Voetbaleredivisie

Het wordt een onvergetelijk voetbalseizoen, zoveel is wel duidelijk

Ajax is favoriet, PSV loert en Feyenoord beleeft opnieuw een wedergeboorte. Drie gepromoveerde clubs trachten zich met bescheiden budgetten te profileren. Het publiek is terug en Louis van Gaal is weer bondscoach. Een onvergetelijk seizoen, bij voorbaat.

Dusan Tadic houdt de schaal omhoog. Ajax is de kampioen van het seizoen 2020/2021.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Dusan Tadic houdt de schaal omhoog. Ajax is de kampioen van het seizoen 2020/2021.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De ziel keert terug in het voetbal. Nadat Peter Houtman vorig seizoen één keer verstek liet gaan, omdat een omroeper nu eenmaal informatie doorgeeft aan publiek, vroegen trainer Dick Advocaat en de spelers van Feyenoord of hij alsjeblieft toch speaker wilde zijn, al zat er dan vrijwel niemand in het stadion. Ze wilden een greintje sfeer, leniging van de leegte.

Houtman: ‘Als...ik...dan...sprak…moest...ik...dat...wel...wat...langzamer...doen...doen...doen’. Alles galmde. Nu is alles weer anders. Feyenoord - Luzern in de voorronde van de Conference League is net afgelopen, donderdag, als de Kuip nog trilt van genot. Het leven keert in volle hevigheid terug in de brouwerij van het voetbal, al is pas tweederde bezetting toegestaan tot 1 september. Houtman: ‘Mensen hebben weer honger naar voetbal.’ Het is alsof de vastentijd voorbij is, alsof het tijd is om een viergangenmenu van voetbal te consumeren.

Seizoen 2021-2022 draagt daarbij de belofte mee van spanning en sensatie, met talloze extra’s, alsof iets in te halen valt. De terugkeer van Louis van Gaal bij Oranje, altijd goed voor discussie. Het nieuwe Feyenoord. De nog ongeslagen status van PSV, Feyenoord en Vitesse in de voorronden van de Europese bekers. Op elk niveau heerst verlangen. Van kampioen Ajax dat met een schuin oog kijkt naar de loting van de Champions League, als uitdaging in overdaad, tot de uitdaging van de beperking, van pakweg drie miljoen aan spelersbudget bij de kleinere clubs.

Dribbels Madueke

Het is een kwestie van verlangen naar de dribbels van Noni Madueke, doelpunten van Guus Til of Sébastien Haller, naar de rentree van Michel Vlap of Ricky van Wolfswinkel bij FC Twente, het aanschouwen van een regiment Scandinaviërs in de eredivisie of het ontluiken van nieuw talent.

Zie ze staan, op een maandag in Oosterbeek, op de dag dat de trainers zichzelf in het zonnetje zetten; Henk de Jong en Kees van Wonderen in geanimeerd gesprek over mogelijkheden en moeilijkheden. De een, De Jong, is net uitgeroepen tot trainer van het jaar in de eerste divisie bij kampioen Cambuur Leeuwarden.

Cambuur viert het kampioenschap van de eerste divisie. De promotie is binnen.  Beeld Pro Shots / Stanley Gontha
Cambuur viert het kampioenschap van de eerste divisie. De promotie is binnen.Beeld Pro Shots / Stanley Gontha

Hoe blij en energiek hij ook is, handhaving zal een klus zijn. ‘Emmen had vorig seizoen 6,1 miljoen’, zegt hij als rekenmeester. Nee, dat is niet de totale begroting. Dat is het spelersbudget, de enige term die voor trainers telt. Geld dat beschikbaar is voor salarissen. Cambuur heeft de helft van Emmen vorig seizoen, drie miljoen dus. En Emmen degradeerde. De Jong: ‘Dan weten we hoe het zit.’ Hij zoekt dus gretige, jonge spelers, om zich samen te laten meedrijven op het enthousiasme van het publiek in Leeuwarden. De Jong weet wat hem en Leeuwarden te doen en te wachten staat: ‘Normaal blijven doen. We zullen wat vaker verliezen dan winnen. Vorig seizoen was het andersom.’

