eredivisie

Het succesverhaal van de trainersklas van 2018

Ze behaalden in 2018 hun hoogste trainersdiploma en zijn nu geprezen coaches in de eredivisie. Arne Slot (Feyenoord), Danny Buijs (FC Groningen), Kees van Wonderen (Go Ahead), Sjors Ultee (Fortuna) over hun tijd als cursist en de uitdagingen van het voetbal anno nu. ‘Het is niet altijd even leuk.’

Bart Vlietstra
November 2021: Feyenoordcoach Arne Slot, succesvol cursist van de klas van 2018, is het duidelijk niet eens met een beslissing van de scheidsrechter in de wedstrijd tegen AZ. Zondag is AZ - Feyenoord.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
November 2021: Feyenoordcoach Arne Slot, succesvol cursist van de klas van 2018, is het duidelijk niet eens met een beslissing van de scheidsrechter in de wedstrijd tegen AZ. Zondag is AZ - Feyenoord.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Een vruchtbare jaargang, die ‘klas van 2018’. Liefst vier van de veertien geslaagden zijn thans hoofdtrainer in de eredivisie, terwijl er maar achttien eredivisieclubs zijn en liefst 380 Nederlandse trainers met het Uefa Pro Licence-certificaat, zoals het hoogste trainersdiploma heet. Daarnaast hebben PSV, Vitesse en Heracles Duitse trainers.

Het kwartet Arne Slot (Feyenoord), Danny Buijs (FC Groningen), Kees van Wonderen (Go Ahead) en Sjors Ultee (Fortuna Sittard) wordt bovendien geregeld gecomplimenteerd met hun werk. Zondag zijn alle ogen op Slot (43 jaar) gericht, want dan is AZ - Feyenoord. Slot liet eerst AZ en daarna Feyenoord met aanvallend voetbal uitstekend presteren in de eredivisie en in Europa.

Buijs (39) begon qua resultaat belabberd bij FC Groningen (‘ik durfde de straat niet meer op’), maar kreeg de ploeg toch aan de praat en zit in zijn vierde jaar. Van Wonderen (53) was assistent-bondscoach tijdens de renaissance van het Nederlands elftal en promoveerde daarna verrassend met Go Ahead. Ultee (34) trok vorig seizoen Fortuna uit de degradatiezone en hoopt dat dit seizoen weer te doen.

Werd er in dat jaar uitzonderlijk goed lesgegeven? Hebben ze elkaar beïnvloed? Is hun generatie simpelweg het best toegerust op de uitdagingen die het trainersvak vandaag de dag biedt?

Kees van Wonderen, trainer van de Go Ahead, geeft aanwijzingen. Ook hij haalde zijn hoogste trainersdiploma in de klas van 2018.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Kees van Wonderen, trainer van de Go Ahead, geeft aanwijzingen. Ook hij haalde zijn hoogste trainersdiploma in de klas van 2018.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Wie ze nu aanspreekt, hoort wisselende geluiden, zeker over dat laatste jaar van de trainerscursus. Ze staken er meer op dan twee sigaretten, zoals Willem van Hanegem ooit spottend zei, maar zijn niet onverdeeld enthousiast. Slot stelt: ‘Je moest veel opdrachten doen, sommige al voor de zoveelste keer. Zoals een jaarplan maken, dat had ik in de drie voorafgaande cursusjaren ook al gedaan, dat wist ik nou wel. Er waren veel sprekers, onder wie een aantal toptrainers, het was leuk. Maar ook sprekers die meer het umfeld behandelden. Dat vond ik wat minder interessant.’

Hij had vooral graag meer inhoudelijk met elkaar over voetbal gesproken. ‘Over tactieken en wat daar de beste trainingsvormen voor zijn. Dat je elkaar beelden laat zien en dat je dan gaat praten.’

Van Wonderen en Buijs beamen dat. Van Wonderen: ‘Er was weinig ruimte om dingen onderling te delen. Dat miste ik ook wel.’

