Analyse

Gewonnen EK biedt hockeyploegen geen garanties voor Tokio

Welke conclusies zijn er te verbinden aan de EK hockey voor mannen en vrouwen die afgelopen weekend eindigden met titels voor beide Nederlandse ploegen?

Verdriet bij Nederland na het verlies van de finale tegen Groot-Brittannie in het Olympic Hockey Center tijdens de olympische Spelen in Rio 2016.  Beeld ANP
Verdriet bij Nederland na het verlies van de finale tegen Groot-Brittannie in het Olympic Hockey Center tijdens de olympische Spelen in Rio 2016.Beeld ANP

Het dubbele succes van de Nederlandse hockeyteams bij de Europese titelstrijd in eigen land is geen garantie voor een soortgelijke oogst bij de aanstaande Olympische Spelen. Vroeger bestond zelfs de mare, zo sprak oud-international Kim Lammers zondag op NPO 1, dat een ploeg met Europees hockeygoud achter de naam het jaar erna zeker geen olympisch kampioen zou worden.

Nu is, door het uitstel van de Spelen, het internationale wedstrijdschema compleet veranderd. De EK’s mannen en vrouwen, keurig op de originele datum gehouden, zijn veertig dagen voor het begin van Tokio 2021 gespeeld. Er was geen andere oplossing. De winnende teams, de Nederlandse vrouwen en de Nederlandse mannen, zijn in vorm, maar weten ook dat er nog een trap extra genomen moet worden, naar etage topvorm, om in Japan nogmaals te kunnen toeslaan.

Voor de vrouwen van coach Alyson Annan lijkt dat een eenvoudiger karwei. Haar elftal, al sinds 2011 de nummer één van de wereld, heeft sinds de nederlaag in de olympische finale van Rio 2016, verloren van de Britse dames na shoot-outs (0-2), acht toernooien op rij gezegevierd: EK 2017, World League 2017, WK 2018, Champions Trophy 2018, Pro League 2019, EK 2019, Pro League 2020/21 en het juist afgesloten EK van Amstelveen. Haar team is goed voor 58 zeges uit 62 wedstrijden; over eenzijdige overheersing gesproken.

Wankelen

In dat recente continentale toernooi van Amstelveen leek de nationale ploeg zowaar enkele achilleshielen te bezitten. België bracht Nederland in de halve finale in het derde kwart aan het wankelen. Caia van Maasakker redde de meubelen met een geslaagde strafcorner in het vierde kwart (3-1). In de finale tegen Duitsland, een eitje volgens Lammers in hetzelfde radioprogramma, bleek de taaiheid van de tegenstander niet zomaar te breken. Het werd slechts 2-0.

Het zal wat waarschuwingslampjes hebben doen oplichten bij Annan en haar staf. Tokio wordt geen wandeling in het park. Het team is vooral degelijk, met naast twee goede keepers (Josine Koning en Anne Veenendaal) twee uitschieters in het veld, topscorer Frédérique Matla en spelmaker Eva de Goede. Annan mag hopen dat Lidewij Welten, vrouw met een individuele actie, op tijd herstelt van de hamstringblessure die haar vorige maand trof.

De mannen van coach Max Caldas verlieten, opvallend genoeg, met meer geloof in eigen kunnen het kunstgras van het Wagenerstadion. Tegen België, wereldkampioen en nu de nummer twee van de wereldranglijst, werd tweemaal in de halve finale een achterstand teniet gedaan. In de finale tegen Duitsland werd hetzelfde patroon getoond: 0-1, 1-1, 1-2, 2-2. Waarna de Nederlanders in de shoot-outs zowel de Belgen als de Duitsers versloegen.

Koelbloedigheid

Dat vertoon van koelbloedigheid geeft, wie de spelers beluistert, veel zelfvertrouwen aan de internationals. Er zijn acht kandidaten voor de shoot-outs, maar de beste vijf van hen, op rij Jeroen Hertzberger, Thierry Brinkman, Robbert Kemperman, Thijs van Dam en Jorrit Croon, zullen in Tokio, indien nodig, weer op een rij gaan staan. Zij zullen dan in de kwartfinale, halve finale en mogelijk zelfs finale de trekker moeten overhalen in de lastigste proef die hockey kent, binnen acht seconden van de 23-meterlijn naar het doel dribbelen en de zich breed makende doelman verschalken.

De jonkies Van Dam en Croon bleken in de shoot-out deze week excellent, toverballen in de bovenhoek, maar wezen liever naar hun 33-jarige doelman Pirmin Blaak. Diens reddingen in dat ‘revolverduel’ zijn de basis voor succes. Op Blaak, de onbetwiste nummer één, zal straks geleund worden in het Oi Pier Ocean Park van Tokio, niet ver van luchthaven Haneda.

Beide bondscoaches, de voormalige geliefden Caldas en Annan, hebben hun EK-spelers na de krachtinspanning van Amstelveen voor tien dagen met verlof gestuurd. Er was zelfs een feestje gebouwd na de Europese titels. Wie zondag matchwinnaar Thijs van Dam hoorde praten, wist dat het de avond tevoren laat en luid was geworden.

Tijdsverschil

Volgende week woensdag begint de laatste aanloop naar de Olympische Spelen. De mannen hebben geen trainingskamp belegd in Japan. Caldas acht de restricties wegens corona zo ingrijpend dat hij zijn ploeg pas zeven dagen voor de eerste wedstrijd, 24 juli tegen België, naar Tokio laat vliegen. Dan mag direct het olympisch dorp worden betreden. Daarmee is er geen kans langdurig aan de luchtvochtigheid te wennen. Het jetlagprotocol, 7 uur tijdsverschil, wordt al in Nederland aangevangen.

Annan heeft het voorbereidende trainingskamp in Gifu gehalveerd. Twee weken zijn één week geworden. Gifu ligt bij Nagoya, anderhalf uur treinen (Shinkansen) van Tokio. De vrouwen beginnen ook op 24 juli, tegen India.

In beide takken van het hockey valt lastig in te schatten hoe sterk de internationale tegenstand is. Anderhalf jaar corona heeft veel van de wedstrijdagenda doen verdwijnen. De Nederlandse vrouwen horen, zo voel je aan alles, voor de vierde keer olympisch kampioen te worden; na 1984, 2008 en 2012. De mannen veroverden tweemaal de titel (1996 en 2000). Daarna was de hoogste trede van het erepodium telkens niet haalbaar: 2, 4, 2 en 4.

Meer over