Een talent dat op springen staat

In de aanloop naar de WK atletiek in Berlijn deed Susan Kuijken Amsterdam aan. Even de snelheid bijslijpen tijdens de NK....

AMSTERDAM Nog vier maanden en dan gaat Susan Kuijken verder als atletiekprof door het leven. In Nederland is de 23-jarige Nijmeegse middenafstandloopster, die zondag aan het NK atletiek deelnam om haar snelheid te testen, nog relatief onbekend. In de Verenigde Staten, waar ze woont en studeert, is haar talent allang ontdekt.

Sinds ze vorig jaar universiteitskampioen werd zitten sportschoenfabrikanten achter haar aan om haar te bewegen een profcontract te tekenen. ‘Als je zoiets wint ben je eigenlijk binnen.’

Hoe verleidelijk ook, de aanbiedingen heeft ze afgewimpeld. Anders zou ze haar amateurstatus verliezen, de studie sociologie aan de Florida State University in Tallahassee moeten beëindigen en niet meer voor het universiteitsteam mogen uitkomen. Daarom wacht ze tot 1 december. ‘Dan ben ik afgestudeerd en teken ik. Vanaf dat moment kan ik professioneel met atletiek bezig zijn.’

In 2006 vertrok Kuijken naar Amerika. In Nijmegen studeerde ze destijds bewegingswetenschappen. Dat was goed te combineren met haar vele trainingen, maar niet met de rust die ze er omheen nodig had.

Ze ging het anders doen. ‘Ik had aanbiedingen gekregen van Amerikaanse universiteiten en besloot naar Tallahassee te gaan. Als ik het na een half jaar niet meer zag zitten, zou ik naar huis terugkeren. Dan had ik het in ieder geval geprobeerd. Nu zit ik al drieënhalf jaar in Amerika.’

De omstandigheden waaronder Kuijken in Florida atletiek en studie combineert zijn ideaal voor haar. ‘De studie wordt aangepast aan de sport. Op die manier kun je meer aan sport doen, ook vanwege de faciliteiten die er zijn. Je zit in een bepaalde routine. Iedereen van het universiteitsteam doet hetzelfde. Daardoor motiveer je elkaar heel erg om het beste uit je sport te halen.’

Ze traint negen keer per week, twee dagen twee keer per dag, de overige dagen een keer. Ook als ze niet traint is ze met sport bezig. Dan neemt ze de tijd om te herstellen van de inspanningen. Ze eet wat, nuttigt een vitamine-drankje, neemt een ijsbad en doet een middagdutje. ‘Als je veel rust, kun je harder trainen. En als je harder traint, kun je harder lopen hè? Zo simpel is het’, lacht ze.

Bang voor overbelasting door de intensieve trainingsarbeid en de vele universiteitswedstrijden is Kuijken niet. ‘Ik heb geluk dat ze het vanuit de universiteit belangrijk vinden dat sporters ook buiten het universiteitsseizoen goed moeten kunnen presteren.’

Vorig jaar bij de Spelen in Peking kwamen negen Amerikaanse, Engelse, Jamaicaanse en Zimbabwaanse atleten aan de start die aan haar universiteit studeerden of hadden gestudeerd. ‘Ik heb vanaf het begin van dit jaar voor het WK kunnen trainen. Want het zat in mijn achterhoofd, daar moet ik pieken.’

Haar progressie is onmiskenbaar. Toen ze naar de VS vertrok liep ze de 1500 meter, haar favoriete afstand, in 4.19. In het begin van dit seizoen was het 4.11.34 en eind juni voldeed ze in Uden met 4.05.86 aan de limiet voor het WK in Berlijn over twee weken. ‘De tijden die ik daar moet lopen om de volgende ronde te halen, kan ik lopen. Maar als het een tactische race wordt met een snelle laatste ronde is het lastig die tijd te realiseren. Ik zal teleurgesteld zijn als ik de volgende ronde niet haal en dolblij als ik me voor de finale kan plaatsen.’

Zondag bij de nationale titelstrijd in het Olympisch Stadion in Amsterdam liet Kuijken de 1500 meter schieten en loopt ze als een soort snelheidsproef de 800 meter. Een groot deel van de race lag ze op kop, maar op het laatst is ze niet bestand tegen de eindsprint van Machteld Mulder en finisht als tweede. Ze baalt omdat ze niet heeft gewonnen, maar is tevreden omdat ze lange tijd tempo heeft kunnen maken.

Het leven als prof spreekt haar wel aan. Maar ze waakt ervoor alleen met atletiek bezig te zijn. ‘Dan word ik simpel. Ik moet ook iets anders om handen hebben. Ik denk aan een parttime baan of een studie. Ik zie het aan mensen om me heen die fulltime met atletiek bezig zijn, zij leggen zichzelf veel te veel druk op.’

Haar grote doel is de Olympische Spelen van 2012. ‘Maar als het heel goed gaat bij het WK, misschien ook bij het EK volgend jaar en een jaar later bij het WK, zeg ik misschien wel dat ik in Londen een medaille wil halen. Dat is nu nog moeilijk te zeggen. De tijd zal het leren wat ik daar precies wil doen. Maar in ieder geval moet ik er staan.’

Meer over