Buijs hekelt de hoge kosten. ‘Dat schrikt trainers af, dat vind ik best kwalijk. Als ik de cursus in Schotland zou volgen was ik inclusief twaalf vluchten op en neer plus taxi- en verblijfskosten nog minder kwijt dan in Nederland.’

De Uefa Pro cursus kost 21.400 euro, en de drie voorafgaande cursussen (Uefa C, B en A) bij elkaar 16.300 euro. Dat jaar zouden Leon Vlemmings en Ron Jans, redelijk gerenommeerde coaches, hun tanden zetten in de opleiding. Maar ze haakten vlak voor de start af waardoor Frans de Kat, een KNVB-docent met ervaring in diverse technische functies, maar niet als eredivisietrainer, er alleen voor stond.

Sjors Ultee voorkwam als coach (lichting 2018) vorig seizoen dat Fortuna Sittard degradeerde.  Beeld ANP
Sjors Ultee voorkwam als coach (lichting 2018) vorig seizoen dat Fortuna Sittard degradeerde.Beeld ANP

Wiljan Vloet (ex-Den Bosch-, Roda-, en Sparta-coach) werd er nog bijgehaald en in allerijl wist De Kat nog wat coaches van naam te strikken om de groep toe te spreken. ‘Het kostte me anderhalf uur om Van Gaal te overtuigen een bijdrage te leveren’, blikt De Kat terug. ‘Maar dat was wel fijn dat we daarmee konden openen. Het was gedeeltelijk improviseren, maar ik denk dat het een heel leuke cursus is geworden. We hadden verder onder meer Beenhakker, Bosz, Koeman, Jonker en Gerbrands die heel openhartig vertelden wat ze hadden meegemaakt en over hun visie. Maar ook meer specifieke sprekers over waar een voetbalcoach nog meer mee te maken krijgt vandaag de dag, zodat de cursisten een heel breed beeld kregen.’

De cursus verschilt van prijs met andere landen, omdat in Nederland geen speciaal subsidiepotje is, weet De Kat. ‘De trainersopleiding in Nederland staat op een hoog niveau. Goede accommodaties en mensen inhuren kost geld.’

Steeds meer wil de KNVB maatwerk aanbieden in de coachopleiding en in 2018 werd er een eerste slag gemaakt. Ultee ervoer dat als ‘heel prettig’. ‘Ik was assistent bij Twente, daar sprak ik de hele dag al over tactiek. Daar kun je oneindig over discussiëren. Ik heb voor de cursus een onderzoek gedaan naar de manier waarop een ontslag tot stand komt en wat voor impact dat heeft vanuit diverse invalshoeken. Ik maakte dat jaar drie hoofdtrainers mee bij Twente plus een degradatie. Ik had er dus echt wat aan.’

Steeds meer een manager

Een hoofdtrainer fungeert steeds meer als manager, meent Ultee. ‘Jij bent degene die veel beslissingen neemt, die spelers plus hun omgeving moet inspireren, overtuigen, maar ook teleurstellen. Er zijn altijd spelers boos of prikkelbaar, want die voetballen niet en willen weg. Er zijn veel meer media, traditioneel en sociaal. Daarnaast sta je aan het hoofd van een grote staf.’

Slot: ‘Er zijn meer specialisten, vooral voor het fysieke deel, die erg belangrijk zijn, want ze geven je bepaalde data en informatie waar je rekening mee moet houden in je trainingen. Maar het is niet zo dat ik elke dag tot 20.00 uur op de club zit. Het gaat in mijn beleving nog steeds om: je moet veel verstand van voetbal en van mensen hebben, je kennis kunnen overbrengen en goed omgaan met mensen.’

Wel klapt Slot ’s avonds thuis de laptop nog open. ‘Omdat ik bepaalde dingen wil opzoeken. En ik kijk naar alles waarbij er een voetbal rolt.’

