Formule 1

Een half uur voluit racen: Formule 1 pioniert op Silverstone met sprintrace in de hoop op meer spektakel

De Formule 1 experimenteert zaterdag op het circuit van Silverstone met een sprintrace. Met dit extraatje hoopt de raceklasse het publiek meer te kunnen bieden. En dat is nodig nu de tv-kijker steeds vaker voorbij een Grote Prijs zapt.

Max Verstappen tijdens de vrije training op het circuit van Silvestone. Beeld Getty Images
Max Verstappen tijdens de vrije training op het circuit van Silvestone.Beeld Getty Images

Minder betekenisloze rondjes en meer actie. Met dat voornemen pioniert de Formule 1 dit weekeinde op het Engelse Silverstone. Voor het eerst in de historie van de klasse worden er twee races in één weekeinde verreden: de reguliere wedstrijd op zondag én een zogenoemde sprintrace van een half uur op zaterdag. Maar is een kortere race ook een leukere wedstrijd?

Hoe het ook verloopt, Michael Bleekemolen vindt het sprintrace-experiment ‘prachtig’. De 71-jarige Bleekemolen is al meer dan een halve eeuw coureur en reed meer dan duizend races in elke denkbare opzet en klasse. Zo ook in de Formule 1, eind jaren 70, waarin hij zich wist te kwalificeren voor één GP.

‘Dat was 43 jaar geleden en eigenlijk is het raamwerk nog precies hetzelfde’, zegt hij over de opzet van een raceweekeinde, dat sinds de allereerste F1-race in 1950 in steen is gebeiteld: trainen, kwalificeren, racen. Het is de hoogste tijd dat ze daar eens aan sleutelen, vindt Bleekemolen. ‘Vooral voor de fans. Want het is natuurlijk gek dat er in al die jaren nooit iets wezenlijks is veranderd.’

Bloedeloze optocht

De Formule 1 zoekt al jaren naar manieren om toeschouwers meer vermaak te bieden. Voornamelijk omdat het uithangbord - de race zelf - niet zelden een bloedeloze optocht is. Inhalen is nagenoeg onmogelijk geworden door de complexe aerodynamica en de verschillen tussen auto's zijn levensgroot. Dit seizoen bedreigt Max Verstappens Red Bull als eerste team sinds 2014 serieus de oppermacht van Mercedes. Daarvoor won de Duitse renstal in zeven seizoenen 102 van de 138 races.

De klasse is te vaak afhankelijk van iets als een spontane regenbui of onverwachte uitvalbeurt voor een beetje opschudding, in een tijd waarin sportkijkers juist meer opwinding wensen. Te midden van de hegemonieën van eerst Red Bull (2010-2013) en daarna Mercedes (2014-nu) verloor de klasse een derde van het mondiale tv-publiek (van 600 miljoen kijkers in 208 naar 400 miljoen kijkers in 2016).

De nieuwe Amerikaanse eigenaren van de Formule 1 stipten het gebrek aan spanning meteen aan als zwakste punt van hun sport na het kopen van de F1 in 2017. Er iets aan doen is alleen een flinke klus, ontdekten ze snel. In de Formule 1 kan elke renstal grote regelwijzigingen blokkeren. Daarbij is eigenbelang vaak leidend.

De F1-bazen legden vorig jaar de op het oog simpelste oplossing voor meer spektakel op tafel: laat coureurs als Max Verstappen in zijn snelste auto achteraan starten en dwing hem tot een inhaalrace. Zo’n korte reversed grid-wedstrijd zou dan in plaats van de kwalificatie komen. Het plan sneuvelde spoedig. Vooral omdat de topteams er niets in zagen.

Sprintrace is compromis

De Formule 1 stelde het idee dit jaar weer voor in de vorm van een sprintrace, met als compromis dat de snelsten niet achteraan hoefden te starten. In plaats daarvan wordt er op vrijdag een reguliere kwalificatie verreden om de startopstelling van de sprintrace te bepalen. De winnaar start de hoofdrace vanaf de eerste plek en verdient drie WK-punten.

In april gaven de teams groen licht. Silverstone, het voormalig oorlogsvliegveld waar in 1950 de allereerste F1-race werd verreden, werd uitgekozen als toepasselijk decor voor de revolutionaire stap.

Tal van coureurs hebben inmiddels hun mening gegeven over het nieuwe format. Zo vindt viervoudig kampioen Sebastian Vettel de extra race niks. De topauto’s zullen nog steeds soeverein zijn en inhalen blijft net zo lastig, denkt hij. Hij ziet het daarom niet als oplossing voor de structurele problemen. Racepuristen vinden dat de klasse ‘iets repareert wat niet kapot is’, omdat de kwalificatie op zaterdag al enerverend genoeg is. Michael Bleekemolen begrijpt die weerstand wel. ‘Je schopt tegen allemaal heilige huisjes aan.’

Verstappen is neutraal

Max Verstappen is ‘niet voor of tegen’ de sprintrace, zei hij donderdag. Ook al zijn er voor hem als WK-leider flink wat valkuilen bij met de sprintrace. De wedstrijd wordt verreden over 100 kilometer en zal ongeveer een half uur duren (ter vergelijking: een normale GP gaat over 300 kilometer en duurt maximaal twee uur), waardoor een fout eigenlijk niet te herstellen is. Een crash zou helemaal funest zijn.

Verder zijn teams in tegenstelling tot de hoofdrace niet gebonden aan verplichte pitstops. Coureurs kunnen daardoor voluit, vrij racen. Verstappen zal dus op zijn hoede moeten zijn voor vrijbuiters die jagen op sprintraceglorie.

Hij kon zich er vooraf niet druk om maken, bleek donderdag in het videogesprek met de Nederlandse pers: ‘Die dingen heb je niet in de hand en daar moet je dus niet te veel bij nadenken’. Als hij de sprintrace kan winnen, is het mooi. Als dat niet lukt, heeft hij er ook vrede mee. ‘Je calculeert de risico’s in’, zei Verstappen. ‘Als je maar niet achteraan start op zondag, want dat blijft de belangrijkste wedstrijd.’ Hij vertrouwt erop dat zijn collega-coureurs ook zo denken, ‘dus die zullen niet opeens heel agressief gaan rijden’.

Coureurs willen altijd racen

Hoe het in de praktijk uitpakt, blijft gissen. Sportief directeur van de Formule 1 Ross Brawn waarschuwde dat het concept niet meteen perfect zal zijn. Het gaat om een experiment, benadrukte hij deze week tegenover racesite Motorsport. Er worden dit seizoen ook nog sprintraces verreden in Monza en bij een nog nader te bepalen overzeese race.

Maar hij verwacht spektakel. Brawn: ‘Coureurs zouden nog met winkelwagentjes over een parkeerplaats racen als ze elkaar daar zouden tegenkomen. Denk je echt dat Max of Lewis met een andere mindset de eerste bocht induiken? Ik denk het niet, maar we gaan het zien.’

Meer over