Columnpeter winnen

Een punt zetten achter de wielercarrière in de verwachting straks minder pijn te hebben

null Beeld

Vroeger werd de Ronde van Lombardije ‘de wedstrijd van de vallende bladeren’ genoemd. Niet alleen vielen er tijdens de koers daadwerkelijk bladeren van de bomen, ook de renners woeien als bruine entiteiten op windvlagen van links naar rechts. Het eerste kwam omdat de koers een week of twee, drie later verreden werd, het tweede omdat elke coureur er al zo’n 120 tot 150 koersdagen op had zitten en het stengeltje van het blad spontaan losliet van de twijg. Men was moe, om niet te zeggen uitgefotosynthetiseerd.

De renner van vandaag is ook moe in Lombardije, al heeft hij maar 50, 60 koersdagen in de benen. Zijn stengeltje heeft het wel gehad. Hoog tijd om even op de bodem te gaan liggen. Maar niet voor lang.

De renner van vandaag hoeft niet meer na te denken. Elke ploeg heeft een heel team van deskundigen dat nadenkt voor hem. Ik schrik er soms van hoe snel de renner van vandaag wordt opgetrommeld om de voorbereiding op de voorbereiding van het nieuwe seizoen te starten. Na twee weken bier drinken op een tropisch eiland is het uit met de pret. Ik schrik er ook van hoe de renner van vandaag onder de röntgen van de datahonger wordt gelegd. Alsof alleen fysieke data geld waard zijn.

Ik begrijp dat in heel rijke wielerploegen pogingen ondernomen worden om ook de psyche van renners in data te vatten. Het zou van pas kunnen komen om de homogeniteit van ‘het team’ te versterken.

Ik ken die praatjes. Managementgoeroes hebben er al decennialang hun mond van vol. In het bedrijfsleven is alles simpel: homogeniteit is de sleutel naar succes. Een beetje manager spant het meest recalcitrante individu nog voor zijn karretje. Een beetje manager is in het diepst van zijn ziel een uitgeloogde communist.

Bladeren vallen nog niet bij mij in de Peel, maar ik lees over een massale uittocht. De Vlaamse krant Het Laatste Nieuws voert een lijstje aanstaande oorlogsveteranen op die samen goed zijn voor meer dan 300 overwinningen. De toon van het artikel is opgewekt: zo gaat het nu eenmaal, de ene komt, de andere gaat.

In het rijtje kom ik twee Ieren tegen die onlangs door de NOS nader werden belicht: Dan Martin en Nicolas Roche, neven van elkaar. Beiden zetten met pijn in het hart een punt achter de wielercarrière; beiden verwachten in de toekomst minder pijn te hebben.

Wat me vooral trof.

Nicolas Roche is de zoon van (mijn generatiegenoot) Stephen Roche die in 1987 zowel de Giro als de Tour won, en zich in dat jaar ook nog eens in de regenboogtrui liet hijsen. De ruzie met vader Stephen liep hoog op toen hij een profcontract prefereerde boven een universitaire studie.

Dat Stephan Roche zijn nageslacht probeerde te behoeden voor de voortreffelijke waanzin van de topsport was me onbekend, en ook verrassend.

Meer over