, vooral gezond verstand.’

Dat begint met iets schijnbaar onbenulligs: waar parkeren we de Jumbo-Visma-bus? De Vuelta-organisatie geeft aan waar het hoofdkwartier van elke ploeg bij start en finish mag staan en de truc is een schaduwrijke plek te vinden. Als dat lukt hoeven de renners hun warming-up bij de start en hun coolingdown bij de finish niet te doen in de bloedverzengende hitte. ‘Dat scheelt echt een heel pak’, weet Engels, die zelf deelnam aan liefst vijftien grote ronden en ze allemaal uitreed. ‘Als we de bus parkeren bij de finish, een paar uur voordat de jongens aankomen, moeten we ook rekening houden met de stand van de zon van ongeveer zes uur, als de etappe is afgelopen.’

Koelvest

Een nieuwigheidje dat in de eerste profjaren van Engels, begin deze eeuw, nog niet bestond is nu standaard voor en na een warme etappe: het koelvest, simpel gezegd een hesje met vakjes ijs. Ideaal ter voorbereiding ook van een tijdrit, zeker als die onderweg warmer is dan de gemiddelde lichaamstemperatuur van 37 graden, zoals zaterdag bij de proloog in Burgos. ‘Je moet met een warming-up het lichaam in gang schieten, maar dat mag daarbij niet oververhit raken. Daar zijn die koelvesten heel goed voor. En ze zijn ook handig om na een etappe af te koelen.’

Ramon Sinkeldam, de Nederlandse renner die nu in de Ronde van Spanje in elke vlakke etappe de sprint aantrekt voor kopman Arnaud Démare van zijn Franse ploeg Groupama FDJ, kan ‘van nature’ goed tegen de hitte. Althans, in vergelijking met andere renners. ‘Die hoorde ik om me heen, in eerdere Vuelta’s, altijd klagen over de hitte. Ik zag ook dat ze het heel moeilijk hadden, want ze zaten onder het zout, ze leken uitgedroogd. Ik heb daar gewoon niet zo’n last van. Maar bij regen en kou? Dan blokkeren mijn benen juist helemaal. Misschien is dat ook een mentale blokkade, omdat ik weet dat ik er niet tegen kan.’

Constant hydrateren

In een sport waar elke ploeg een set van steeds gedetailleerdere data van elke renner heeft, is de vraag of hij wel of niet tegen hitte kan volgens Jumbo-Visma ploegleider Engels niet meetbaar. ‘Ik zou althans geen data kennen die maken dat we de ene renner anders behandelen dan de ander, omdat de cijfers zouden uitwijzen dat ene renner beter tegen de hitte kan dan de ander.’

Het allerbelangrijkste van die uniforme behandeling is ervoor zorgen dat de renners geen druppel te weinig drinken als ze op de fiets zitten. En dat constante hydrateren, zegt Engels, is een kwestie van goed organiseren. ‘Een wielerploeg gaat tegenwoordig met veel meer mensen om de renners heen naar een grote ronde dan in mijn tijd. Daardoor heb je veel meer deskundigheid in huis én veel mensen langs de kant staan om gekoelde bidons aan te geven. Als de hitte extreem is, probeenr we dat met nog meer mensen te doen.’

Drank aanreiken van de kant heeft de voorkeur boven renners bidons op laten halen in de ploegleidersauto. ‘Van achteraan het peloton volgeladen met bidons naar de kop rijden, dat kost veel energie’, legt Engels uit. ‘Als we dat als ploeg drie keer per etappe doen, is het veel’, zegt Sinkeldam.

Alleen water drinken is niet genoeg en te veel kan zelfs gevaarlijk zijn. Dus zit er isotone sportdrank in elke drinkbus. Bidons met water zijn om over de renner over zich heen te gooien. ‘Wat belangrijk, maar ook lastig is, is dat alles koud is’, legt Engels uit. ‘Want we moeten zorgen voor zowel een goede vocht- als temperatuurbalans in het lichaam.’

IJs in nek

In de hitte wordt minder hard gereden, merkt Sinkeldam. ‘Het is niet de hele dag oorlog, want je weet dat je moeilijk herstelt van een inspanning.’ Elke 20 á 30 kilometer ziet hij ‘bidonaanreikers’ van zijn ploeg. ‘Om de bidon zit ijs in een soort kous die ik in mijn nek kan leggen. Dat verkoelt heel erg en dat is erg belangrijk.’

Hoe belangrijk, dat leerde Sinkeldam in 2015 in de Ronde van Luxemburg. Hij kreeg een zonnesteek en dat was eens maar nooit weer. ‘Ik heb mezelf toen te weinig gekoeld, te weinig ijs in mijn nek gelegd. Ik kon na de koers niet meer lopen en ben twee weken doodziek geweest, echt heftig. Ik vergeet het nooit meer. Sindsdien hou ik heel goed bij dat ik tijdig drink en koel.’

Want, relativeert Engels, ‘we kunnen er lang en breed over ouwehoeren, van ‘o wat is het koud’ of ‘o wat is het heet’. Maar er moet wel gewoon gefietst worden.’

Meer over