Eens per jaar koesteren de ruiters gras

Het is traditie dat het NK springen in Mierlo zich afspeelt op gras. Voor de ruiters die hun wedstrijden op zand afwerken, blijft dat wennen. Kampioen Leopold van Asten nam in de aanloop het zekere voor het onzekere.

Lisette van der Geest
Leopold van Asten in actie op VDL Groep Kaid tijdens de eerste manche van het NK springen voor senioren op het Concours Hippique in Mierlo in 2009. Beeld anp
Leopold van Asten in actie op VDL Groep Kaid tijdens de eerste manche van het NK springen voor senioren op het Concours Hippique in Mierlo in 2009.Beeld anp

In Brabant ligt een perceel grond dat slechts vier dagen per jaar intensief wordt gebruikt. Het is groen, maar koeien of schapen mogen er niet komen. De enige dieren die permissie krijgen, zijn paarden; paarden die het gewend zijn te trainen op zand. Maar tijdens het NK springen, de eerste belangrijke krachtmeting van het jaar, rijden ze al veertien jaar op gras.

Het groene veld in Mierlo is bijna een stukje antiek te noemen in de huidige moderne tijd van het paardrijden. Antiek dat wordt gekoesterd, ingezaaid en met regelmaat tweewekelijks gemaaid. In de paardenwereld wordt het enthousiast begroet. Nieuwbakken Nederlands kampioen Leopold van Asten zondagavond na zijn winst: 'Ik prefereer gras. Het doet anders aan, mooier, natuurlijker. En hier in Mierlo ligt een topbodem.' Al maakt het voor de prestaties van zijn paard Zidane niks uit.

Kosten

De jaarlijkse kosten voor een topbodem als deze? Tussen de tienduizend en vijftienduizend euro, zegt Gerbert Boeijen, bestuurslid van het concours. Maar dat is exclusief grondhuur. Wat we daarvoor betalen weet ik niet precies', zegt Boeijen. Als de organisatie van het evenement had gekozen voor een moderne zanderige ondergrond, de zogenaamde all-weatherbodem, dan was het waarschijnlijk goedkoper. De aanleg zal duurder zijn, vermoedt Boeijen, maar het scheelt jaarlijks flink in de onderhoudskosten.

Het gaat de organisatie van de wedstrijd in Mierlo niet om de kosten. Sponsoring maakt veel mogelijk. 'En', zegt Boeijen: 'er zijn niet meer zoveel concoursen op gras. Dat wij het wel doen, is een uitdaging.' De WK en de Olympische Spelen, de belangrijkste internationale evenementen voor ruiter en paard, vinden tegenwoordig altijd plaats op een zandbodem. Het is veiliger. Stel, de regen valt met bakken naar beneden, dan blijven de omstandigheden gelijk.

Gladder

Een zandbodem is een combinatie van zandkorrels, tapijtsnippers en vezel. Zand wordt stroever door water. En laat water aan de onderkant weglopen. Tenzij een zandbak in een bak in een bestaand voetbalstadion wordt aangelegd, zoals een jaar geleden bij de WK in het Franse Caen. Het regende hard en het water kon niet weg, het leverde veel klachten op van ruiters. 'Gelukkig voor ons was dit tijdens de dressuurwedstrijden en hadden wij nergens last van', zegt bondscoach Rob Ehrens.

Springen door een zandbak is anders dan op gras. Gras is gladder. Voor een wedstrijd op gras worden zogenaamde proppen onder het hoefijzer gedraaid om het paard meer grip te geven. Al zegt Van Asten geen verschil in prestaties te merken bij alle paarden die hij rijdt of heeft gereden, Ehrens ziet dit anders. 'Voor paarden geldt: hoe dichter het bij een natuurlijke ondergrond komt, des te makkelijker het is. En dat is dus gras.'

Verrassingen

Ook zijn voorkeur ligt bij een groene ondergrond. 'Het is fris. Ligt dichter bij de natuur', zegt Ehrens. Daarom is hij blij dat veel wedstrijden in de eerste divisie nog worden gereden op gras. Van Asten traint altijd op zand. Al zocht hij in voorbereiding op het NK een keer een baan van gras op. 'Zodat je niet voor verrassingen komt te staan'.

Paarden springen anders op gras, denkt hij. Maar dat is een gevoelskwestie. Dat gaat met name voor het springen over de sloot. 'Ik denk dat het een optisch punt is. Ze doen het net even beter op dat onderdeel', zegt Van Asten.

Vraag de Nederlands kampioen niet hoe vaak hij gemiddeld per jaar op gras uitkomt. 'Dat is allemaal afhankelijk van hoe vaak ik geselecteerd wordt en voor welke concoursen ik een uitnodiging krijg', zegt hij.

Combinatie

Bij de EK in Aken wordt in augustus gesprongen op een combinatie van de twee ondergronden. Mét proppen onder de ijzers. Ehrens: 'Daarmee kun je ook het zand op.' In die Duitse plaats ligt volgens de bondscoach de beste springgrond ter wereld, een all-weatherbaan van gras: eerst werd het zand daar neergelegd, vervolgens werd dat ingezaaid. 'Het wordt niet nat, is niet te zacht, niet te schuiverig en niet te hard', zegt Ehrens.

Opvallend genoeg wordt de springwedstrijd daar niet op gereden, waarom weet Ehrens niet. Ze doen er slechts hun warming-up. En waarom er niet meer van dergelijke banen te vinden zijn op de wereld weet hij evenmin. 'Zal wel te duur zijn, of nog te experimenteel.' In Brabant ligt het veld er na vier dagen concours wat vertrapt bij. Het buitenseizoen is geopend. Nog 361 dagen om te herstellen.

Meer over