EK geen reële afspiegeling van krachtsverhoudingen

De afgelopen maanden stonden bol van de damevenementen. Het toernooi van Den Haag was nog maar net afgelopen of het toernooi van Nijmegen begon alweer, ‘Nijmegen’ werd gevolgd door ‘Brunssum’, waarna de Nederlandse damzomer werd afgesloten met het te Goes gehouden Hiltex Zeelandtoernooi....

Ton Sijbrands

Dat doe ik níet omdat het speltechnische belang van het EK 2010 groter zou zijn dan dat van ‘Goes 2010’ – integendeel. Waar de Europese titel tot 1999 (Hoogezand) vrijwel altijd de inzet van een serieus rondtoernooi vormde, is het EK de laatste jaren verworden tot een zoveelste open toernooi met ongelimiteerde inschrijving en het – althans door ondergetekende – zo verfoeide Zwitserse Systeem. Niet dat ik iets tegen toernooien met 65 deelnemers heb: als iedereen 64 partijen zou spelen, hebben zij mijn zegen!

Maar het is onzinnig te verwachten dat negen ronden ‘Zwitsers’ voldoende zouden zijn om een reële afspiegeling van de krachtsverhoudingen te verkrijgen. Zo eindigden in Zakopane, op slechts één punt afstand van toernooiwinnaar Georgiev (13 uit 9), liefst zes spelers op de tweede plaats, terwijl de achtste plaats bezet/gedeeld werd door welgeteld twaalf spelers, die allen 11 uit 9 scoorden.

Waarom dan tóch over dit toernooi geschreven? Omdat in Zakopane niet alleen de Europese titel op het spel stond: er waren óók entreebewijzen voor het WK 2011 (Emmeloord/Urk) te verdienen. En omdat een van die vijf toegangskaarten naar een Nederlandse dammer ging die daarmee het tot dusver grootste succes uit zijn carrière behaalde: Pim Meurs.

De uit Culemborg afkomstige Meurs, die in de nationale clubcompetitie voor landskampioen VBI Huissen uitkomt, won drie van de negen partijen en finishte – na berekening van de weerstandspunten – als derde. Behalve Georgiev moest Meurs ook Amrillajev voor zich dulden, maar hij liet – nogmaals: na toepassing van een nieuw soort Solkoff-systeem waarbij niet de door de tegenstanders behaalde punten telden maar de FMJD-ratings die die tegenstanders voor aanvang van het toernooi hadden – het kwartet Boezjinski, Virni, Dolfing en Heusdens (allen eveneens 12 uit 9) achter zich.

Met Amrillajev, Boezjinski en Virni zijn tevens drie van de overige vier spelers genoemd die zich voor het WK 2011 kwalificeerden. Omdat Georgiev – als derde prijswinnaar van het WK 2007 (Hardenberg) – al geplaatst was, zou men verwachten dat het resterende WK-ticket naar de nummer zes, in casu Martin Dolfing, zou gaan. Mis! Vóór het toernooi was namelijk al bepaald dat zich slechts één speler uit Nederland zou kunnen plaatsen. Geen WK-deelname dus voor Dolfing, noch voor Heusdens (beiden leverden overigens een uitstekende prestatie), en al helemaal niet voor Boomstra, die met 11 punten als achtste finishte.

Nee, het vijfde WK-ticket ging naar nummer negen: Alexeï Domtsjev. De Litouwer eindigde net één plaatsje boven oud-wereldkampioen Valneris, en wel doordat zijn negen tegenstanders een gemiddelde rating van 2310 hadden, en die van Valneris 2309... Ik behoor beslist niet tot het koor van Domtsjev-bashers, maar Domtsjev die op een WK de plaats van Valneris inneemt – dat is geen vooruitzicht om vrolijk van te worden.

Eigenlijk had ik de partij willen laten zien die Meurs van Kirzner won, maar daar is geen ruimte meer voor. Dat prachtige duel houdt u dus van mij tegoed. Voor deze week sluit ik af met Meurs’ overwinning op Eldar Aliev (Azerbeidzjan). Het is moeilijk te zeggen wat de geladen stelling waarin Aliev zich in het zwaard stort, precies waard is. Maar het is beslist Meurs’ verdienste dat hij zijn tegenstander van meet af aan zo veel mogelijk complicaties voorschotelt en daarbij de risico’s (in de vorm van een opgesloten rechtervleugel) niet schuwt.

Meurs-Aliev

EK 2010

1.32-28 17-22 2.28x17 12x21 3.35-30 20-25 4.33-29 7-12 5.39-33 1-7 6.44-39 18-23 7.29x18 12x23 8.33-29 21-26 9.29x18 13x22 10.31-27 22x31 11.36x27 15-20 12.40-35 7-12 13.45-40 20-24 14.39-33 9-13 15.50-45 4-9 16.37-32 12-18 17.41-37 10-15 18.46-41 5-10 19.32-28 11-17 20.41-36 18-23 21.38-32 8-12 22.37-31 26x37 23.42x31 3-8 24.31-26 13-18 25.43-38

Zie diagram 1

25...23-29?? (een - letterlijk - onbegrijpelijke fout: wat kan Aliev in hemelsnaam hebben gedacht?) 26.34x23 18x29 27.47-42 25x34 28.35-30! (natuurlijk) 28...24x44 29.33x4 44-50 30.27-21(!)

Zwart geeft het op.

Meer over