Van Wonderen: ‘Het slokt je helemaal op.’

Buijs: ‘Je moet wel. Het niveau van de top in het Nederlandse voetbal is hoog, andere ploegen hebben verschillende spelopvattingen en variëren daar soms in.’

De vier trainers zijn totaal andere types, schetst docent De Kat. ‘Danny is heel uitgesproken en een doener. Arne was al heel ver, had een complete database aangelegd en op basis daarvan een duidelijke visie ontwikkeld hoe hij wil spelen. Kees was meer een denker, tactisch sterk. Hij werd tussendoor assistent-bondscoach en had het daardoor heel pittig om de cursus te voltooien. Sjors is een heel slim ventje, die al ervaring had opgedaan onder Erik ten Hag als assistent, maar geen achtergrond als profvoetballer had.’

Danny Buijs debuteerde in 2018 als coach van FC Groningen in het betaald voetbal. Beeld Pro Shots / Erik Pasman
Danny Buijs debuteerde in 2018 als coach van FC Groningen in het betaald voetbal.Beeld Pro Shots / Erik Pasman

Slot en Buijs trokken veel met elkaar op. Slot: ‘Danny en ik lijken heel andere types, maar dat valt wel mee. Men denkt van hem dat-ie alleen maar een schreeuwerd is, maar Danny denkt juist heel goed over voetbal na, kan daar uitstekend over discussiëren en heeft altijd een goed doordacht speelplan. En ik ben echt niet altijd rustig en kalm, ga binnenskamers misschien wel harder tekeer dan Danny.’

Glimlachend: ‘Danny kon op de cursus wel lang doorgaan in discussies met een docent, zodat het soms zelfs ongemakkelijk werd.’

Buijs: ‘Op een eerdere cursus had ik Kees Zwamborn als docent. Die daagde je uit, sommigen konden zijn bloed wel drinken. Ik vond dat wel mooi, dat je tot het uiterste moest gaan. Bij de Uefa Pro cursus waren twee docenten last minute aangesteld die ook nog tijdens de cursus te horen kregen dat ze weg moesten.’

De Kat: ‘Mijn contract liep af. Ik had niet het idee dat de cursus daaronder leed.’

Van Wonderen: ‘Dat is ook de voetballerij, je moet flexibel zijn. Ik vond dat de docenten het goed oppakten. Ze lieten je nadenken of een club wel bij jou past. Wie zijn de stakeholders? Houden ze vast aan een koers? Ook onder druk? Of kiezen ze dan voor hun eigen hachje? Hoe is de dynamiek met de fans?’

Buijs: ‘Ik heb vooral veel gehad aan de gesprekken met ervaren coaches als Koeman en Ten Cate. En met Arne. Je zag meteen dat hij heel goed wist hoe hij wilde spelen: veel aan de bal zijn, dominant, aanvallend, veel beweging. Zo speelde ik ook met Kozakken Boys, de amateurclub waar ik begon als coach. Bij FC Groningen ben ik gaan kijken wat goed bij mijn materiaal past, bij het dna van de club en wat een tegenstander doet. Mijn ploeg moet strijdbaar zijn, veelzijdig. Dan krijg je stempels: Arne is meer als Guardiola en ik ben meer als Simeone. Maar we denken over veel dingen juist hetzelfde.’

Buijs en Ultee oogstten dit seizoen ook kritiek. Buijs: ‘Terwijl ik nu een veel betere trainer ben dan toen ik begon bij Groningen. Toen wist ik eigenlijk nog weinig. Je leert het meeste pas in de praktijk.’

Je bent alles of niets

Je kunt nog zo’n goede trainer zijn: alles hangt samen met resultaat, weet Ultee. ‘Men kiest in de media steeds meer voor de overdreven kant. Je bent of super of helemaal niks. Zelfs als je een maand eerder nog super was.’

