Nieuws

Geen goud voor Femke Kok op 500 meter, wel de beste Nederlandse prestatie ooit

In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Zeker niet op de 500 meter. Topfavoriet Femke Kok greep vrijdag naast het goud op de WK afstanden, maar kan toch tevreden terugkijken.

Femke Kok onderweg naar haar eerste individuele WK-medaille en het beste WK-resultaat ooit voor een Nederlandse vrouw op de 500 meter. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Femke Kok onderweg naar haar eerste individuele WK-medaille en het beste WK-resultaat ooit voor een Nederlandse vrouw op de 500 meter.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Femke Kok won alle wereldbekers over 500 meter van dit seizoen, vier in totaal. Was zij het aan haar stand verplicht om de 500 meter op de WK afstanden te winnen? Zo voelde het wel, ook al is ze pas 20. ‘Het was wel heel gek om hier als favoriet te starten. Vorig jaar was ik nog negende en kwam ik net kijken.’

Ze mocht favoriet zijn, met een tijd van 37,28 bleef Kok vrijdagmiddag steken op zilver. Het goud was voor Angelina Golikova. Zij was een kwart seconde sneller en reed 37,14. De Russin was op voorhand de belangrijkste uitdager van Kok. Ze bezit het baanrecord in Thialf en was tijdens het EK sprint de Friezin op de 500 meters beide keren te snel af. In alle races die Kok won, was zij de nummer twee.

Op het podium werd Kok geflankeerd door twee Russinnen. Olga Fatkoelina werd derde in 37,45. Zij en Golikova mochten net als hun landgenoten tijdens de WK niet in hun nationale tenue rijden. Het is een deel van de straf voor de Russen na ongeregeldheden bij het Moskouse dopinglaboratorium en de overtredingen tijdens de Winterspelen van 2014 in Sotsji.

Ook de naam van hun land verscheen niet in de uitslag, alleen de letters RSU, de afkorting voor de Russische Schaatsunie. Het volkslied werd voor Golikova evenmin gespeeld. In plaats daarvan klonken, op aanvraag van de Russische schaatsbond, de tonen van Tsjaikovski’s Piano­concert nr. 1.

Beste Nederlandse ooit

Dat ze het goud niet pakt, deert Kok niet zo. Ze straalt na afloop. Ze wilde heel graag winnen, maar zilver is ook mooi. Het is immers haar eerste individuele WK-medaille. En het beste resultaat ooit voor een Nederlandse vrouw op de 500 meter bij de WK. Met Thijsje Oenema (2012), ­Annette Gerritsen (2008) en Marianne Timmer (1999) bleef Nederland steeds steken op brons.

Het neemt niet weg dat Kok op beter had gehoopt. ‘Ik kwam voor de winst.’ Maar na het rijden van Golikova, twee ritten voor haar, wist ze al dat het heel moeilijk zou worden. ‘Toen ik haar tijd zag, dacht ik: dat is heel snel.’

Ze werd er nerveus van en stond met trillende benen en onrustige ademhaling aan de start. Dat heeft ze vaker als er veel op het spel staat. Toch vielen de eerste 100 meter mee. Ze opende in 10,34 seconden. ‘Die opening was goed, maar ik kwam tekort in het rondje. Daar raakte ik ze niet.’

Kok wordt geroemd om haar techniek. ‘Fabelachtig’, noemde haar coach Gerard van Velde haar slag eerder deze winter. Ook Margot Boer, de enige Nederlandse die olympisch eremetaal veroverde op de 500 meter, kijkt met bewondering naar haar. ‘Ze zit heel diep, heeft een mooie lange afzet en ze rijdt heel netjes, alsof ze het voortdurend onder controle heeft.’

Dat biedt perspectief voor volgend jaar, denkt Boer. Haar bronzen plak uit Sotsji in 2014 moet Kok kunnen overtreffen. ‘Ze heeft veel potentie en ik hoop op olympisch goud.’

Dat is precies waar Kok zelf direct na de huldiging ook op inzet. ‘Ik ga vol goede moed naar volgend jaar. Dit is de eerste keer dat ik op een WK heb meegedaan om de prijzen. Nu is het zilver en hopelijk is het straks een treetje hoger.’

Met een jaartje extra oefening, staat Kok weinig meer in de weg, vermoedt Boer. ‘Ze is nog jong, maar met meer ervaring en nog meer zelfvertrouwen kan ze sneller. Als zij volgend jaar 10,2 opent, is ze lastig te verslaan.’

Concurrentie van Leerdam

Het is goed dat ze in Nederland de concurrentie heeft van Jutta Leerdam, die vrijdag in 37,61 vierde werd. ‘Zij gaan ­elkaar opjutten.’

Volgens Boer is het is niet zo gek dat Kok en Leerdam, ook pas 22 en al regerend wereldkampioen op de 1.000 meter, veel vroeger doorbreken naar de wereldtop dan zijzelf en haar generatiegenoten. ‘Wij zijn in onze jeugd opgeleid als allrounders en moesten vaak een 3 kilometer rijden. Sindsdien is dat veranderd en kunnen ze al veel vroeger specialiseren.’

Kok weerspreekt dat. De afgelopen twee jaar werd zij zelf tenslotte wereldkampioen allround bij de junioren. ‘Dit is het eerste jaar dat ik géén 3 kilometer heb gereden. Ik heb altijd allround getraind, al leunde ik wel een tikkeltje naar de sprint.’

De belangrijkste sprintvrouw ontbrak de afgelopen weken in Thialf. De Japanse Nao Kodaira, regerend olympisch en ­uittredend wereldkampioen, was met haar landgenoten vanwege strikt coronabeleid in eigen land gebleven. Toch waren voldoende topsprinters aanwezig om Koks prestaties van de wereldbekers en de WK in perspectief te plaatsen, vindt Boer. ‘Ik denk dat ze in Japan wel schrikken van de tijden die Femke rijdt.’

Meer over