NK gravelbike

Het eerste NK gravelbike is vooral een aanslag op het materiaal

De gravelbike is in korte tijd ook in Nederland een fenomeen geworden en dus moest het er van komen: de eerste NK gravelrijden. Tijmen Eising en Demi Vollering werden zaterdag kampioen. ‘De veelzijdigste renner wint.’

Robert Giebels

Sven Burger, lang behorend tot de kopgroep, heeft de laatste kilometers van het NK moeten steppen vanwege pech met zijn crankstel en ligt uitgeteld in het weiland. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Sven Burger, lang behorend tot de kopgroep, heeft de laatste kilometers van het NK moeten steppen vanwege pech met zijn crankstel en ligt uitgeteld in het weiland.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

‘Dit zet Epe wel op de kaart’, zegt sportwethouder Lia de Waard-Oudesluijs voordat ze het startschot geeft voor het allereerste Nederlands kampioenschap gravelrijden. De Veluwse gemeente organiseerde zaterdag de eerste NK’s voor mannen en vrouwen in deze nieuwe fietsdiscipline, een mix van veldrijden, mountainbiken en wegwielrennen. Het gaat over een parcours dat een mix kent van asfalt, modder, zandpaden en bollend grind.

‘Gravelen’ is snel populair geworden sinds oud-prof en gravelpionier Laurens ten Dam het een paar jaar geleden met zijn podcast en wielerblad Bicycling liet overwaaien van de VS naar Nederland. De fotogenieke Strade Bianche deed de rest.

Die koers, deels over stoffige, Toscaanse wegen van kleine witte steentjes - zeg maar: écht gravel - is slechts 15 jaar oud, maar het peloton beschouwt de gravelrace als het zesde Monument - het etiket van de vijf belangrijkste, ruim honderd jaar oude koersen. Het bracht de internationale wielerorganisatie UCI op het idee volgend jaar wereldbekerwedstrijden en zelfs een WK in de nieuwe wielerdiscipline te organiseren.

Leveringsproblemen

De vraag naar gravelbikes, ‘comfortabele’ racefietsen met dikke banden, is groter dan het aanbod, al komt dat ook door mondiale leveringsproblemen die het hele sportieve-fietsensegment treft. De inschrijving voor het NK gravel bij de mannen was razendsnel vol. Na het pistoolschot van de wethouder zetten liefst 200 mannen zich in gang. Het overgrote deel zal de volledige wedstrijdlengte van 120 kilometer in 16 rondjes niet afleggen.

In het begrip ‘gravelwedstrijd’ zit volgens de puristen een innerlijke tegenstrijdigheid. Gravelen begon grofweg met profs die de druk van het presteren op de weg beu waren, dikkere banden op hun voormalige koersfietsen monteerden en alles wat knelde overboord gooiden. Weg met die aerodynamische kleding, zeiden ze, die metertjes voor gedetailleerde dataverzameling, wedstrijdstrategieën, ploegtactiek en aangepaste voeding: we gaan de verharde weg af en fietsen voor ons plezier. Geen wedstrijd om wie de snelste of de slimste is, maar genieten van de natuur op onbekende wegen.

‘Een beetje tegenstrijdig is dit inderdaad wel’, zegt Tijmen Eising, met ‘dit’ doelend op het NK gravel. Maar hem horen we niet klagen, want hij heeft dat NK zojuist gewonnen na van begin tot eind op kop te hebben gelegen. ‘Dit was een rondje van ruim zeven kilometer met een derde verharde wegen, dat past eigenlijk niet bij gravelen, zo kort en zoveel asfalt. Maar goed: ik ga wel als eerste van de eerste de geschiedenisboeken in.’

Lange tijd rijden ze met zijn vieren vooruit: Eising, Coen Vermeltfoort en Daan van Sintmaartensdijk van de semi-professionele wielerploeg VolkerWessels, en Sven Burger van Beat Cycling, ook een continentale ploeg, zeg maar de derde divisie van het mondiale fietsen. De vier semi-profs zetten bijna iedereen op een ronde en wie dat overkomt moet vroegtijdig van het parcours af.

Fullprofs deden niet mee bij de mannen, wel bij het 70 kilometer lange NK gravel voor vrouwen, die dan ook door zo’n prof, Demi Vollering van SD Worx, werd gewonnen met Floortje Mackaij en Lorena Wiebes, ook profs, op twee en drie. Vollering, de 24-jarige personificatie van de toekomst van het Nederlandse vrouwenwielrennen, werd vorig jaar ‘verliefd op gravelen’ toen er door corona lang niet gekoerst kon worden. Hoewel ze hoopte op een spannender parcours, twijfelde ze geen moment toen ze over het eerste NK gravel hoorde: ‘Daar moet ik bij zijn.’

De kopgroep met van links naar rechts: Daan van Sintmaartendijk, Sven Burger, Tijmen Eising en Coen Vermeltfoort.
 Beeld Klaas Jan van der Weij
De kopgroep met van links naar rechts: Daan van Sintmaartendijk, Sven Burger, Tijmen Eising en Coen Vermeltfoort.Beeld Klaas Jan van der Weij

Kansloos

Bij de mannen is Burger (24) kansloos tegen de drie ploeggenoten die de renner van Beat een voor een los proberen te rijden. ‘Ik ben heel klassiek naar de slachtbank geleid’, lacht hij na afloop. ‘Maar ze begonnen er al na 70 kilometer mee, dus ze waren wel bang voor me.’

Gravelrijden, met piepende remmen en krakende frames als soundtrack en brekende kettingen, derailleurs en pedalen alom, is een aanslag op het materiaal. Dat merkt Burger ook drie ronden voor het einde. De linkercrank van zijn speciale, nieuwe gravelfiets begint steeds losser te zitten. Hij moet de drie van VolkerWessels op hun gewone wegfietsen laten gaan en daarmee het podium. In de laatste ronde stopt Burger de ijzeren staaf met pedaal en al in zijn achterzak en weet met één trapper zijn vierde plek zowaar te behouden. Compleet gesloopt gaat de renner na de finish languit in een akker liggen.

Nadat Eising (30) zijn rood-wit-blauwe trui heeft aangetrokken - ‘geen idee in welke wedstrijden ik die mag dragen’ - en het Wilhelmus heeft geklonken, praten de eerste vier na over de koers, over de bandenkeuze vooral. Iedereen leek wel op iets anders te rijden: smal, breed, glad, geprofileerd, met en zonder binnenbanden, hard en zacht opgepompt.

‘Dat komt’, legt Eising uit, ‘omdat we uit verschillende disciplines komen.’ Mountainbiker Burger rijdt op vrij harde banden met veel profiel. Eising, wereldkampioen veldrijden bij de junioren in 2009, koos voor gladde, ‘slappe’ banden. ‘Bij de start lachten ze me er nog om uit’, vertelt de eerste nationaal kampioen gravel. ‘Maar door het veldrijden heb ik er de techniek voor. Alleen in een asfaltbocht was ik in het nadeel, want daar dreigde mijn band er steeds af te rollen.’

Hoort er allemaal bij, vindt Eising. ‘Gravelen combineert de techniek van het veldrijden, het uithoudingsvermogen van de weg en de explosiviteit van het mountainbiken. De veelzijdigste renner wint en dat was ik vandaag.’

Meer over