Olympische Spelen

Een mispeer en roeisters Keijser en Paulis zakken van blinkend goud naar dof brons

Vier slagen scheidden Marieke Keijser en Ilse Paulis van olympisch goud in de lichte dubbeltwee. Het was vier halen te ver. Keijser maakte een misslag en het blinkend goud veranderde in dof brons.

Even geen contact. Marieke Keijser (rechts) en Ilse Paulis verwerken na afloop de misslag. Geen goud, wel brons.  Beeld ANP
Even geen contact. Marieke Keijser (rechts) en Ilse Paulis verwerken na afloop de misslag. Geen goud, wel brons.Beeld ANP

Maaike Head, met wie Paulis in 2016 in Rio goud in dezelfde klasse veroverde, zat in Nederland vol ontzetting te kijken. Ze zou commentaar geven bij de NOS, maar dat liep technisch niet goed. Zij hoorde het commentaar eerder dan ze de beelden zag. Toen ze commentator Ragnar Niemeijer hoorde zeggen dat het brons was, kon ze het niet geloven. Zij zag haar oude teamgenoot vlak voor de finish de boot nog op kop varen.

En toen zag ze het, een paar seconden later, misgaan. Het opspattende water bij de riem van Keijser, de snelle terugval in het sprintende veld. En op de klok 6.47,54 voor Italië, 6.47,68 voor Frankrijk en 6.48,03 voor de Nederlandse boot.

‘Dit was altijd mijn schrikbeeld’, zegt Head, die na haar afscheid van de sport in 2017 als arts werkt. Voorop liggen en dan met de riem in het water blijven hangen. In de laatste meters van haar races herhaalde zij daarom altijd het mantra ‘netjes roeien’. Zo dwong ze zichzelf erop te letten dat ze bij het terughalen haar riem diep door de boot liet gaan. Zo bleef het blad ver boven het water. ‘Want als je je riem verliest ben je de snelheid kwijt.’

Keijsers technische sterk

Een keer verloor Head het NK omdat ze in de laatste meters een van de ballen die de wedstrijdbaan afbakenen raakte. Ze werd tweede. Dat kwam toen door vermoeidheid. Maar Keijser staat juist bekend als een sterke en technisch begaafde roeister, niet iemand die zoiets snel overkomt. ‘Maar het was haar eerste olympische finale en ze hadden een hele zware tijd gehad.’

Hun coaches Josy Verdonkschot en Isabelle Jacobs moesten na een coronabesmetting in isolatie en konden hun pupillen alleen telefonisch bijstaan. En daarbij vreesden de roeisters elke dag ook de uitslag van hun eigen covidtest. Als die positief was, was hun olympische droom sowieso vervlogen. ‘Misschien kwam al die spanning samen in die fout.’

Het is niet eenvoudig om te duiden wat er precies mis ging. Zeker niet van een afstand. De Nederlandse boot voer in de verste baan en de misslag met de linkerriem werd door de boot deels aan het zicht onttrokken. En zelfs voor de roeiers zelf is het lastig. ‘Het gebeurt zo snel dat je een mishaal vaak helemaal niet kunt reconstrueren.’

Niet achteromkijken

Keijser keek tijdens de wedstrijd veel opzij. Omdat ze in de verste baan lagen hadden ze alle tegenstanders aan hun rechterhand. Was ze daardoor uit balans geraakt? ‘Ze lagen de hele race voorop. Dan moet dat geen probleem zijn, pas als je achterom gaat kijken kan de boot uit balans raken, maar Marieke zat niet omgedraaid.’

Paulis, achterin de boot, bepaalt het ritme. ‘Zij mag absoluut niet omkijken.’ Maar voor Keijser als boegroeister is dat kijken juist een belangrijke taak. Zij bepaalt de koers en geeft commando’s aan de hand van de situatie in de wedstrijd. Wie niet om zich heen kijkt kan die niet inschatten en in de lichte dubbeltwee is het misschien nog wel meer dan in andere boten van belang.

Het niveauverschil in de lichte dubbeltwee is klein omdat het de enige olympische roeiklasse is met een gewichtsgrens. Elk van beide roeisters mag niet zwaarder zijn dan 59 kilogram en het gemiddelde van de twee mag niet boven de 57 kilogram uitkomen. De meeste deelnemers zitten tegen die grens aan. ‘Iedereen is ongeveer even groot en dat maakt het super competitief.’

Misslagen horen erbij

Mishalen horen bij het roeien en zijn lang niet altijd zo desastreus. In de mannen dubbelvier sloeg Dirk Uittenbogaard woensdag ook een ‘snoek’ in de finale, maar dat was in het eerste kwart van de twee kilometer lange baan. Hij en zijn drie ploeggenoten hadden tijd genoeg om die fout recht te zetten. De lichte dubbeltwee, die door het lage gewicht ook minder goed door drijft, had die tijd niet. Dat ze Groot-Brittannië (6.48,04) met een honderdste nog voor bleven, mocht een klein wonder heten.

De dramatische ommekeer van goud naar brons in de slotmeters greep Head aan. Ze heeft nog altijd veel contact met Paulis en leefde intens mee. ‘We kennen elkaar door en door. We zijn heel andere personen maar toch echte maatjes. Dat blijft. Het is toch een beetje of mijn zusje daar roeit.’

Na afloop bespraken ze de ontknoping over de telefoon. ‘Ilse zei dat het een van de beste races was die ze ooit heeft geroeid. En ik dacht ook dat ze zouden winnen. Het ging precies zoals het hoort. Wat mij betreft zijn ze de beste boot, maar ja ze hebben niet gewonnen.’

Meer over