AnalyseConference League

Feyenoord is Olympique, Rotterdam is Marseille: rauw en hunkerend

Bij succes is de ontlading in Rotterdam en Marseille intens. Ook bij tegenslag is de emotie soms niet te beteugelen onder de fans van Feyenoord en Olympique, donderdag elkaars tegenstander in de halve finale van de Conference League. Elf overeenkomsten tussen twee voetbalclubs.

Marcel van Lieshout
Luis Sinisterra is een van de sleutelspelers van Feyenoord. Zondag was hij nog matchwinnaar tegen FC Utrecht.  Beeld ANP
Luis Sinisterra is een van de sleutelspelers van Feyenoord. Zondag was hij nog matchwinnaar tegen FC Utrecht.Beeld ANP

Olympique Marseille, vanavond te gast in de Kuip, is het Franse Feyenoord. In onnoemelijk veel opzichten. De overeenkomsten tussen de clubs zijn verbijsterend groot. Het moet haast wel of de halve finale van de Conference Cup eindigt met een serie strafschoppen wegens totale spiegelbeeldigheid.

Al zijn de Fransen op papier – nummer twee in het land waar helaas mijn wieg niet stond – sterker dan mijn favoriete voetbalclub, de nummer drie van Nederland.

‘Zijn ze sterk?’, vraagt een sportverslaggever van La Provence, de grootste krant in de tweede stad van het land (overeenkomst 1), naar Feyenoord dat in Frankrijk vooral gekend is als een club met agressieve, vernielzuchtige supporters (2). Ze spelen soms een half uur verrassend goed, hebben een trainer die aanvallend denkt en hoog druk wil zetten en net als die van Olympique een soort leerling is van Marcelo Bielsa, krijgt hij ten antwoord(3).

Tevoren heb ik mijn vaste, zeker veertig jaar oude Franse zinnetje ingebracht bij de gesprekspartner: ‘Malheureusement je suis né trop nord’ (Helaas ben ik te noordelijk geboren).

Wandelende encyclopedie

Ook te noordelijk geboren maar verdorie wél in Frankrijk woonachtig is sportcorrespondent en historicus Jurriaan van Wessem (61). Hij is een wandelende en zittend permanent twitterende encyclopedie die de afgelopen week de ene na de andere aanvulling gaf op de reeks aan overeenkomsten tussen Feyenoord Rotterdam (Frans) en Olympique Marseille.

Wat nogal voor de hand lag en vanzelf opkwam was onder meer die tweede stad van het land. Dan: havenstad. Waardoor: nóg meer nationaliteiten dan in de hoofdstad die niet aan zee ligt. Vanwege deze omstandigheden een gezonde mélange van haat/jaloezie/Calimero jegens de kampioen in de hoofdstad die uiteraard veel rijker is (4).

Nu, actueel, gaat het maar door met die overeenkomsten. De Uefa heeft Feyenoord vorige week bestraft met een boete van ruim 70 duizend euro vanwege het supportersgedrag tijdens de kwartfinale, thuis tegen Slavia Praag. Ook vanwege supportersgedrag werd Olympique Marseille een paar dagen eerder door de Uefa (harder) bestraft: in het Vélodrome stadion, waar de wielerbaan lang geleden is gesneuveld tijdens een geslaagde renovatie, moet volgende week Virage Nord (het vak van de harde kern, 12 duizend plaatsen) leeg blijven (5).

Oud stadion, nieuw stadion

Dan weer even terug in de historie: beide clubs drijven nu nog op, vooruit koketteren met, het feit dat zij de eerste in het land zijn die de Europa Cup 1 wonnen. Feyenoord in 1970, Olympique in 1993. Europees gezien hebben beide clubs daarnaast twee prijzen gepakt. (6)

Jurriaan van Wessem meldt telefonisch een interessante. Marseille is tijdens de Tweede Wereldoorlog, de haven met name, zwaar gebombarbeerd. Er bleef precies één gebouw staan dat niet zo lang geleden ook tegen de vlakte is gegaan. Het eveneens gebombardeerde Rotterdam (Stad zonder hart van beeldhouwer Ossip Zadkine) kent een vergelijkbaar trauma dat nu nog opspeelt. (7)

Nu het toch over sloop gaat, komt wederom de kwestieuze reputatie van beide supportersgroepen ter sprake. Feyenoord Rotterdam is in Frankrijk vooral bekend van de vernielingen in Rome, een paar jaar geleden, terwijl in kranten als La Provence dezer dagen ook de ravage in Nancy (2006) in herinnering wordt geroepen.

Van Wessem: ‘Nancy en Feyenoord-hooligans is hier altijd levend gehouden. Platini kwam uit Nancy, hij was een factor bij de Franse voetbalbond én de Uefa, dus dat draagt eraan bij. De vernielingen in Rome staan in het hele mediterrane gebied nog bij velen op het netvlies.’

