Sport in de VS

Een kicker als Justin Tucker telt echt mee in American football

Vanuit New York belicht Koen van der Velden wekelijks ontwikkelingen in de Amerikaanse sport. Vandaag: het ondankbare bestaan van de kicker in American football.

Justin Tucker, volgens velen de beste kicker aller tijden, heeft aangelegd voor een trap met precisie. Beeld AFP
Justin Tucker, volgens velen de beste kicker aller tijden, heeft aangelegd voor een trap met precisie.Beeld AFP

Trappen en wegwezen. Het is het leven van een kicker in American footballcompetitie NFL. Alleen als de ovalen bal tussen de palen moet worden geschoten en bij de aftrap komen ze in het veld, koud en na slechts een paar oefentrappen aan de zijlijn. Het is een ondankbaar bestaan. Voltreffers worden beschouwd als routineklusjes, missers oogsten hoongelach.

Zelden staan de kickers in de schijnwerpers. In de Hall of Fame, de eregalerij van de sport, is er momenteel maar plaats voor twee trapspecialisten. Een volgende gegadigde is ongetwijfeld Justin Tucker van Baltimore Ravens, volgens velen de beste kicker aller tijden.

Heldenrol Tucker

In de derde speelronde van het lopende seizoen vestigde Tucker een record door vanaf 66 yards, iets meer dan zestig meter, raak te schieten. De bal stuitte via de dwarsligger van het U-vormige doel tussen de twee palen door. Het schot, goed voor drie punten, was de beslissende score tegen Detroit Lions (19-17), in de laatste seconde van de wedstrijd. Tucker was de held.

Hij en zijn collega-kickers mogen opdraven als de aanval is gestrand, of de tijd verstreken, en de bal op een plek ligt waarop het doel binnen schotbereik is. Ook mag de kicker die na een touchdown (zes punten) een bonuspunt binnentrappen.

Helemaal horen ze er niet bij, de kickers, zonderlingen die apart trainen, de broekspijpen schoon houden, maar niettemin een cruciale rol vertolken. In de loop der jaren werden ze beter. Tucker trapt 90,6 procent van zijn ‘field goals’ raak, het gemiddelde in de NFL is 85 procent. In de jaren zeventig stemde 60 procent tot tevredenheid, in een tijd waarin een ouderwets puntertje werd gehanteerd.

Zonder tenen

Zo deed Tom Dempsey het in 1970, toen hij als eerste de grens van zestig yards slechtte. Dempsey kreeg het voor elkaar zonder tenen aan zijn rechtervoet, die waarmee hij schoot. Door een aangepaste schoen leek het of hij de bal met een soort hoef lanceerde.

Later deed de voetbalachtige wreeftrap zijn intrede, waardoor de accuratesse toenam. Moderne kickers in de NFL trainen hun trap met programma’s waarmee golfers hun swing perfectioneren, met behulp van data, en tot op de millimeter nauwkeurig. Elke trap moet een kopie zijn van de voorgaande.

Kickers zijn niet de enige specialisten die maar een paar keer per wedstrijd hun opwachting maken. De zogeheten punter komt alleen in actie als de aanval is stukgelopen, een field goal buiten bereik is en de bal, bij wijze van witte vlag, naar de tegenstander moet. De trap moet zover mogelijk in het achterveld van de opponent belanden, zodat de weg naar de endzone, waar de touchdowns zijn te verdienen, lang is.

Punters krijgen de bal achter de aanvalslinie in hun handen gegooid. Bij de uithaal laten de specialisten het ovaal na een rechte aanloop op hun voet vallen.

Omgeschoold

De afgelopen jaren wordt de positie bij sommige clubs bespeeld door Australiërs, die hun traptechniek importeerden uit het Australian rules football. De Aussies zijn gewend de bal pas vlak voor de grond te raken, zodat de bal in een streep, in plaats van een boog, naar voren vliegt. Ze werden omgeschoold bij een speciaal opleidingscentrum, Prokick Australia, om de Verenigde Staten te veroveren.

Ook voetballers probeerden het in het American football, meestal als kicker. Silvio Diliberto, voormalig prof bij Sparta, Roda JC, Haarlem en Eindhoven, maakte eind jaren negentig deel uit van Amsterdam Admirals. De schoonzoon van Johan Cruijff, Jésus Angoy, verdedigde negen keer het doel van FC Barcelona en werd toen kicker bij Barcelona Dragons. Christian Fuchs, speler van de kampioensploeg van Leicester City, had NFL-ambities, maar redde het niet.

De disciplines blijken te verschillend. Een field goal is geen doeltrap. Ook geen penalty, al is de druk vergelijkbaar. Behalve joelend publiek hebben kickers te maken met bloeddorstige verdedigers die op hen afstormen om het schot te blokkeren.

Het afbreukrisico is bovendien groot. De man met de kleinste foutmarge is dankbaar materiaal voor grappen en boegeroep. Toen Jay Feely, kicker van New York Giants, in 2005 drie potentiële ‘gamewinners’ verprutste, wijdde het bekende satirische tv-programma Saturday Night Live een sketch aan de zondebok.

De Justin Tuckers van de NFL, de helden onder de kickers, zijn dus zeldzaam. ‘Ik denk dat het moeilijk zal worden om dit te verbeteren,’ sprak Tucker over zijn recordtrap van 66 yards. Dat is onder meer te danken aan de strategie van coaches. De beste kickers trappen op trainingen makkelijk 70 yards of meer, maar verre pogingen vormen een groot risico. Bij een misser mag de tegenstander op de plek des onheils beginnen.

Meer over