Bij Go Ahead is die wonderlijke inhaalrace van vorig seizoen alweer een zoete herinnering, met de beslissende zege bij Excelsior en het wachten op het veld, op de ontknoping van De Graafschap - Helmond Sport, die door hevige regenval was uitgesteld. Bijna iedereen dacht dat De Graafschap zou winnen, maar dat gebeurde niet, en dus was de ontlading bij Go Ahead zo sprookjesachtig uniek. Dat trainer Kees van Wonderen huilende mensen zag, zal hij nooit vergeten.

Geen eerlijke strijd

Het is geen eerlijke strijd tussen Ajax en pakweg Go Ahead, want aanvoerder Dusan Tadic verdient in zijn eentje meer dan de hele selectie van Go Ahead bij elkaar. Wie klaagt over de alsmaar grotere verschillen tussen de clubs van de Messi’s van deze wereld en pakweg Ajax, kan dezelfde grieven uiten voor de Nederlandse competitie. Ajax loopt verder weg, al hoopt PSV in fijne tred in het zog te blijven en wie weet de kampioen in te halen. Feyenoord is normaal gesproken al een ander, iets lager niveau, AZ koestert de gouden opleiding als aanvulling voor vertrokken topspelers als Stengs en Boadu. De subtop en middenmoot zijn breed en een heel regiment clubs kan degraderen.

Erik ten Hag van Ajax werd maandag trainer van het jaar in de eredivisie en dan krijg je meteen discussie, want is zo’n titel met een miljoenenploeg dan knapper dan achtste met Sparta, of RKC in de eredivisie houden? Ten Hag benoemde in zijn speech de maand januari, waarin zijn elftal piekte en wegliep. Collega Roger Schmidt van PSV roemt de verbeterde werkhouding van zijn ploeg. Hij haalde de duels met Ajax aan, uit de vorige competitie. Twee keer nam PSV een voorsprong, twee keer eindigde het duel gelijk. Ajax maakte het verschil tegen de rest. Die informatie heeft hij opgeslagen.

En dan is daar Feyenoord, met nieuw elan, een beetje ingeslapen als de club was in de laatste maanden met Dick Advocaat. Bij Feyenoord schieten de verwachtingen makkelijk door het wolkendek, als het even goed gaat. Trainer Arne Slot blijft na de simpele zege op Luzern bescheiden, want onder Advocaat ging ook veel goed, het publiek is terug en de weerstand is nog niet groot. Maar toch: ook hij ziet veel beweging en energie, en hij vult de smalle selectie aan met jeugd, onder wie Antoni Milambo, net 16 jaar, jonger dan Wijnaldum bij zijn debuut.

Eerste treffer Jahanbakhsh

Slot: ‘Het is moeilijk te zeggen wat reëel is. We zijn veel fitter aan het worden. We hebben hard getraind, daaraan moet het lichaam wennen. We zijn vooral aan de bal beter gaan spelen. Wat ik tegen de aanhangers kan zeggen, is dat we elke week de intentie hebben om dit voetbal te spelen. Waartoe dat leidt, daar komen we wel achter.’

Een paar minuten vóór Slot spreekt Alireza Jahanbakhsh, de opvolger van de meest besproken speler van de eredivisie, de naar Ajax verhuisde Steven Berghuis. De Iraniër maakt zijn eerste twee doelpunten voor de club. Hij valt uit, licht geblesseerd, en is zichtbaar gelukkig. ‘De eerste goal is de belangrijkste bij een nieuwe club. We worden beter en beter. In de ploeg zit veel potentie, met jonge en ervaren spelers. En het is geweldig om in deze atmosfeer te voetballen. Deze grote club, met dit prachtige stadion, het mooiste van Nederland, verdient een hoge positie.’

