Tour de France

Gebutst en wel wordt het peloton vrijdag op pad gestuurd voor een ellelange rit. Dat hoort hij een ronde

De etappe van vrijdag gaat over bijna 250 kilometer. Is dat nog wel van deze tijd?

Vrijdag wordt het kilometers maken voor het peloton. Wel oppassen voor valpartijen. Beeld AFP
Vrijdag wordt het kilometers maken voor het peloton. Wel oppassen voor valpartijen.Beeld AFP

De etappe van vandaag verdeelt wielerliefhebbers in twee kampen: zij die elke rit langer dan 150 kilometer doodsaai vinden en zij die menen dat een lange, bijna integraal op tv uitgezonden etappe hoort bij de Ronde van Frankrijk als een barbeque bij de zomer. Thierry Gouvenou, die de route van elke Tour tekent, bedient vandaag de laatste groep met de langste etappe in 21 jaar: 249,1 kilometer.

De zevende etappe van de Tour gaat vandaag door midden-Frankrijk van Vierzon naar Le Creusot. Bijna 250 kilometer, dat is langer dan bijvoorbeeld de olympische wegrace op 24 juli. Het is de lengte van klassiekers zoals de Ronde van Vlaanderen en Luik-Bastenaken-Luik. Sterker: het profiel van het parcours vandaag heeft wel wat weg van die twee wielermonumenten met vijf gemene klimmetjes in de laatste 90 kilometer.

Heftige laatste 90 kilometers

Gouvenou is vooral tevreden over de ‘berg’ van tweede categorie, de Signal d’Uchon, op 18 kilometer van de streep, die hij voor het eerst in de route heeft opgenomen. Na een 150 kilometer lange min of meer vlakke aanloop, kan het spektakel wat hem betreft losbarsten op de Côte de Château-Chinon, een heuvel van de derde categorie met de top op ruim 87 kilometer van de finish. ‘Tussen de vijf beklimmingen is er bijna geen tijd is om te herstellen’, kondigt de koersdirecteur bijna verlekkerd aan in de perspresentatie.

Misschien hebben de renners tijd om rond te kijken. Beeld AP
Misschien hebben de renners tijd om rond te kijken.Beeld AP

‘Ik heb in een grote ronde nog nooit meegemaakt dat er zoveel jongens gehavend zijn’, stelt viervoudig Tourwinnaar Chris Froome, die dit jaar in het achterveld meerijdt. Zit het halve, gebutste peloton dan te wachten op de langste etappe sinds 2000? ‘Da’s wel lang ja, 250 kilometer’, zegt Tim Declerq vlak nadat hij ploeggenoot Mark Cavendish aan zijn tweede sprintzege heeft geholpen. ‘Maar als het bij deze ene keer blijft, kan het misschien wel.’ Declerq kan alleen maar hopen dat zijn ploeg, Deceuninck-QuickStep, vandaag niet het vermetele plan opvat om Cavendish etappe nummer drie te laten winnen. Dan moet Declerq op kop rijden om vluchters terug te halen. ‘Ik hoop het niet, want er zit flink wat vermoeidheid in de benen.’

Niet meer dan 3.500 km

De op één na langste etappe dit jaar is de dertiende, van Nîmes naar Carcassonne over 219,9 kilometer. Al andere ritten zijn minder dan 200 kilometer en dat is ook de trend sinds begin deze eeuw. Toen riep de internationale wielerunie UCI de drie grote rondes op om twee rustdagen in te lassen, de totale ronde niet langer te maken dan 3.500 kilometer en de etappes te maximeren op circa 240. Vooral in Spanje sloegen ze daarop aan het experimenteren met ultrakorte etappes, passend bij de aandachtsspanne van de jonge generatie die de organisatie wilde veroveren.

Uiteindelijk volgde de Tour met in 2018 een 65 kilometer korte etappe, waarin niettemin drie zware beklimmingen waren gepropt. Dat was weer eens wat anders dan de 482 kilometer lange etappe een eeuw eerder, 1919, waar winnaar Jean Alavoine 18 uur en 54 minuten over deed.

De kortere etappes brengen niet alleen spektakel, met meteen actie in de eerste kilometer, ze ontmoedigen ook enigszins het gebruik van doping, is wel gezegd. Het doorkomen van de dagelijkse lange afstanden, drie weken aan een stuk, zou hebben geleid tot het gebruik van stimulerende middelen.

Froome heeft geen problemen met lange etappes, zei hij ooit. ‘Die horen bij een grote ronde. Maar maak ze 50 kilometer korter en je krijg hetzelfde resultaat. Ik klaag niet, want langere dagen kunnen ook relaxt zijn, we kunnen een beetje babbelen in het peloton.’

Dat ziet de huidige geletruidrager Mathieu van der Poel toch anders. Zijn ploeg zal tal van aanvallen op het geel moeten afslaan. ‘Het wordt sowieso een heel zware dag.’

Meer over