NIEUWS

Eindelijk eens net wél voor Femke Heemskerk: EK-goud op 100 meter vrije slag

Eindelijk. Lang verwacht, nu pas gekregen. Om niet te zeggen: afgedwongen. Die gedachten drongen zich zaterdagavond op toen Femke Heemskerk op 33-jarige leeftijd Europees kampioen werd op de 100 meter vrije slag.

Femke Heemskerk is dolblij met haar winst op de 100 meter vrije slag. Beeld AFP
Femke Heemskerk is dolblij met haar winst op de 100 meter vrije slag.Beeld AFP

Nooit eerder won de Nederlandse zwemster op de langebaan een grote medaille. Altijd was het net niet. De wereldtitel kortebaan van 2014, ook op de 100 vrij, in Qatar voor de azen Sjöström en Kromowidjojo, was haar persoonlijke hoogtepunt. En nu pakte ze goud op het belangrijkste zwemnummer dat er bestaat.

Lang was Heemskerk, een technisch superbe zwemmer, de specialist op de 200 meter, maar altijd lag iemand in de weg, meestal de Italiaanse Federica Pellegrini die op de laatste meters iets extra’s kon. In 2016 in Londen leek de 200 vrij haar prooi, tot ‘Fede’ met de gouden aantik haar nog versloeg. Het zou ieder mens de moed hebben ontnomen.

Drie jaar geleden zwom Heemskerk de 100-meterfinale in Glasgow tegen de onverslaanbaar geachte Zweedse Sarah Sjöström. Het werd inderdaad ook zilver op de klassieke sprintafstand, maar blijdschap viel bijkans uit het Schotse zwembad te scheppen. Zo erg was het blijkbaar niet om tweede te worden.

Deze week in Boedapest, in het zeventiende jaar uit haar zwemcarrière, opende zich de weg naar de lang gehoopte overwinning. Sjöström zat met een gebroken elleboog thuis. Landgenote Ranomi Kromowidjojo kwam op de 100 dezer dagen zichtbaar wat tekort.

Heemskerk, op zijn fijnst door het water glijdend als een Venetiaanse gondel, zwom in estafettes de beste splittijden uit al haar dienstbare jaren: 51,99, 51,87 en zaterdag nog even een 51,73. Het bijzondere was dat de routinier, die als ‘gever’ altijd zoveel meer kan in aflossingsraces, nu gaande de EK geen niveauverlies had. ‘Ze groeide in het toernooi’, prees coach Marcel Wouda zijn pupil.

Zo bleek Heemskerk die dag, dag 6 van het toernooi achter gesloten deuren, klaar voor de apotheose van de 100 meter vrije slag, het hoofdnummer van de EK. Ze startte in baan 5, naast de tijdsnelste uit de halve finale, de Française Marie Wattel (in 4). In 3 lag Kromowdidjojo. In baan 7 was de Britse Anna Hopkin de snelste na 50 meter, Heemskerk volgde op 0,11 seconden.

In de race terug naar de muur behield de favoriet haar techniek, ze had nog ‘benzine in de tank’ en tikte aan na 53,05 seconden. ‘Ik had een 52 hoog verwacht, maar ja dit is een finale. We gaan niet klagen na een gouden medaille’, analyseerde ze nog eventjes snel.

Haar pure gevoel: ‘Dit is mijn mooiste overwinning. Door dat te zeggen zou ik die andere zeges tekort doen, maar hier heb ik zo voor gewerkt.’

De vreugdetranen waren toen al in ruime mate geplengd, zodra iemand iets vroeg over de moeilijke tijden van voorheen, de mindere jaren (2012 en 2016) in handen van barse Franse trainers dan wel een eigenwijze Brit, James Gibson. Moeder Conny zwaaide via een streamverbinding naar haar winnende dochter. Nog een zetje om de tranen te laten komen.

Nooit eerder won Heemskerk op de langebaan een grote medaille. Beeld AFP
Nooit eerder won Heemskerk op de langebaan een grote medaille.Beeld AFP

Nadat de kleine gele handdoek het juiste werk had gedaan, was er haar analyse van de voorbije jaren. ‘Toen ik in 2016, na de Spelen van Rio, aan de grond zat, wist ik waarom ik wilde doorgaan. Dat was omdat ik nog niet uitgeleerd was.’

Ze keerde terug bij coach Wouda die haar in 2015, na een marsorder van technisch directeur Joop Alberda, had verlaten om zich te richten op openwaterkampioen Ferry Weertman. Wouda sprong in de nieuwe olympische cyclus omzichtig om met Heemskerk. Duizend meter zwemmen, een pupillenafstand, vormde de eerste opdracht. De verfijnde techniek keerde terug.

De voorbije twee jaren waren toch weer niet gemakkelijk. Zoals niets in het zwemleven van Femke Heemskerk haar in de schoot valt. Er was een lastige schouderblessure die twee jaar op rij opspeelde. Eén arm deed minder mee. Er was de coronapauze, de vlucht naar Noord-Amerika waar ze, om in de VS te kunnen verblijven, met haar vriend Guido in het huwelijk trad. Er was de kwestie over het olympische ticket op de 50 vrij, toegekend aan Valerie van Roon, die zij na een juridische strijd in het zwembad in haar voordeel besliste. Donkere dagen soms, ‘maar ik heb het allemaal weten te draaien’.

Er waren tal van strategische keuzes. ‘We hebben de 200 meter vrije slag laten vallen. Dat was best lastig, want het is toch een kwestie van kill your darlings. Maar die 200 kost zoveel energie. Ik heb meer plezier in het leren van de sprint. Mijn start is verbeterd door meer te trainen op explosiviteit en de onderwaterfase. Ik heb mijn persoonlijk record op het startblok verbeterd naar 0,68 seconden. Zelfs in de krachttraining verbeter ik me nog steeds.’

Zo is Heemskerk nu, voor dit moment dat moet benadrukt, de nummer één zwemster van Nederland (en Europa) op de 100 meter: een ongekende status. ‘En het kan nog iets harder’, meenden trainer en zwemster.

Over leeftijd ging het niet meer. Die twijfels waren zestig dagen voor de Olympische Spelen achter het behang geplakt. ‘Leeftijd is maar een getal’, had de zwemster al zo vaak gezegd. Zaterdag bewees zij het in de mooiste race uit haar leven.

Meer over