Interview

Handbalgrootheid Steins wil ook met de bescheiden nationale ploeg op het EK verder komen dan ooit

Spelverdeler Luc Steins is een vaste waarde bij Paris Saint-Germain, een van de beste handbalclubs ter wereld. Donderdag speelt de Limburger met de Nederlandse handbalmannen het eerste duel op het EK tegen Hongarije.

Dirk Jacob Nieuwboer
Luc Steins vorig jaar tijdens een EK-kwalificatiewedstrijd tegen Polen. Beeld ANP / Soenar Chamid sportfotografie
Luc Steins vorig jaar tijdens een EK-kwalificatiewedstrijd tegen Polen.Beeld ANP / Soenar Chamid sportfotografie

Heel soms kruipt de twijfel nog wel eens in het hoofd van Luc Steins. Dan speelt hij even iets minder en kijkt hij naar de bank. Daar ziet hij dan handballegende Nikola Karabatic en andere topspelers zitten. ‘Dan denk ik wel eens: hé trainer, kom op man, waarom laat je me staan? Die jongens zullen toch ook wel denken dat ik een keer gewisseld moet worden.’

Meestal laat de trainer van Paris Saint-Germain, een van de beste handbalclubs ter wereld, hem gewoon staan. Sinds hij in november 2020 bij de club kwam, is hij een vaste waarde. ‘Dus ik probeer me er maar niks van aan te trekken’, zegt hij. ‘De trainer zal er wel over nagedacht hebben.’

De reden dat hij speelt, is simpel: Steins (26) is heel erg goed, maar de Limburger is wel de laatste persoon die dat zelf zal roepen. In zijn hoofd blijft hij de speler uit het kleine handballand Nederland, maar ondertussen speelt hij wel in de absolute top en wil hij ook met het met het nationale team verder komen dan ooit.

Tegen gastland Hongarije

Donderdagavond start Nederland op het EK tegen gastland Hongarije. Daarna volgen in de poule nog IJsland en Portugal, drie landen die wel meededen aan het WK en op het vorige EK in 2020 hoger eindigden dan Nederland. Toen deden de handballers voor het eerst na decennia van afwezigheid weer mee aan een internationaal toernooi.

‘Als we verder willen komen, dan moeten we in de toekomst gaan winnen van dit soort landen’, zegt Steins. ‘En het liefst nu al. Nu spelen we vaak goed, zijn we tevreden met het spel, maar uiteindelijk heb je daar geen kloot aan. We zijn de underdog, maar we moeten ook weten dat we dit soort potjes honderd procent kunnen winnen.’

Het niveauverschil met PSG is groot, Steins draait er niet omheen. Veel Nederlandse spelers spelen wel in het buitenland, maar ze hebben nauwelijks ervaring in de Champions League, de belangrijkste clubcompetitie. Het is de kunst, vindt de spelverdeler, juist om samen plannetjes te bedenken waardoor ze toch kunnen winnen.

‘Ik vind het heel mooi om daar aan te bouwen en bij deze ploeg is dat een en al genieten’, legt hij uit. ‘En natuurlijk heb ik nu wel een bepaalde rol, daar hoort ook leiderschap bij, maar ik zie mezelf niet…hoe zal ik het zeggen…ik speel wel bij een van de beste clubs van de wereld, maar ik ben zeker niet een van de beste spelers van de wereld.’

Meest waardevolle speler van de Franse competitie

Daar valt wel wat op af te dingen. Niet alleen werd hij met PSG kampioen en won hij de beker in Frankrijk, hij reikte in de Champions League ook tot de Final Four. Bovendien werd hij vorig seizoen uitgeroepen tot meest waardevolle speler van de Franse competitie. Dan ben je toch gewoon een van de beste spelers van de wereld?

‘Ja, tuurlijk’, lacht Steins. ‘Ik bedoel ermee dat ik niet een speler ben die individueel even 1, 2, 3 het verschil kan maken. Ik heb echt iedereen in mijn team nodig. Als iedereen zijn taak uitvoert dan kan ik daar van profiteren en in bepaalde wedstrijden ook wel uitblinken. Maar ik moet er heel hard voor werken en daarom zie ik mezelf niet per se als een topspeler. ‘

Steins werd door PSG aangetrokken als vervanger van de geblesseerde Nikola Karabatic, een van de beste handballers ooit. Hij was toen de enige middenopbouwer en speelde daarom vrijwel alles. Inmiddels is de 37-jarige routinier weer terug, maar de Nederlander speelt er niet minder om.

