Herboren Agassi treedt toe tot uniek gezelschap

Hij knielde na het benutte, vierde kampioenschapspunt voor zijn stoel, als de kleine jongen die zijn avondgebedje ging zeggen. Andre Agassi had alle goden van deze wereld willen danken voor zijn zege in Parijs, voor de eindelijk geslaagde jacht op de ontbrekende en daarom meest begeerde prijs uit zijn zo...

De 29-jarige Amerikaan had ook aandrang te knielen voor Rod Laver, de Australiër die hem de Coupe des Mousquetaires kwam overhandigen. Laver, een linkshandige grootheid, was in 1969, het tweede jaar van het proftijdperk, de laatste speler die het Groot Slem, vier titels in één seizoen, achter zijn naam schreef.

Agassi sloot met zijn overwinning in de Open Franse aan bij het gouden kwartet van spelers die de vier grote tennistoernooien van deze wereld - Australië, Parijs, Wimbledon en US Open- achter hun naam hebben. De Amerikaan Donald Budge, de Brit Fred Perry en de Australiërs Roy Emerson en Rod Laver golden tot dit weekeinde als dat gepriviligeerde viertal.

Beroemde en veel ambitieuzere spelers dan Agassi trachten de laatste decennia dat kunststuk te kopiëren. Tien toppers bleven steken op driekwart van het traject. Zes spelers struikelden immer op het om zijn traagheid verafschuwde gravel van Parijs: Ashe, Newcombe, Connors, Edberg, Becker en Sampras. De overwinning op Wimbledon was nooit weggelegd voor het viertal Rosewall, Vilas, Lendl en Wilander.

Agassi, in 1997 als nummer 141 zelfs veroordeeld tot het spelen van challengers, had de moed allang opgegeven ooit nog eens in Parijs toe te kunnen slaan. Het Franse publiek houdt van de flamboyante Vegas Kid, maar diens speltype is nu eenmaal meer geschikt voor de snellere bodems. 'Gravel is te langzaam voor mij', hield hij gisteren vol.

Zijn superieure techniek deed hem -tot dit jaar- tweemaal in de finale van de Open Franse belanden, in 1990 tegen Gomez en een jaar later tegen zijn landgenoot Courier, maar beide ondernemingen mislukten jammerlijk. 'Die herinneringen spookten zaterdagnacht, zondagochtend en in het eerste uur van de wedstrijd nog door mijn hoofd.'

De Amerikaan was in Parijs in een door niemand verwachte vorm. Hij was tijdens het gravelseizoen nog teruggereisd van Rome naar San Francisco, omdat hij last had van de schouder. Alleen in de eerste wedstrijd, tegen Squillari, klaagde de nummer dertien van de plaatsingslijst nog wat over napijn.

Daarna rolde hij met indrukwekkende spel over Clement, Woodruff, titelverdediger Moya, Filippini en Hrbaty heen. In de finale tegen de andere 'Andre, Andre' van het toernooi, de Oekraïner Andrej Medvedev, leek het zondag dan toch nog mis te gaan. Twee sets was Agassi zichzelf niet. Coach Gilbert: 'Ik schaamde me voor zijn spel, het was onthutsend.' Tv-commentator McEnroe: 'Hij speelt alsof hij voor het eerst hier op de baan staat.'

In de derde set begon Agassi te knokken en raakte Medvedev aan het wankelen. De beer uit Kiev had zich naar de verdiende eindzege kunnen redden via een break-kans bij de stand 4-4, maar moest vervolgens diep buigen. Agassi brak met de reputatie dat hij van 0-2 achter vrijwel nooit terugkomt.

Alleen tegen Siemerink, in de Davis Cup van '97, en in Melbourne '96, tegen Courier, poetste hij zo'n zware achterstand weg. In Parijs haalde hij het ook, met 6-4, 6-3 en 6-4, en het leidde tot een dankritueel waarbij de hoofdpersoon in trance leek, de tranen doorbraken en hij dieper dan ooit boog voor zijn Franse fans. 'Want zij hebben me door deze wedstrijd heen geholpen.'

'Nog nooit' verklaarde Agassi, was hij zo geëmotioneerd geweest na een tenniswedstrijd. 'Ik heb zoveel redenen om dit toernooi als bijzonder aan te merken. Het halen van de slam, mijn eerste zege in Parijs, de psychologische barrière van het gravel, de terugkeer na 141ste te hebben gestaan. Alles was even bijzonder.'

In de Amerikaanse zucht naar vergelijken werd Agassi gevraagd of hij zich nu met het Groot Slem Plus (Wimbledon'93, US Open'94, Melbourne'95, Atlanta OS'96 en Parijs'99) in het bezit, hoger inschatte dan landgenoot Sampras. 'Het is indrukwekkend wat Sampras heeft gepresteerd, hij heeft de nineties gedomineerd, maar ik zou mijn loopbaan niet voor die van een ander willen ruilen.'

Meer over