Een fascinerende opwarmer voor de 1000 meter

Geen Nederlandse schaatser is erin geslaagd op de 500 meter olympisch goud te winnen en ook het viertal dat zich in Thialf na een enerverende strijd plaatste voor de sprint van Turijn zal niet tot de titelkandidaten behoren....

Voor Jan Bos, Beorn Nijenhuis, Erben Wennemars en Gerard van Velde geldt de olympische 500 meter vooral als voorbereiding op de 1000 meter. Op die afstand hebben de Nederlanders de afgelopen twee Olympische Spelen goud veroverd (Ids Postma en Gerard van Velde) en over zes weken zullen ze in Turijn opnieuw meedoen om de zege.

Ook in Thialf gold de 500 meter als opwarmer voor de 1000 meter, die vandaag op het programma staat. Het bood de specialisten van de dubbele sprint de kans zelfvertrouwen op te doen. De concurrentie bij de Nederlandse mannen is op de kilometer hevig.

Bos en Nijenhuis zullen vandaag in Thialf met het aangenaamste gevoel aan de start verschijnen. Zij moesten op de openingen van de 500 meter weliswaar ietsje toegeven op Wennemars en Van Velde, maar ze reden beduidend snellere rondjes. De rondetijden bij de sprint zijn doorgaans een goede indicatie voor de prestaties op de 1000 meter.

Vooral Bos was in zijn sas met zijn optreden, dat hij laconiek omschreef als ‘een opzetje’ voor zijn favoriete afstand. Hij gelooft niet dat de Nederlanders in Turijn enige kans hebben op een medaille op de 500 meter. ‘Dit is onwaarschijnlijk’, zei hij beduusd nadat hij zijn persoonlijke record in Thialf met 0,1 seconde had verbeterd tot 35,37.

De voormalige wereldkampioen (1998) had zichzelf geen kans toegedicht op de sprint, die hij bijna had laten schieten. De afgelopen jaren kon hij zelfs de Nederlandse toppers niet bijhouden. Als enige van de vier sprinters die zich gisteren wisten te plaatsen, was hij niet genomineerd. ‘Ik heb de laatste twee jaar niets op de 500 meter laten zien. Ik wist dat ik mezelf moest ontstijgen. Dat is nu gelukt.’

Ook Beorn Nijenhuis putte zelfvertrouwen uit zijn tweede plaats. Na de eerste 500 meter vond hij zichzelf nog terug op de zesde stek en leek olympische deelname op drie afstanden – zijn doel – een illusie. Hij wist dat hij een uitzonderlijke race nodig had en verbeterde zijn Thialf-record prompt tot 35,46. ‘Ik heb mezelf teruggetrokken op mijn kamer en me in alle stilte voorbereid. Ik wist dat ik alles moest geven. Man, wat was dit spannend.’

Simon Kuipers, de 23-jarige Noord-Hollander die op de 1000 en 1500 meter ook beter is dan op de kortste afstand, leek na de eerste 500 meter op weg naar Turijn. Hij won de race in 35,57, maar kon geen moment genieten van de zege. Bij de start had hij zijn lies bezeerd. ‘Anderhalve week geleden heb ik hem al verrekt. Ik heb het rustig aangedaan. Maar bij de eerste slag voelde ik hem al. Ik ging door, maar ik wist dat het mis was.’

Kuipers moest zich terugtrekken voor de tweede 500 meter. Hij had zo veel pijn dat hij niet eens in een rustig tempo kon inrijden. Hoewel hij zich groot probeerde te houden, was aan zijn gezicht te zien dat hij het ergste vreesde. De kans dat hij uitkomt op de 1000 en 1500 meter lijkt klein. ‘Dit is echt, echt balen’, zei hij terwijl hij vocht tegen de tranen.

Als Kuipers vandaag op de 1000 meter niet kan starten, zullen zijn sterke prestaties in het voorseizoen hem niet helpen. Hij zal niet naar Turijn gaan. Op de 1500 meter zijn de consequenties minder dramatisch. Hij heeft een zogenoemde super-nominatie, wat inhoudt dat hij heeft recht op een skate-off, begin januari, als hij vrijdag niet kan rijden.

Kuipers wilde niet over de mogelijke consequenties van zijn blessure discussiëren, maar zijn ploeggenoot Erben Wennemars nam het alvast voorzichtig voor hem op. Hij moest op zijn tong bijten om de selectiemethode voor de Olympische Spelen niet ter discussie te stellen. ‘Heb je last van je lies, dan plaats je je niet. Klaar. Het is all in the game als je een olympisch kwalificatietoernooi organiseert. Dat zijn de consequenties van deze achterlijke wedstrijd.’

Bos toonde zich minder begaan met het lot van Kuipers. Hij heeft bij de voorgaande twee Olympische Spelen steeds deelgenomen aan drie afstanden: de 500, 1000 en 1500 meter. Hij vindt dat gezond zijn op belangrijke momenten ook een talent is. ‘Een topsporter moet een hoop kunnen. Gezond blijven hoort daar zeker ook bij.’

In de discussie over de nauwkeurig omschreven selectieregels die Wennemars later deze week misschien wil voeren (‘daar hebben we het later wel over’), zal hij in Jan Bos geen medestander vinden. De voormalige wereldkampioen sprint ziet het olympische kwalificatietoernooi als de ‘halve finale van de Spelen’.

Sommigen hebben geluk, zoals Gerard van Velde die profiteerde van de afmelding van Simon Kuipers door zich als vierde te plaatsen voor Turijn. Anderen hebben pech.

Jacques de Koning had na twee 500 meters exact hetzelfde puntentotaal als Van Velde, maar kan deelname aan de Spelen vergeten. Hij had geen nominatie, de olympische kampioen op de 1000 meter wel.

Bos: ‘Wil je bij de Spelen in Turijn goud pakken dan hoort dit erbij. Het is een tussenstop op weg naar de titel.’

Meer over