‘Aan het begin van dit seizoen had ik zoiets van: als ik halve wedstrijden speel dan moet ik gewoon tevreden zijn. De eerste wedstrijden was dat ook zo, maar op een gegeven moment ben ik weer meer en meer gaan spelen.’

Plekje moeten opschuiven

Steins is er blij mee, want hij is een speler die in een wedstrijd moet groeien. Maar het is wel zo dat daardoor Karabatic nu op een andere plek, de linkeropbouw, speelt. De grote ster heeft letterlijk een plekje op moeten schuiven voor de Limburger, maar volgens Steins is dat niet echt een kwestie. ‘Hij is wel echt een persoonlijkheid, met een grote uitstraling, maar helemaal niet op de verkeerde manier. En volgens mij vindt hij het ook wel fijn om samen met mij te spelen en ik moet zeggen: dat vind ik zelf ook wel fijn.’

En dat voor iemand tegen wie altijd is gezegd dat hij eigenlijk te klein was. Met 1,73 valt hij op in de handbaltop, waarin de trend juist jarenlang richting groter en sterker was. Maar in wedstrijden zie je dat hij van zijn zwakte zijn kracht heeft gemaakt. Hij glipt langs een, twee tegenstanders alsof ze er niet staan, vliegt de cirkel in en weer een doelpunt erbij.

‘Niet alle geleerden waren het erover eens dat het mogelijk was’, lacht hij. ‘Maar ik heb er mee leren omgaan en mijn spelvisie er op aangepast. En ik denk dat dat wel aardig gelukt is.’

En ondertussen is er wel degelijk iets van het zelfvertrouwen en de mores van de top bij hem ingeslopen. Zo ziet hij een groot verschil in hoe er bij zijn club en het nationale team tegen tegenstanders wordt aangekeken. ‘Bij de club denken we dan: leuke spelers, maar daar worden we niet bang van ofzo’, legt hij uit. ‘Bij de nationale ploeg zijn er jongens die over dezelfde spelers soms dagenlang praten. Dat respect moeten we echt los gaan laten.’

Top is bij de mannen breder

De Nederlandse vrouwen spelen al jarenlang op het hoogste niveau, maar bij de mannen zal dat nog moeilijker worden omdat de top breder is. Volgens Steins is het in ieder geval nodig dat nog meer spelers in het buitenland gaan spelen. En dus niet zoals zijn broer Ivo, ook international, handbal in Nederland combineren met een maatschappelijk carrière. ‘Dat doet hij heel goed, maar eigenlijk zou het niet moeten kunnen. Als we de keuze hebben uit professionals die in het buitenland spelen, dan zal er niet meer voor een semiprof uit Nederland gekozen worden.’

Zover is het nog niet, maar hij hoopt op het EK een stap te kunnen zetten. Zeker mentaal. Geloven in jezelf, daar gaat het om. ‘Het is helemaal niet arrogant bedoeld’, zegt hij ten overvloede. Bij PSG ziet hij om zich heen wel spelers die hechten aan status. ‘Maar ik heb niks met glitter en glamour. Ik steek gewoon niet zo in elkaar.’

Hij weet inmiddels wel dat hij op het veld niet voor ze onderdoet. ‘Maar Karabatic blijft toch de legend der legends. Ik snap ook wel dat hij wat ouder wordt, en dat ik in de bloei van mijn leven ben en op mijn top begin te komen. Maar ik kan ik kan nooit meer bereiken wat zo’n speler gehaald heeft, dat kan gewoon niet meer.’

Het is de aard van het beestje, denkt hij. ‘Ik blijf een nuchtere Limburgse jongen. Maar misschien is dat ook wel nodig om mezelf te blijven verbeteren. Ik probeer altijd te kijken wat iemand anders beter kan dan ik, om daar zelf van te leren. En voor mij werkt dat heel goed.’

Meer over