Maar alle supporters vinden hun stadion het mooist, als onderdeel van supporterdom. Neem de gepromoveerde clubs, met hun stadions in een park in Nijmegen (NEC), klassiek verbouwd in Deventer (Go Ahead), of bij Cambuur. Clubs met andere, bescheiden doelstellingen. Henk de Jong van Cambuur: ‘Het gaat alleen om handhaven, maar we proberen ook op een herkenbare manier te spelen. Er moeten alleen nog wat spelers bij, en dan begint de omgeving al wat in paniek te raken. Cambuur is een volksclub. Belangrijk is ons verstand erbij te houden. Zondag Groningen-thuis, dan horen we klaar ze zijn. Ik had afgelopen week alleen zes coronagevallen. Dan is iedereen even in de war. Maar dat telt zondag niet.’

Go Ahead is nog niet klaar

Topschutter Robert Mühren vertrok naar Volendam, na 38 doelpunten. ‘We krijgen hem niet terug. Dat betekent vertrouwen geven aan anderen. Hij heeft zelf gekozen. Hij was een gouden jongen voor de trainer. Altijd behulpzaam, niet zwaar op de hand. Alleen: hij is weg.’

Trainer Kees van Wonderen van Go Ahead, over het wezen van de kleinere club: ‘Het leeft enorm na promotie. Iedereen kijkt uit naar het seizoen. De 7500 seizoenkaarten waren meteen weg. Dat is logisch. De mensen willen eredivisievoetbal zien. We krijgen grote ploegen op bezoek. De achterban is enorm fanatiek. Wij hebben een kunstje geflikt en boven ons kunnen gepresteerd. We zijn gepromoveerd en raakten steunpilaren kwijt. Dan moet je het elftal vullen met een beperkt budget. Maar dat geeft niet. De uitdaging is des te mooier om in elk geval van de thuiswedstrijden een feestje te maken, een mooie voetbalhappening. Ik hoop alleen dat we zo snel mogelijk een competitief elftal op de been kunnen brengen. Wij zijn nog lang niet klaar voor het seizoen.’

Fortuna Sittard

Dat is een veelgehoord verhaal. Krappe budgetten, kijken wie nog vertrekt en wie eventueel komt. De transferperiode duurt nog ruim twee weken. Neem Fortuna Sittard, dat vorig seizoen dramatisch begon en na een trainerswissel (Hofland-Ultee) klom naar de elfde plaats. Alleen: Acun Ilicali, de Turkse John de Mol die zich vorig jaar meldde als investeerder, is weer weg. Dus weet trainer Sjors Ultee: ‘Qua mogelijkheden is het verschil extreem. Waar we vorig seizoen een andere markt konden aanboren, door Seuntjens te halen, Polter, Rienstra en Flemming, dat soort namen, kunnen we nu veel minder doen. Er zijn heel veel wisselspelers weg.’

Het is een typerend verhaal. Hij kon de basisploeg redelijk bij elkaar houden. Hoewel? ‘Tirpan is weg. Rienstra heeft hartproblemen, die is voorlopig weg. Semedo, kuitbeenbreuk. Rond Polter speelt veel. Hij is in gesprek met een club in Duitsland. Voor Flemming is veel interesse. Ik heb een mannetje of 12, 13, direct inzetbaar voor de eredivisie. We hebben een tweede keeper gehaald, Felix Dornebusch. Een klein, Turks talent, Celtik, 18 jaar, 1,64 meter. Heeft tijd nodig. Sammy Baghdadi, van het vierde niveau uit Frankrijk. Arianit Ferati, van het Duitse derde niveau. Talentvolle spelers, maar we mogen niet verwachten dat ze meteen het niveau van de eredivisie halen.’ Zo gaat het bij veel clubs.

Een paar dagen na het gesprek trekt Fortuna de transfervrije, talentvolle middenvelder Deroy Duarte van Sparta aan. Toch zegt ook Ultee: ‘Ons eerste doel is handhaving. Ik heb nu letterlijk vier verdedigers. Niet eens vier goede en vier wat mindere, nee, vier. Ik kan geen coronagevallen of schorsingen hebben, want we hebben niets.’

Hoe veel ze ook verschillen, de clubs, één ding is voor iedereen hetzelfde: het publiek is weer vrij massaal terug. Het voetbal is weer tot leven gewekt.

Meer over