Van Wonderen: ‘Er zijn altijd mindere fases, bij elk team. Dat kan aan van alles liggen. Maar de trainers zijn de pispalen. Dat is het makkelijkste.’

Buijs: ‘Terwijl wij volgens mij als enige binnen een club een lange, dure specifieke opleiding hebben gevolgd, zelfs tussendoor nog punten moeten halen om de trainerslicentie te behouden. Vind ik niet nodig trouwens. Maak die cursussen vrijblijvend, maak een trainer zelf verantwoordelijk voor zijn ontwikkeling. Een club die goed nadenkt zal een trainer willen die zich ontwikkelt en kwaliteit levert.’

Slot slaagde met hoge cijfers, Van Wonderen weet alleen nog dat hij op het laatst flink moest aanpoten (‘ik was blij dat ik er van af was’). Ook Ultee weet zijn cijfers niet meer. ‘Er is in de tussentijd alweer zoveel gebeurd.’

Buijs pakt zijn rapport erbij (zie kader). ‘Maar cijfers zeggen mij niet zoveel, de ene docent ziet het meer in je zitten dan de ander. Ik wilde me ontwikkelen. Je hoorde wel eens dat cursisten samen aan een opdracht werkten. Ik ging mijn eigen weg. Van fouten leer je.’

De cursisten en docent De Kat zagen wel dat het een goede klas was.

Slot: ‘Je blijft elkaar toch een beetje volgen, maar er is buiten onderlinge wedstrijden of trainersbijeenkomsten weinig contact. Je bent druk zat.’

Wat opvalt: ze waren geen spelers van naam en faam. Die verkiezen steeds vaker de analysetafel. Buijs: ‘In Portugal en Duitsland zag je al langer jonge, minder bekende coaches de kans krijgen. Nu zie je dat in Nederland ook.’

Energievretende baan

Van Wonderen, die als enige van de klas interlands (6) speelde: ‘Het is echt een veeleisende, energievretende baan. Ik heb ook lang getwijfeld of ik daar trek in had, als assistent neem je het minder mee naar huis. Uiteindelijk vond ik het mooi om zelf te bepalen.’

Ultee: ‘Maar alle druk ligt ook bij jou. Dat is niet altijd even leuk.’

De nieuwe trainersgeneratie wordt vaak omschreven als saai, zeker in vergelijking met onelinerkoningen als Leo Beenhakker, Simon Kistemaker en Fritz Korbach. Maar ze willen ‘geen rol spelen’ en weten ook dat ‘elk verkeerd getimed grapje ze nog maanden kan achtervolgen’.

Slot: ‘We lachen genoeg op de club, hoor. Dat is ook heel belangrijk.’

De Kat zegt de meeste cursisten nog wel te spreken. Dat er kritiek is op de opleiding, snapt hij wel. ‘Het is lekker ergens tegenaan te schoppen. Dat is ook goed, dat zorgt ervoor dat de opleiding evolueert. Het waren jongens die al aardig goed wisten wat ze wilden, een uitstekende eigenschap voor een coach.’

Het rapport van Danny Buijs

Coachen van wedstrijden 7

Geven van trainingen 8

Begeleiding spelers ontwikkeling 7

Ondersteuning voetbaltechnisch beleid 7

Manager begeleidingsteam en netwerk 7

De werken van de
klas van 2018

Geert Brusselers (technisch directeur Saudische toptalenten), Adrie Poldervaart (assistent-trainer FC Groningen, daarvoor hoofdtrainer Excelsior), Peter Reekers (assistent-trainer sc Heerenveen), Jeroen Rijsdijk (hoofd opleiding Sparta), Jurgen Seegers (hoofd opleiding Almere City), Koen Stam (Head of Methodology Feyenoord), Peter Uneken (assistent RKC), Fuat Usta (2019-2020 hoofdcoach MVV), Erik van der Ven (2019-2021 hoofdcoach FC Den Bosch), Mischa Visser (hoofdcoach Oranje onder 17 jaar).

Meer over