Een herinnering aan vervlogen wielerdagen

En zo kon het gebeuren dat het hoofd acquisitie regio Amsterdam van wegenbouwer KWS op Eerste Pinksterdag met een grote beker over het parkeerterrein van de RAI rondliep....

Van onze verslaggever

Bart Jungmann

AMSTERDAM

Het begon met een telefoontje vorige week. De directeur had geen tijd om naar de Zevende Amsterdam RAI Dernyrace te gaan, maar als geldschieter mocht de zaak eigenlijk niet ontbreken. Voelde de acquisiteur er niets voor? Welja, waarom niet. Hij erop af, in z'n gewone goed.

Bleek de zaak een wielrenner te sponsoren, voor wie hij het podium moest bestijgen om gezamenlijk een handtekening te zetten. Bleken er eindeloos veel rondjes te moeten worden gereden om aan 128 kilometer te komen. Bleek hij na al die rondjes weer het podium op te moeten omdat zijn renner gewonnen had.

En zo kon het gebeuren dat het hoofd acquisitie regio Amsterdam van KWS rondliep met een beker waarop staat eerste prijs adoptie-categorie. Hij is één middag Foster Parent geweest en de barmhartigheid is beloond. Dankzij Léon van Bon verscheen hij vanmorgen niet met lege handen op de zaak.

Het Dernycriterium is een herinnering aan vervlogen wielerdagen, waarin wielrenners in de zuigkracht van brommers lange afstanden aankonden. Bordeaux-Parijs, een koers van zeker vijfhonderd kilometer, zou nu 105 jaar hebben bestaan en daarmee de oudste klassieker zijn geweest. Maar aan het eind van de jaren tachtig stelde de organisatie vast dat het fietsen achter opgevoerde Solexen niet meer van die tijd was. Even droevig verging het het Criterium der Azen dat rond dezelfde periode het loodje legde en dat met een erelijst waarop namen als Bobet, Van Steenbergen, Merckx en Hinault.

Dat was voor Harry Mater, een bekende naam in het stayerswereldje, het signaal om een verloren geachte discipline nieuw leven in te blazen. In 1991 deed hij dat met amateurs, een jaar later werden er professionele wielrenners gegangmaakt en stuurde de Duitser Manfred Schmadke zijn landgenoot Olaf Ludwig naar de overwinning.

Het criterium heeft sindsdien een erelijst opgebouwd, waarop de grote klassiekers jaloers zullen zijn. Ook dit keer stonden er wielrenners aan de start, die een belangrijke koers deden vermoeden. Maar de dernyrace is door de internationale wielrenunie slechts ingeschaald in de derde categorie en staat daarmee in de schaduw van Veenendaal-Veenendaal en de Ronde van Midden-Zeeland.

Maar het geld is goed in Amsterdam. Er valt zo'n 25 duizend gulden te verdienen in het rondje door Amsterdam-Zuid. Voor een werkdag van tweeëneenhalf uur is dat mooi verdiend. Omdat de race achter de derny's een individueel karakter heeft en er van ploegenspel dus ook geen sprake kan zijn, hoeft er niet gedeeld te worden. Daar willen Bartoli, Museeuw, Moncassin, Zabel en Van Petegem dus best even voor over komen.

Ze komen er gráág voor over, zegt organisator Mater. Neem Michele Bartoli, de leider in het UCI-puntenklassement, winnaar van Luik-Bastenaken-Luik en de Henninger Turm in Keulen. 'Zo'n nette man. Echt een campionissimo.' Hij had hem al benaderd in Maastricht voor de Amstel Gold Race. Bartoli wilde maar al te graag komen.

Het RAI Dernycriterium wordt volgens Mater in heel het peloton gevreesd als een slijtageslag waarin reputaties sneuvelen. Wielrenners die de ervaring van de baan missen, kunnen zichelf lelijk tegenkomen op de Apollolaan. 'Toen Bafi hoorde dat Rominger naar Amsterdam zou komen, heeft hij hem twee weken lang lopen zieken.'