Dimitri Payet is de sterspeler van Marseille.  Beeld NurPhoto via Getty Images
Dimitri Payet is de sterspeler van Marseille.Beeld NurPhoto via Getty Images

Voordat het weer steeds over vandalisme gaat; de supporters van beide clubs vertonen ook in positieve zin overeenkomsten. Ze wonen in het hele land (8). Dit is geen aanname, dit is een feit. Zegt oud-voetballer Boudewijn Zenden, de PSV’er die overal heeft gevoetbald, graag in De Kuip speelde (‘Dat trillende beton, dankzij die fanatieke aanhang’) en in de periode 2009-2011 het wit en lichtblauw van Olympique Marseille droeg.

OM is overal waar Frans wordt gesproken populair, verzekert Zenden. ‘Als wij in het noorden, in Metz, moesten spelen, dan werden we daar al op het vliegveld door supporters uit Metz toegejuicht.‘ Ook in Marokko of Franstalig Zwitserland woont aanhang, ondervond Zenden.

Qua voetbalsfeer in het eigen stadion zijn OM en Feyenoord ook al elkaars gelijken, vindt hij. Nergens in Frankrijk of Nederland wordt zo hartstochtelijk meegeleefd als in de Vélodrome en de Kuip. In Rotterdam worden spelers verrot gescholden als het niet goed gaat en krijgen ze steevast het dringende advies ‘werken voor je geld!’ De OM-pendant daarvan is, volgens Zenden: ‘Maak je shirt nat, of lazer op.’ (9).

Zenden spreekt die leus in vloeiend Frans uit. ‘Zèn-dèn’ heeft die indertijd zelf vaak naar het hoofd geslingerd gekregen.

Armoedige buurten

Nu hij er zo over komt te spreken ziet Zenden onnoemelijk veel gelijkenissen tussen de clubs en waar ze zijn gevestigd. Hij begint over de leefomstandigheden in (delen van) Marseille en Rotterdam, de sociale klassen, de armoede en werkloosheid. Zeker, Parijs heeft ook zijn armoedige buurten maar ver weg van het Parc des Princes. Anders dan Marseille. Dicht bij de Kuip ligt het grootste ‘probleemgebied’ van Nederland, het enige waarvoor een Nationaal Programma geldt. (10)

Ik vertel hoe ik in 2002, tegen het advies van de krant in, de wijk waar Zinedine Zidane opgroeide ging bezoeken omdat heel Frankrijk toen schreeuwde om die geblesseerde sterspeler alsnog op te stellen tijdens het WK. Zenden reageert: ‘Ja, Marseille is rauw. Een vulkaan waar het boven kan stormen, maar binnen ook lekker warm kan zijn.’ Niets naars gebeurd overigens, daar tussen die trieste torenflats vol immigranten.

‘Geen verkeerde club’, zegt Boudewijn Zenden als ik hem vertel Feyenoordsupporter te zijn sinds ik op mijn 12de vanuit Den Haag voor het eerst in de Kuip kwam en toen, enfin, hoe gaan die dingen? De Limburger Zenden droeg onder meer het shirt van PSV, Chelsea, Oranje en Barcelona, en dat van Marseille dus, en zou – zo lijkt het – dolgraag ook dat van Feyenoord hebben gedragen.

‘Het intense van beide clubs heeft ook te maken met dat je maar eens in de zoveel tijd iets wint. Dat verlangen naar succes is ook iets wat ze verbindt. In mijn tijd in Marseille werden we derde, tweede en precies toen ik weg was werden we eindelijk weer kampioen. Wat had ik dat graag meegemaakt. Ik had het er een paar jaar geleden nog met Gio (Van Bronckhorst red.) over toen Feyenoord onder zijn leiding voor het eerst in twintig jaar weer eens kampioen werd. Die immense vreugde die je toen voelde.’ (11)

Miljoenenbal

Begin van de week, La Provence belt. Of Feyenoord al spelers aan het sparen is voor de dubbele ontmoeting tegen Olympique Marseille. De Franse club kan zich zo’n aanpak niet veroorloven. Zondagavond won Marseille uit bij Reims met 1-0 (sterspeler Payet had er zijn honderdste Ligue 1-doelpunt kunnen maken) en behield zo de tweede plaats.

Leuk die Conference Cup en net als Feyenoord reikt Olympique Marseille niet zo vaak heel ver in het Europese voetbal, maar belangrijker is dat volgend seizoen de Champions League en dus tientallen miljoenen euro’s lonkt. Zegt én La Provence én Jurriaan van Wessem.

Die laatste: ‘Paris Saint-Germain is zaterdag weer kampioen geworden. Het doet vrijwel niemand wat. Zie de voorpagina van L’Équipe.’ Er treedt een zekere moeheid in, zegt Van Wessem, als steeds dezelfde club kampioen wordt. Wat bijdraagt aan de fletse stemming is dat Paris SG dankzij een sjeik over miljarden beschikt.

