Fidels amateurs oefenen alvast met houten knuppel

Hout of aluminium? Kapitalisme of communisme? Het is op voorhand duidelijk dat de honkbalwedstrijd tussen het Cubaanse nationale team en de Amerikaanse profclub Baltimore Orioles zondag in Havana meer is dan een simpel spelletje....

Voor het eerst in veertig jaar speelt een ploeg uit de Verenigde Staten weer een wedstrijd op het Caribische eiland, waar de communistische leider Fidel Castro nog altijd de scepter zwaait. Wellicht kan honkbal een aanzet geven tot democratische hervormingen.

Die utopische gedachte is ingegeven door de pingpong-diplomatie waarmee de Amerikaanse president Richard Nixon begin jaren zeventig China dacht open te breken. Historici wezen er deze week fijntjes op dat de Chinese regering nog altijd de mensenrechten schendt, ondanks die ontwapenende potjes tafeltennis.

Dat neemt niet weg dat de nationale trots op het spel staat. Cuba is de regerend Olympisch kampioen, die in 1996 in het hol van de kapitalistische leeuw (Atlanta) een Amerikaanse studentenploeg vernederde. Major League Baseball, de sterkste competitie ter wereld, vaardigt geen profs af voor het Olympisch team omdat de Spelen midden in het seizoen vallen.

De wedstrijd in Havana, gevolgd door een tegenbezoek op 3 mei in Camden Yards, is daarom ook in sportief opzicht een interessante krachtmeting. Orioles-eigenaar Angelos kreeg pas na een lobby van drie jaar het fiat van zijn regering. Castro was meteen voorstander, niet in het minst doordat hij zelf ooit een begenadigd pitcher was en zelfs een proefduel bij New York Yankees speelde.

Sinds Castro op Cuba het marxisme predikt, is een strikte boycot van kracht. Voorzichtig laat Washington de teugels vieren, maar alle economische sancties opheffen is vooralsnog onbespreekbaar. Honkbal vormt het nieuwste wapen, tot ongenoegen van talrijke Cubaanse immigranten in de Verenigde Staten. Die denken dat Castro op deze wijze goede sier kan maken.

Het is in elk geval weer eens wat anders, nadat de afgelopen jaren menig Cubaanse topspeler bij internationale toernooien de benen nam en politiek asiel aanvroeg. De twee Cubaanse broers Livan en Orlando Hernandez verdienen na hun ontsnapping miljoenen dollars bij respectievelijk Florida Marlins en New York Yankees.

De Orioles hebben geen Cubaanse spelers in dienst, waarmee een pijnlijke situatie uitblijft. Wel blijft de Dominicaanse werper Juan Guzman thuis, omdat hij naar eigen zeggen zijn Cubaanse buurtgenoten in Miami niet wil beledigen. Een groepje protesterende Cubanen werd deze week tijdens het trainingskamp gearresteerd.

Zo'n vierhonderd buitenlandse journalisten strijken dit weekeinde neer op het eiland. Amerikaanse media stelden al vast dat het historische evenement meer leeft onder Cubanen dan onder de Orioles-spelers. Niemand uit de Amerikaanse selectie kon een tegenstander bij naam noemen, en sommigen noemden het duel een hinderlijke onderbreking in de voorbereiding op het komend seizoen.

Wat dat betreft zijn Fidels staatsamateurs erop gebrand om de dure vedetten mores te leren. Bij eventueel verlies hebben zij een geldig excuus. Pas sinds enkele maanden spelen de Cubaanse internationals met houten in plaats van aluminium knuppels, waar de Amerikaanse profs sinds mensenheugenis het aloude slaghout hanteren.

Meer over