Rominger laat ditmaal verstek gaan, maar er staan wel vijf hoofdrolspelers van dit voorseizoen aan de start. 'Ik heb gekozen voor allemaal vechters', zegt Mater. Hij zag Henk Vogels zich de longen uit het lijf rijden op de kasseienstroken tussen Parijs en Roubaix. Hij dacht: die moet ik hebben. Hij heeft 'm. De RAI Dernyrace heeft een prachtbezetting, vindt Harry Mater.

'Over dit RAI-spektakel zal nog jaren gesproken worden', zegt de ene speaker. 'Amsterdam, laat je horen', roept de andere speaker als het gebrom van de derny's aanzwelt. Maar je moet goed luisteren om Amsterdam te kunnen horen. Niet veel inwoners hebben de moeite genomen om de grote wielernamen van het voorseizoen te zien passeren en als het gaat regenen, zoekt een groot deel van hen een dak boven het hoofd.

Het houdt ook niet meer op met regenen en de dernyrace wordt een gevaarlijke expeditie. Het parkoers is zo kort dat het een paar scherpe bochten heeft, de snelheid ligt hoog en sommige renners overschatten hun stuurvaardigheid in hun ijver de derny bij te houden.

Brian Holm en Peter Pieters gaan hard onderuit, moeten allebei naar het ziekenhuis, maar mogen dezelfde dag nog naar huis. Pieters' gangmaker is ook tegen het asfalt gekwakt en is er een stuk slechter aan toe. Dieter Durst, een Duitser, heeft drie scheurtjes in zijn schedel.

Ook winnaar Léon van Bon is een paar keer met zijn achterwiel weggeschoven, maar kon steeds net overeind blijven. Nummer drie Danny Nelissen is wel weggegleden op een putdeksel. Papa moet naar het ziekenhoes, zegt hij in het Limburgs tegen zijn dochtertje. Hij laat een wondje op zijn scheenbeen zien. Achietsemedie, zegt een verslaggever van Radio Centraal en besluit tot een telefonisch interview met de gewonde renner. Radio Centraal heeft het rijk bijna alleen. De media blijken het criterium, althans de zevende aflevering ervan, niet al te hoog aan te slaan.

De NOS vond het criterium vorig jaar nog belangrijk genoeg voor een live-verslag, maar laat nu geheel verstek gaan 'omdat de bomen op de Apollolaan een goede verbinding in de weg staan', zo heeft Mater te horen gekregen. RTL is er wel, maar acht het criterium slechts een samenvattinkje waard.

Van de landelijke dagbladen zijn alleen De Telegraaf en de Volkskrant aanwezig. De eerste is mede-organisator, de laatste suggereert met veel omhaal van woorden een opzetje.

Niks van waar, zegt Léon van Bon. De winnaar van de dernyrace kon zestig UCI-punten verdienen en daarom is heus wel gestreden zondagmiddag. Een dernyrace, zegt Léon van Bon, is zwaarder dan de Volkskrant denkt. 'Het is tweeëneenhalf uur volle bak.' Heel iets anders dan een training van tweeëneenhalf uur. Dan red je het wel met een halfvolle maag. Maar wie in Amsterdam te weinig eet, ziet zwarte sneeuw. 'Kijk maar naar Michael Boogerd', zegt Danny Nelissen.

De ploeggenoot van Van Bon en Nelissen rijdt lange tijd met de besten mee. Maar in het laatste gedeelte, moet hij ruim tweeëneenhalve minuut prijsgeven.

Met Maters laatste boodschap dat het weer 'een geweldig geslaagd evenement' is geweest, lijkt er een einde te zijn gekomen aan de persconferentie - een voorstelling voor twee journalisten, twee wielrenners en één koersdirecteur.

Nee, de acquisiteur, ook nog aanwezig, zou graag een vraag stellen. En als het een domme vraag is, moeten we het gewoon zeggen.

Meer over