De stemming in Frankrijk zou heel anders zijn als Olympique Marseille dit jaar kampioen zou zijn geworden. De club is sinds enige tijd eigendom van een Amerikaan (Frank McCourt) die er 200 miljoen euro in heeft gestoken. ‘Peanuts, vergeleken bij die sjeik’, zegt Van Wessem. Ik zeg dat bij Feyenoord nu ook al een jaar het gerucht de ronde doet dat een Amerikaan de club wil gaan kopen.

Het Vélodrome is mede dankzij dat Amerikaanse geld trouwens fantastisch verbouwd, meldden de Franse bronnen. De sfeer in het stadion is nu nog beter, sinds de wielerbaan is verdwenen en er een dak is bijgekomen. Feyenoord meldde vorige week dat Feyenoord City definitief niet doorgaat. Herbouw op de plek van de huidige Kuip is geen optie, mogelijk dat er toch nog een lonende en zoveelste renovatie in zit.

Bernard Tapie

De bal moest maar eens gaan rollen, verzucht ik jegens Van Wessem, Zenden en La Provence. We moesten maar eens ophouden met al die spiegelbeelden. Voordat je het weet zijn we aan het fabriceren, krijgt het iets gekunstelds, die gelijkenissen. Olympique Marseille heeft tenslotte wél eens een mecenas gehad, Bernard Tapie, en won prompt de Europa Cup 1, of beter, de eerste editie van de Champions League. Na Feyenoords winst in 1970 is het geld in de lucht opgegaan, terwijl nota bene het rijke Shell daar in Rotterdam om de hoek…

Van Wessem: ‘Weet je dat wijlen Tapie onder Mitterrand met moeite, maar succesvol het extreemrechtse en nu populistisch rechtse Front National buiten het gemeentebestuur van Marseille heeft weten te houden?’ In Rotterdam is populistisch rechts (Leefbaar Rotterdam) juist na het laatste Europese succes van Feyenoord (2002) steeds de grootste partij, met regelmatig deelname aan het bestuur.

Zo pingpongen we nog enige dagen. Over de hoofdstad tegen de tweede stad die in Nederland de Klassieker heet en in Frankrijk La Classique. Over bestormingen van trainingscomplexen door eigen supporters. Over de zoon van een technisch-directeur van Olympique Marseille die jaren geleden is doodgeschoten en dat dan weer in relatie met de opgestapte Feyenoord-directeur Mark Koevermans die zo werd bedreigd door aanhangers van de club dat er Kamervragen over werden gesteld.

Jongerencultuur

Boudewijn Zenden voegt nog toe: ‘Weet je dat het stadion van Marseille een grote plaats inneemt in de rapcultuur? Zelfs rappers uit Parijs komen over om daar clips op te nemen.’ Was en is het niet zo, gokken we, dat Rotterdam lichtjaren op Amsterdam voorliep en loopt op het gebied van jongerencultuur?

In Amsterdam, ten huize van de verslaggever, leeft de wedstrijd van vanavond. Heel vaak in de Kuip geweest, vaak in Marseille, een enkele keer in het oude Vélodrome. Misschien gaat vanavond het T-Shirt van OM (eigenlijk l’OM) aan dat ooit door vriend Joep, woont vlakbij Marseille, cadeau werd gedaan.

Met daarop het mooie logo – de O kunstig achter de M – en het (dubbelzinnig te vertalen) motto van de club: Droit au But (meervoudig te vertalen, in ieder geval als 'trefzeker’).

Wie moet er winnen in deze strijd van twee liefdes? De club die het verdient. Hoewel. Dat kan ik mijn idool Willem van Hanegem niet aandoen. Feyenoord kan het mazzeltje hebben dat Olympique Marseille vanwege het competitie belang niet de sterkste spelers opstelt. In de keukenkast staat het eierdopje met Feyenoordlogo, een huwelijkscadeau van vriendin Ria. Vaak denk ik: ‘Heureusement je suis né au nord, pas loin de Rotterdam.

Elf overeenkomsten tussen
Feyenoord en Olympique

1) Rotterdam en Marseille zijn de tweede stad van het land

2) De clubs worden geplaagd door vernielzuchtige supporters

3) De coaches, Slot en Sampaoli, hebben een gelijksoortige spelopvatting

4) Rotterdam en Marseille zijn havensteden

5) Beide clubs weten de ogen van de Uefa-tuchtcommissie op zich gericht

6) 1ste winnaars EC 1 (of Champions League) in Nederland en Frankrijk

7) Beide steden zijn zwaar gebombardeerd in WO II

8) Clubs zijn populair tot ver buiten de stadsgrenzen

9) Fans van Feyenoord en Olympique eisen geen woorden maar daden

10) Rotterdam en Marseille zijn steden met armoede en werkloosheid

11) Supporters en clubs hunkeren naar succes